PvdA houdt haar rijen gesloten

ZWOLLE, 14 OKT. PvdA-coryfee en Volkskrant-columnist Marcel van Dam roept: “Kies de minister-president!” En het verzamelde partijkader in de Buitensociëteit te Zwolle applaudisseert. De mogelijke ironie van Van Dams verwijzing naar de verkiezingsleuze die de PvdA van Den Uyl in 1977 de roemruchte overwinningsnederlaag opleverde (wél de grootste partij, maar buiten de regering) speelt geen rol. Wat de PvdA betreft is de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen van mei 1998 nu al in volle gang, zoveel is duidelijk.

Zaterdag organiseerde de Partij van de Arbeid voor de tweede keer een conferentie ter voorbereiding van een congres. De bijeenkomst volgt het beproefde recept van toespraken door voorlieden van de partij in de grote zaal, afgewisseld door discussiegroepen in bijzalen. Nieuw is dat de partijleden in de pauze behalve traditionele broodjes kaas-en-ham ook hot-dogs kunnen aanschaffen onder het genot van Rockabilly-muziek van het duo The Blue Moon Boys (“Contrabas, gitaar en zang”).

Het verschijnsel van de 'congresconferentie', bedacht door partijvoorzitter Rottenberg, is oorspronkelijk bedoeld als middel om de inhoudelijke discussie in de partij levend te houden in tijden van regeringsverantwoordelijkheid. Net als voor de eerste conferentie, november 1995, vormen zaterdag drie discussienota's onderwerp van gesprek. Deze keer gaat het om rapporten opgesteld door de Tweede Kamerleden Jan van Zijl, Karin Adelmund en Maarten van Traa over de oudedagsvoorziening, de sociale zekerheid en het buitenlands beleid.

In september 1995 leidde het rapport De wonderbaarlijke terugkeer van de solidariteit van de voorzitter van het wetenschappelijk bureau van de PvdA, Paul Kalma, tot een ruzie in de partijtop. Kalma ventileerde een weinig vleiend oordeel over het sociale beleid van het huidige kabinet. Fractievoorzitter in de Tweede Kamer Jacques Wallage voelde zich zo vlak na de Algemene Beschouwingen in de rug aangevallen door partijvoorzitter Felix Rottenberg, de initiator van de discussienota's.

Op de congresconferentie van november vorig jaar waren er bovendien woedende reacties van lokale PvdA-bestuurders die Rottenberg op hoge toon vroegen hoe zij invloed konden uitoefenen op de resolutie die uiteindelijk zou worden voorgelegd aan het congres.

De congresconferentie van dit weekeinde is vergeleken met die woelingen van vorig jaar van een voorbeeldige eensgezindheid. De inhoud van de gevoeligste discussienota's over de oudedagsvoorziening en de toekomst van de sociale zekerheid is tevoren nauwkeurig “afgestemd” met minister-president en partijleider Wim Kok en met PvdA-minister Ad Melkert (Sociale zaken en Werkgelegenheid). Bovendien zijn deze notities gericht op de politiek meest populaire periode: de toekomst.

Bevorderend voor het beeld van saamhorigheid is ook de opstelling van waarnemend partijvoorzitter Ruud Vreeman ten opzichte van partijleider Kok. Rottenberg, die nog altijd door ziekte is geveld, waarschuwde in het verleden dat de PvdA moest oppassen niet de “premier-partij” te worden. De partij moest niet alle kaarten zetten op de populariteit van Kok, maar werken aan inhoudelijke vernieuwing. Vreeman stelde zaterdag de retorisch vraag: “Moet de partij niet naar Kok toe?” Volgens hem is er niets mis mee dat het vertrouwen in “onze minister-president” zo hoog is. “Stel je de situatie eens andersom voor. Dan hadden we pas een probleem, partijgenoten.”

In de deelsessies luchten de 'boze baardjes', zoals het partijkader eens werd getypeerd, op onderdelen hun hart over de voorstellen van Van Zijl, Adelmund en Van Traa. In de grote zaal echter vinden Melkert en Kok de meeste geopperde ideeën de moeite van het overdenken waard.

De Partij van de Arbeid marcheert met gesloten rijen af op de verkiezingen over 18 maanden. Melkert en Adelmund onderkennen dat “scepsis en wantrouwen of de PvdA het nu wél kan waarmaken” op de loer liggen. Daartegen is volgens Melkert maar een kruid gewassen: “Het kruid van een consequente eensgezinde inspanning”.

Eensgezindheid wordt niet alleen totstand gebracht door het maskeren van onderlinge tegenstellingen. Minstens zo belangrijk is het creëren van een vijandige buitenwereld waartegen geknokt wordt. Tijdens de conferentie is coalitiegenoot VVD de vijand. Melkert haalt uit naar de bedenker van de “kale, kille WW”: het liberale Tweede Kamerlid Van Hoof. En Vreeman neemt het CDA voor zijn rekening. Hij belijdt geen heimwee te hebben naar het CDA dat “onderduikers wil vangen” en spreekt “met de twee gezichten Heerma of De Hoop Scheffer”.

In een vraaggesprek met Marcel van Dam laat partijleider Kok dan ook alle opties voor toekomstige coalities open. De enige eis die hij indirect stelt, is zijn eigen terugkeer als minister-president.