'Kankerpatiënt op leeftijd soms niet behandelen'

MAASTRICHT, 12 OKT. Oudere kankerpatiënten met een zeer kleine kans op genezing zouden wellicht niet in alle gevallen uitgebreid behandeld moeten worden.

Dit stelde D. Post, hoogleraar sociale geneeskunde aan de Groningse Universiteit, gisteren op een symposium in Maastricht over ouderen en kanker. Het congres werd gehouden door het Integraal Kankercentrum Limburg ter gelegenheid van het vijftienjarig bestaan.

Post: “Wellicht dat we ons vaker de vraag moeten stellen of het uitgebreid behandelen van uitzaaiingen waarbij de prognose slecht is zin heeft.” Post, die zitting had in de commissie-Dunning die de regering van advies diende over de besteding van de financiële middelen in de gezondheidszorg, zei verder: “Als de kans op genezing minder is dan 10 procent zou ook eens gesproken kunnen worden om iets niet meer te doen.”

Internist-geriater J. Fiolet van het Academisch Ziekenhuis Maastricht daarentegen zei: “Leeftijd mag nooit een absolute contra-indicatie zijn om curatie of langdurige remissiepogingen achterwege te laten.” Uit een onderzoek van het Integraal Kankercentrum Limburg blijkt dat naarmate de leeftijd vordert, het resultaat van de behandelingen afneemt.

De kennis bij de medici over de behandeling van ouderen met kanker is klein, zo werd op het symposium gesteld. “Wat in onze tekstboeken staat, slaat vaak niet op ouderen. In die zin is voor de klinische wetenschap kanker bij de oudere mens nog steeds iets bijzonders”, zei hoogleraar interne geneeskunde G.H. Blijham van de universiteit Utrecht.

Een handicap is, zei Blijham, dat ouderen vaak worden uitgesloten van deelname aan studies over effectiviteit van de behandeling, bijwerkingen en kwaliteit van leven. Van onderzoek naar mogelijke borstkanker zijn vrouwen van boven de 70 jaar uitgesloten terwijl 30 procent in die leeftijdscategorie daaraan lijdt.

In Nederland is 45 procent van mensen met kanker ouder dan 70 jaar. Mensen van 65 jaar hebben een kans van 1 op de 14 dat ze kanker krijgen, terwijl die kans bij 25-jarigen ligt op 1:700.

“Slechts 10 tot 20 procent van patiënten ouder dan 70 jaar met uitzaaiingen waarbij in principe een indicatie bestaat voor chemotherapie, wordt daarmee ook daadwerkelijk behandeld”, aldus hoogleraar H. Hillen van de vakgroep interne geneeskunde van het Academisch Ziekenhuis Maastricht. “Ook zijn ouderen zelf minder bereid om ernstige bijwerkingen door de behandelingen te accepteren wanneer de kans dat ze beter worden minder is dan 50 procent en de kwaliteit van het leven ernstig wordt aangetast.”

Volgens radiotherapeut-oncoloog S.L. Wanders van het Radiotherapeutisch Instituut Limburg worden ouderen vooral bestraald. De angst voor bijwerkingen daarvan is volgens hem niet meer terecht. “In relatief korte tijd zijn de technieken en inzichten zodanig gegroeid en verbeterd dat op dit moment veilige hoge doses kunnen worden gegeven met een minimum aan bijwerkingen.”

Vaak wordt kanker bij ouderen pas vastgesteld bij obductie. Bij 85-jarigen wordt bij 43 procent van de mannen en 34 procent van de vrouwen een kwaadaardige ziekte aangetroffen. Zo overlijdt driekwart van de vrouwen met borstkanker die ouder zijn dan 75 jaar niet aan de gevolgen daarvan maar aan vaataandoeningen. “Veel ouderen”, aldus Fiolet, “sterven mèt in plaats van aan kanker.”