Tilburg centrum van schaaksentiment

TILBURG, 12 OKT. Het publiek kan zich in een melancholische mijmering op een sentimentele reis wanen of opgelucht een blik in de toekomst werpen. De indeling van de speelzaal roept herinneringen op, de namen van de commentatoren zijn niet veranderd en in de kantine van het Ondernemingshuis, het kantoor van de Kamer van Koophandel, zijn de traditionele kroketten te koop. Er wordt weer geschaakt in Tilburg en het voelt tegelijkertijd heel vertrouwd en heel anders.

Twee jaar nadat de stad een van de mooiste toernooien van het internationale schaakcircuit kwijtraakte, presenteren de zuidelijke hogescholen onder hun overkoepelende fantasienaam het Fontys schaaktoernooi. Een onverwachte nieuwkomer in de schaaksponsoring, die zoals veelvuldig blijkt, sterk leunt op de kennis en ervaring van de vroegere toernooien.

De deelnemerslijst van het eerste van de drie twaalfkampen die gegarandeerd zijn, is zowel een eerbetoon aan het rijke schaakverleden als een poging tot een afrekening met dat verleden. Het spelersveld is opgebouwd rond Anatoli Karpov, de man die de ene hoofdprijs na de andere opeiste in de jaren dat in Tilburg het fenomeen van het supertoernooi werd geboren. Uitzonderlijke gebeurtenissen van zwaar kaliber die meer dan eens 'de hoogste categorie van de wereldschaakbond' bereikten.

Nu mag Karpov zijn krachten meten met een elftal jeugdspelers, waarvan enkele, zoals de Fide-wereldkampioen bij de opening opmerkte, nog geboren moesten worden toen hij de eerste keer naar Tilburg kwam. Samen reikt dit twaalftal tot een gemiddelde rating van 2648 waarmee juist categorie 17 wordt gemist. De tijden zijn veranderd en hoewel vaak wordt geklaagd over gedevalueerde ratings, kan niet worden ontkend dat de wereldtop zich heeft verbreed.

Toch kwam het als een lichte schok dat meteen al in de eerste ronde Karpovs favorietenrol ter discussie werd gesteld. Zoltan Almasi vertelde voor de partij met een bleek gezichtje dat hij nog behoorlijk moe was van de Olympiade in Jerevan. Eenmaal achter het bord leek de twintigjarige Hongaar daar weinig last van te hebben. Karpov week af van een speelwijze waarmee hij dezelfde tegenstander vorig jaar had verslagen, zonder dat het iemand duidelijk werd waarom.

Almasi liet in de analyse na afloop tevreden zien dat hij de kracht van het witte initiatief al in een eerdere partij had bewezen. Zelfverzekerd bracht hij een pionoffer dat hem een ijzeren grip op de stelling gaf en reageerde alert nadat Karpov zich met een kwaliteitsoffer had losgewurmd. Steeds kleiner werd de kans op het mirakel dat zwart nog zou kunnen redden en na 53 zetten gaf Karpov zich gewonnen.

Almasi is niet de enige deelnemer die praktisch rechtstreeks uit Jerevan naar Tilburg kwam. Alleen Karpov en Piket speelden niet mee op de Olympiade. Karpov was wel ter plekke, maar beperkte zich tot een persconferentie om zijn steun voor Fide-president Iljoemzjinov toe te lichten. De dagen voor Tilburg verbracht hij in Spanje, waar hij meespeelde in het Spaanse teamkampioenschap.

Jeroen Piket was de enige speler die zich in alle rust kon voorbereiden. Of dat een voordeel is of een risico valt niet zinnig te beantwoorden. Zijn eerste partij was een theoretische discussie op niveau met Boris Gelfand. Log hingen de stellingen in elkaar totdat een verlichting van de spanning tot remise leidde. Piket vond dat hij iets beter had gestaan, maar gaf ook toe dat hij er nergens bij benadering in geslaagd was om dat voordeel vorm te geven.

Loek van Wely kende een warrige start. Een mislukte openingsaanpak zorgde tegen Michael Adams binnen tien zetten voor een verloren stand. Van Wely fronste zijn wenkbrauwen, kromde de rug en begon een middag te ploeteren om het bewijs te leveren waarom hij niet gewoon had opgegeven. De beloning voor zijn inzet was zoet. Zo zoet dat hij in het verre eindspel nog voorzichtig op winst kon spelen. Zover kwam het niet. Na 59 zetten werd het punt gedeeld. Glunderend kwam Van Wely in de perskamer vertellen waarom hij er nog even voor was gaan zitten: “Ik speelde door, zodat jullie begrijpen dat remise voor mij een onbevredigend resultaat is.”