Obam boekt winst met saai beleggen Door MICHIEL VAN NIEUWSTADT

Zijn meest geliefde aandeel? “Dat noem ik liever niet”, zegt directeur Rolf Stout (48) van beleggingsmaatschappij Obam van MeesPierson. Hij mág het eigenlijk niet noemen, vindt hij. Met verhulde koopadviezen is Jeffrey Vinik van het Amerikaanse beleggingsfonds Fidelity Investments immers tenonder gegaan. Vinik prees vorig jaar technologiefondsen de hemel in, terwijl zijn Magellan Fund die aandelen aan het verkopen was.

Stout lijkt er de persoon niet naar zich dergelijke uitspattingen te permitteren. “Wij kijken naar de lange termijn”, zegt hij. “We beleggen ingehouden, zonder glamour.” Saai dus? “Inderdaad.”

Stout kiest voor grote bedrijven die internationaal zijn georiënteerd. “Vaak zijn het marktleiders”, zegt hij. De portefeuille van Obam bestaat voor ruim dertig procent uit Nederlandse bedrijven. Grootste belegging was eind juni de ING-groep waarin precies vijf procent was belegd van de 1,2 miljard gulden die het fonds toen onder beheer had. Ook in Zwitserland, waar 8,4 procent van het vermogen is ondergebracht, vindt Stout ondernemingen (Sandoz, Nestlé, Ciba-Geigy) naar zijn smaak.

De weinig spectaculaire strategie heeft Obam geen windeieren gelegd. Op de jongste ranglijst van wereldwijd beleggende Nederlandse aandelenfondsen van het onderzoeksbureau Iris moet Obam alleen het ING Bank Global Fund voor laten gaan. Over de afgelopen vijf jaar prijkt Obam met een gemiddeld rendement van 12,7 procent per jaar zelfs bovenaan de ranglijst.

Belangrijke verklaring voor het goede resultaat in het afgelopen jaar (een totaal-rendement van 25,2 procent in de twaalf maanden tot 31 augustus) is de voorkeur van Stout voor defensieve aandelen, aandelen die betrekkelijk ongevoelig zijn voor schommelingen in de economische groei. Die deden het in die periode beter dan aandelen van cyclische bedrijven, ondernemingen waarvan de resultaten sterk afhankelijk zijn van de gang van zaken in de economie.

Obam houdt aandelen lang vast als ze eenmaal gekocht zijn. Gemiddeld blijft een aandeel acht jaar in portefeuille. “Niemand kan de aankoop van een aandeel goed timen”, zegt Stout. “Op deze manier houden we de aan- en verkoopkosten beperkt.” Toch kan zelfs Stout de verleiding soms niet weerstaan. Hij bekent zijn belang in Heineken naar aanleiding van de recente koersval “met enkele procenten” te hebben teruggebracht. Stout voelt zich als belegger door Heineken voor schut gezet. “Het slechte zomerweer, daar kunnen ze weinig aan doen”, zegt hij. “Maar de problemen met de integratie van die Franse brouwerij hadden ze kunnen zien aankomen.”

Nee, hij heeft geen contact opgenomen met Heineken om zijn ongenoegen kenbaar te maken. “Ik luister liever naar de mening van analisten. Contacten met een bedrijf zijn alleen zinvol als je die regelmatig onderhoudt.”

Daarvoor is geen tijd. Stout beslist als enige over de aan- en verkopen van Obam. “Ik zit niet in een ivoren toren hoor”, verzekert hij. Hij krijgt onder meer suggesties aangereikt van beheerders van andere huisfondsen van MeesPierson. Die zijn veel kleiner dan Obam.

Uiteindelijk neemt Stout zelf de beslissing: “Ik heb het overzicht”, zegt hij. “Die beheerders volgen geografische markten. Ze kunnen niet de keuze maken tussen Unilever en Procter & Gamble.”

Stout is directeur van Obam sinds 1990. Daarvoor werkte hij als beleggingsanalist voor MeesPierson “Een wereld van verschil”, zegt hij. “Als analist geef je eenvoudig een verkoopadvies als de resulaten tegenvallen. Je hebt geen slapeloze nachten. Voor een fondsbeheerder beginnen de problemen dan pas. Hij kan het aandeel al lang niet meer verkopen voor de koers die de analist boven zijn rapportje heeft gezet. Als fund manager wordt er veel scherper met je afgerekend.”

Grote missers uit het verleden? Stout denkt lang na. “BolsWessanen, was dramatisch” herinnert de Obam-directeur zich tenslotte. “Die belegging hebben we echter teruggebracht van 25 tot 30 miljoen gulden naar een kleine post van 4 miljoen.” Ook de Amerikaanse computerfabrikant Digital Equipment schaart hij voorzichtig in de categorie zeperds. “Maar ik denk toch dat ze er weer bovenop komen.”

Het aantal uitstaande aandelen Obam laat sinds anderhalf jaar een dalende trend zien van een top van ruim 14 miljoen eind 1994 tot iets minder dan 10,5 miljoen op 17 september van dit jaar. Toch is er volgens Stout bij Obam “per saldo een instroom van geld van particulieren en kleine pensioenfondsen.” Hij heeft in de afgelopen jaren echter twee grote klanten verloren. ING, dat dertig jaar in Obam heeft belegd trok begin vorig jaar haar investering ter waarde van 150 miljoen gulden terug. “Die band is altijd erg nauw geweest”, zegt Stout. “Maar er was een belangentegenstelling tussen de nieuwe fund management activiteiten van ING en beleggen in Obam.”

Deze zomer trok ook het Algemeen Burgelijk Pensioenfonds (ABP) zich terug uit Obam. Stout werd geconfronteerd met een uitstroom van nog eens 120 miljoen. “Een fonds als het onze, dat wereldwijd belegt, past niet langer in de strategie van het ABP”, zegt hij. “Zij willen hun middelen naar eigen inzicht spreiden.” Voor het ambtenarenpensioenfonds komen volgens Stout nog uitsluitend gespecialiseerde fondsen in aanmerking die beleggen in kleine aandelen of durfkapitaal verstrekken.