Alles aan het tienerbestaan is voorlopig; Vroeger rijp, later volwassen

Wel al een baantje, maar toch een lange opleiding voor de boeg. Wel een condoom kunnen aanleggen, maar geen stofzuigerzak kunnen verwisselen. Wel al seksuele relaties, maar van korte duur. Wel studeren, maar ook nog thuis wonen. Tieners mogen alles steeds eerder, maar staan steeds later op eigen benen. Hun ouders denken mee.

'Zeg, wil je niet meer spelen onder die trap. Er zitten scherpe randen onder. In de zaal!' roept sociale werker Dolf van Ginkel streng. Twee zevenjarige jongetjes schieten onder de stalen wenteltrap vandaan, waar ze kruipend op de knieën onder speelden. Ze gaan de grote ruimte binnen, waar andere kinderen op en neer hippen op de tonen van de gabberhit Ecstasy, you've got what I need. Deze maandelijkse disco van buurthuis De Noorderzon in Gouda is bedoeld voor kinderen tussen de vier en de veertien. Negentig kinderen hangen in stoelen, dansen, kijken rond of eten kleine zakjes chips onder stroboscopisch rood, geel of fosforiserend flitslicht. Op een papiertje schrijven ze hun verzoeknummers, telkens dezelfde, in hun eigen spelling: Kaptein Jack, Lipstick I am a Raver, Aqrius van de Partij Animals of Spice Girls Wannabi.

Drie jaar geleden is Van Ginkel met een groepje toegewijde vrijwilligers met de kinderdisco begonnen. Het is een ontmoetingspunt voor kinderen die al aan andere buurthuisactiviteiten deelnemen, maar ook een trekpleister voor nieuwe klantjes. “Voor de ouders is het een stukje cultuurshock, dat hun kinderen zo vroeg al 's avonds uitgaan”, zegt hij. “De grens gaat dan iets verder open dan thuis. Kinderen doen niet wat de ouders willen, maar beslissen zelf dat ze met hun vriendje meewillen naar de disco.” Van Ginkel vindt het goed dat ze zo vroeg al zelf plannen maken. “Nu kunnen ze zelf eens meemaken wat ze horen van hun ouders en oudere broers of zussen”, zegt Van Ginkel.

Kinderdisco's zijn populair, niet alleen in Gouda. Ouders organiseren house-feestjes voor hun dochter of zoon die acht jaar wordt. Geen stoelendans of touwtrekken meer. Onder de lampionnetjes hupsen meisjes met elkaar. Sommige jongens kijken beteuterd toe, andere spelen tikkertje. Kinderen kunnen kennelijk niet vroeg genoeg beginnen. Barbiepoppen, voorheen voorbehouden aan meisjes van negen die de plastic plasbaby's al ontgroeid waren, worden nu aan tweejarigen gegeven - compleet met borsten, make up-sets en luxe-lingerie. Zwemlessen beginnen op het vierde jaar, ook al doet het kind er dan lang over het zwemmen onder de knie te krijgen. Sommige ouders geven hun baby al prijs aan het water in de hoop dat die op natuurlijke wijze boven blijft.

Kinderkleren verschillen nauwelijks van volwassen vrijetijdsdracht: spijkerbroeken, trainingspakjes, sportschoenen of spijkerjasjes. Het jeugdjournaal wijdt kinderen in met ingewikkelde onderwerpen zoals seksueel misbruik of kinderhandel. Lichamelijk worden kinderen ook steeds eerder rijp. De gemiddelde leeftijd van de eerste menstruatie ligt nu al op gemiddeld 12,4 jaar. Op hun veertiende of vijftiende gaan tieners al zelfstandig naar de disco of het café en werken ze om de drankjes en toegang (gemiddeld dertig gulden per avond) te kunnen betalen. In Gouda gaan de veertien- tot zestienjarigen naar De Herberg, een tot geluiddichte disco verbouwde boerenschuur in het naburige Reeuwijk Dorp. Oudere tieners zoeken liever praatcafés, zoals het statige hotel De Zalm aan de Markt of het met visnetten versierde café De Zeug, waar ook wel stickies worden opgestoken.

Annemieke Bartels-Kortland, jeugdarts en hoofd van de afdeling jeugdzorg van de gemeenschappelijke gezondheidsdienst Midden-Holland, heeft de indruk dat kinderen op steeds jongere leeftijd beginnen aan roken, drinken, drugs of gokken. Het eerste glas en de eerste sigaret consumeren ze gemiddeld op hun dertiende; het regelmatig roken en drinken begint bij vijftien, evenals het begin van het cannabisgebruik. Anti-tabakscampagnes die vroeger in de brugklas startten, zijn nu al nodig op de basisschool, waar sommige kinderen in groep zeven of acht al beginnen aan sigaretten. Wel geldt dat gymnasiasten later zijn dan mavo-leerlingen. “Hoe meer in het hoofd, des te later met het lijf”, zegt Bartels. “Kinderen aan een hoge opleiding zijn later met de puberteit.”

Tegenover de steeds vroegere rijpheid staat dat kinderen steeds langer thuis blijven. Ook de leerperiode wordt langer. Er is sprake van schijnvolwassenheid: de adolescentieperiode wordt verlengd. Met seks en genotmiddelen wordt onbekommerd geëxperimenteerd. Alles aan het tienerbestaan is voorlopig. De mogelijkheden die ter beschikking staan - 35 televisiekanalen, Doom-computerspelletjes, achtbanen, menselijke katapulten, bungy-jumping, videofilms, pakken condooms, pretparken en wintersport - moeten nog worden uitgeprobeerd. “Het is de generatie van de kicks”, zegt Margreet Hagdorn, hoofdredacteur van het meisjesblad Yes.

Liever thuis

Een meisje dat in groep acht van de basisschool al menstrueert en rookt, moet nog vijf tot zes jaar op de middelbare school blijven. Als ze gaat werken, zal ze nog een paar jaar van het comfort van het ouderlijke huis willen genieten, want er heerst toch geen generatieconflict. De tijdgeest dringt zich onverbiddelijk aan de ouders op: ze moeten vrijheden toestaan, wil hun kind niet buiten de boot vallen. “Thuis is de bewegingsruimte groter geworden, zodat de noodzaak tot zelfstandigheid minder aanwezig is”, zegt dr Micha de Winter, hoogleraar ouder- en kindzorg aan de universiteit van Utrecht.

Anna Westerhoff (17) zit in vijf havo van de Goudse Scholengemeenschap. Zij ziet er van af om volgend jaar voor haar opleiding het huis uit te gaan. “Ik hoor van vrienden die op zichzelf wonen dat het heel krap is. Ik houd liever wat geld over om uit te kunnen gaan”, zegt ze. Annemarieke Klarenbeek (17, 5 havo) denkt dat zelfstandig wonen ten koste van haar studie zal gaan. “Het is allemaal te druk bij elkaar, én school, én boodschappen én huiswerk. Dan blijf ik liever thuis.”

De Winter vindt dat de verlengde adolescentie van jongeren niet wordt gecompenseerd door meer mogelijkheden tot participatie in de samenleving. “Bijdehand als de jonge generatie is, wordt ze op de achterhand gehouden tot meerderjarigheid is bereikt”, stelt hij in zijn boek Kinderen als medeburgers. Opvoeders weten niet het midden te vinden tussen van boven af sturen en onverschillig vrij laten. Datzelfde geldt voor de overheid. In de wetgeving is meerderjarigheid geen duidelijke grens. De dienstplicht is afgeschaft. Stemrecht begint op het achttiende jaar, maar de ouders zijn dan nog wel verplicht om te betalen voor de studie.

Voor middelbare scholieren staat de toekomst niet open. Rudolf van der Woerd (17, 5 havo) weet niet of hij in de opleiding van zijn keuze zal worden ingeloot. Wel heeft hij alvast een gidsje waar de café's, dancings, restaurants en uitgaansmogelijkheden in alle studentensteden met elkaar worden vergeleken - alsof hij het voor het kiezen heeft.

Meedenken

Tieners nemen wel massaal deel aan het economische leven doordat ze allerhande baantjes hebben. Anna Westerhoff bijvoorbeeld werkt al ruim twee jaar elke zaterdag bij een groentewinkel en in de vakantie vier weken achter elkaar. Annemarieke Klarenbeek is op donderdagavond en zaterdag verkoopster in een modezaak. Rudolf van der Woerd steekt snoepspekkies op stokjes. Het geld hebben ze hard nodig voor de mini-scooter, vakantie en voor uitgaan dat met vervoer, rondjes, entreegeld, garderobe en sigaretten van dertig tot vijftig gulden per avond kan oplopen.

Ouders denken met hun kinderen mee. Als hun kinderen een langdurige relatie hebben met een vriendje of vriendinnetje mogen die meestal 's nachts blijven, dan kunnen ze er tenminste een oogje op houden. “Het is raar als een vriendje niet bij een meisje zou mogen slapen. Dat is echt een uitzondering”, zegt Westerhoff. Maar slapen gebeurt niet altijd voor seks, zeggen de meeste tieners en hun ouders. De tieners hoeven niet bij een oppasadres zenuwachtig aan elkaar te wriemelen tot de ouders thuis komen. Ze kunnen zelf hun moment kiezen. Sommige tieners slapen afwisselend bij de ouders van het meisje en de ouders van de jongen. 's Morgens zitten er dan twee generaties stellen aan het ontbijt. De ouders ontwikkelen een hechte band met de verloofde van hun kind, waardoor een verbroken relatie extra hard aankomt.

Deze openheid van ouders was, volgens Simon Schama in Overvloed en Onbehagen, ook een kenmerk van de Nederlandse opvoeding in de Gouden Eeuw. Volgens hem hadden de toenmalige schrijvers over opvoeding “niets te leren van Dr Spock”, de klassieke Amerikaanse opvoedingsdeskundige die het kind in zijn eigen waarde wil laten. In de schilderijen van Jan Steen kregen de kinderen de ruimte om vrolijk met volwassenen mee te doen, een slok wijn te nemen of kattekwaad uit te halen. De nieuwe verleidingen van de afgelopen tientallen jaren zijn ingebed in de Hollandse huiselijkheid. Ouders zullen niet snel verbieden, in de hoop dat het kind zich zelf aan grenzen houdt. “Als ik in het weekeind heel laat thuis kom, moet ik mijn moeder wekken. Ze vindt het goed als ze het maar weet”, zegt Saskia Verhoeven (15, 4 atheneum) uit Drunen.

Annemieke Bartels denkt dat ouders ook uit onzekerheid zo tolerant zijn. De samenleving biedt tieners een rijk gevulde etalage aan legale en illegale pret, maar bekommert zich slechts marginaal om de normen. “Ouders voelen zich geïsoleerd. Ze moeten het alleen doen en niemand helpt hen”, zegt ze. “Maar kinderen willen juist dat er grenzen worden getrokken”. In het ergste geval gaan de kinderen volgens Bartels “zelf de grenzen verleggen door druggebruik, winkeldiefstal tot op het punt dat de ouders 'nee' moeten zeggen.”

De moderne opvoeder wil veiligheidsmaatregelen voor het geval de kinderen doen wat ze niet laten kunnen. Het moderne pretpark is niet alleen opwindender, maar ook veel veiliger dan de vroegere speeltuin met de zware stalen schommels en zweefmolens. Hedendaagse tieners mogen zich in de afgrond storten, mits ze gehelmd en geharnast aan een rubberkoord hangen. Seks mag, mits gewapend met condoom en pil - het aanleggen van een condoom is in de ogen van de voorlichters een even fundamentele vaardigheid als het veterstrikken. Een veertienjarige kan naar de disco, mits zij zich op tijd laat ophalen. “Als je iemand vast wil houden, moet je hem loslaten”, zegt H. Boomsluiter, vader van een dochter van vijftien en een zoon van negentien.

Ouders, biologieleraren en voorlichters besteden veel aandacht aan voorbehoedsmiddelen. Buurthuis De Noorderzon organiseert zelfs estafettes, waarbij teams zo snel mogelijk een condoom rond een staaf moeten uitrollen. Het is onmogelijk om op twaalfjarige leeftijd niet van maatregelen tegen geslachtsziekten en ongewenste geboorten op de hoogte te zijn. De voorlichting heeft succes. De hele wereld is jaloers op het Nederlandse laagterecord in abortussen en ongewenste zwangerschappen onder tieners. Ineke Oey, schoolarts bij de Goudse Scholengemeenschap, krijgt hooguit een paar gevallen per jaar van tieners die alleen maar dénken zwanger te zijn, echte zwangerschap komt bijna nooit voor.

“Door aanpassing en onderhandeling zijn Nederlandse regeringen van verschillende politieke richtingen in de afgelopen vijftien jaar erin geslaagd om geboorteregeling ter beschikking te stellen aan tieners zonder de tegenstellingen in de samenleving aan te scherpen”, constateerden onderzoekers voor het Amerikaanse Alan Gutmacher Institute medio jaren tachtig in het tijdschrift Family Planning Perspectives. Volgens de onderzoekers is het contrast met Amerika groot. Amerikaanse tienermeisjes zijn er gemiddeld seksueel even vroeg bij als Nederlandse, maar raken gemiddeld tien tot vijftien keer zo vaak zwanger. Volgens het Gutmacher Institute verhinderen verlammende politieke conflicten het nemen van effectieve maatregelen tegen ongewenste zwangerschappen. De meeste middelbare scholen in de VS geven vroeg seksuele voorlichting en stellen voorbehoedmiddelen beschikbaar, maar thuis weten de ouders niet wat ze met die vrije boodschap aanmoeten.

Binnen het Amerikaanse gezin is minder openheid over seks dan binnen het Nederlandse. Ouders gedogen. “Amerikaanse tieners hebben de slechtste van alle werelden geërfd. Films, muziek, radio en televisie zeggen hun dat seks romantisch, opwindend en prikkelend is. Tegelijkertijd krijgen jongeren te horen dat nette meisjes 'nee' zeggen”, aldus de onderzoekers. Door het Amerikaanse dating-systeem, waarbij tieners uitsluitend uitgaan in gezelschap van een partner van de andere sekse, staan tienermeisjes wel onder druk om 'ja' te zeggen. De conservatieve moraal verbiedt het nemen van voorzorgsmaatregelen. Je moet geen 'nee' zeggen tegen seks, maar je mag er ook niet op hebben gerekend.

In de stress-samenleving van werken, filerijden en tv-kijken hebben Amerikaanse ouders weinig tijd voor hun kinderen. Vandaar dat ze hun kroost zo snel mogelijk tot zelfstandigheid willen opvoeden, zodat ze er geen kind meer aan hebben. Nederlandse kinderen met gezinsmoeilijkheden worden ook snel tot volwassenheid gehaast. Kinderen van gescheiden ouders moeten al vroeg kiezen bij wie ze gaan wonen, wanneer ze bij de andere ouder op bezoek gaan. Er is een tweedeling tussen kinderen uit probleemgezinnen en kinderen bij wie er thuis goed contact is.

Over het algemeen hebben Nederlandse ouders, vooral moeders, veel tijd voor opvoeding omdat ze parttime werken en in hun tijdsindeling rekening houden met de kinderen. Bartels, zelf moeder, vindt dat het verschijnsel van werkende ouders twee kanten heeft: “Als de moeder een baan heeft, zit ze lekkerder in haar vel. Maar de kinderen moeten zich meer schikken. De tijd voor kinderen wordt meer afgepast.”

Alles bespreken

Hans (44) en Erica (41) Boomsluiter kunnen zich niet herinneren dat hun ouders zoveel van hen wisten als zij van hun eigen kinderen. Erica, die net als haar man rijlessen geeft, zorgt altijd dat ze rond vieren thuis is voor haar dochter. Na het avondeten werkt ze weer. Met hun dochter van vijftien en zoon van negentien kunnen Hans en Erica alles bespreken - school, seksuele zaken, uitgaan en werk. Hun zoon, die bij de rijschool van de Boomsluiters werkt, wil voorlopig niet uit huis gaan. Hij heeft een kamer van tien meter lang die van alle gemakken is voorzien: televisie, video, cd. Hun dochter brengen ze elke zaterdagavond naar een uitgaanssoos in Stolwijk en ze halen haar om één uur weer op.

Hans had niet zo veel contact met zijn ouders, maar genoot daarom wel grotere vrijheid. “Wij deden alles stiekem”, zegt hij. In de Rotterdamse wijk Charlois mocht hij op zijn zevende jaar al alleen naar school. Langs de rand van de buurt liep een rails. Met zijn broer sprong hij op een wagon van de trage treinen die richting school gingen. Op woensdagmiddag liftte hij mee naar de haven om naar het laden en lossen te kijken. “Ik tuurde in de diepte van hoge platforms, terwijl ik nog niet eens kon zwemmen”, zegt hij. Zijn ouders lieten hem vrij, zolang hij maar op tijd thuis kwam.

Vergeleken bij grote steden als Amsterdam of Rotterdam is Gouda een geborgen gezinsparadijs. Kinderen krijgen ruimte. Nieuwbouwwijken met verkeersomleidingen, woonerven en speciale fietsbanen rond een oud stadscentrum met jeugdcafés. Een vijftal scholengemeenschappen dichtbij, een gymnasium en technisch onderwijs. Maar ook de Goudse kinderen groeien op de achterbank van de auto op. De ouders zijn bezorgd over de veiligheid van hun kinderen. Er zijn minder ongelukken dan vroeger, omdat de kinderen wegens de drukte niet zo vaak alleen buiten mogen spelen en met de auto naar clubjes, activiteiten en vriendjes worden gebracht. Ze zijn al vroeg gewend aan strikt ouderlijk toezicht. “We keken voortdurend wat onze kinderen aan het doen waren”, zegt Erica Boomsluiter. “Ze zijn gewend dat er op hen wordt gelet.”

Hans was 21 toen hij en Erica trouwden. Ze waren toen allang buiten medeweten van hun ouders met elkaar naar bed geweest. “We wisten eigenlijk helemaal niks”, zegt Hans. “Je stortte je niet gehinderd door enige kennis in dat huwelijk. Ik was zeer overtuigd van mezelf.” De generatie van zijn kinderen zou nooit zo snel een dergelijke stap nemen. “Veel kennis maakt je onzeker”, denkt Boomsluiter. “Mijn zoon zegt altijd: over een jaar kan alles weer anders zijn.”

Stortten Hans en Erica zich indertijd uit onwetendheid in een volwassen avontuur met verregaande verplichtingen, hun kinderen zien het nog aan. De gemiddelde trouwleeftijd is gestegen tot 29 jaar voor mannen en 27 jaar voor vrouwen. De VNU, ervaren in het ontginnen van bladenmarkten, geeft twee tijdschriften uit voor jongens en meisjes van zestien tot negentien jaar. Yes is bedoeld voor meisjes van die leeftijdsgroep en wordt volgens de VNU door 75 procent van de doelgroep gelezen. Onder de hoogst en laagst opgeleiden wordt Yes minder gelezen. Het tijdschrift behandelt de details van masturbatie en orgasme, maar ook paranormale onderwerpen als uittredingen, onzichtbare geesten of reïncarnatie. De seculier opgevoede jeugd blijkt grote behoefte te hebben aan wat de redactie van Yes 'zweef' noemt, maar is daarentegen weinig politiek geëngageerd. Het thema Bosnië wordt behandeld aan de hand van vriendjes die vluchtelingen zijn en misschien weer terug moeten.

Webber, de tegenhanger van Yes voor jongens, doet gevoelsarm aan. Het bevat pinup-girls, verhalen over motorrijden en grappen over het noemen van de verkeerde naam bij het versieren van meisjes. In het laatste nummer vertellen tienermeisjes uit Florida wat voor soort seks ze lekker vinden, er bovenop of de missionaris-positie. Voor moraal of stichtelijkheid is geen ruimte. Ook Yes is volgens hoofdredacteur Hagdorn explicieter geworden en minder “warm en romantisch”. “We noemen alles bij de naam”, zegt Hagdorn. Het Yes-meisje schaamt zich er niet voor om te zeggen waar het op staat.

Huiswerk

Ook scholen streven de openheid van het gezin na. Herman van Tongerloo (39), conrector van de havo-onderbouw van de Goudsche Scholengemeenschap, probeert er bij moeilijke leerlingen achter te komen of er problemen thuis zijn. Tot op zekere hoogte is de school ondanks grootschaligheid uitgerust op leermoeilijkheden. De schoolarts, de decaan, maatschappelijk werkster, de vertrouwenspersoon en mentoren zien erop toe dat de leerlingen niet ontsporen. “Het is mijn taak om het Riagg in te seinen bij problemen”, zegt Van Tongerloo. Hij kan ook in zeldzame openheid met de meisjes praten. Als er een zich ziek meldt met “buikpijn” concludeert hij dat ze ongesteld is. Hij rekent hun dan voor dat 150 leerlingen ongesteld raken en dat die zich toch niet maandelijks ziek kunnen melden.

Onzekere ouders die hun eigen kinderen niet aan kunnen, vragen dat wel vaak van de leraren. Van Tongerloo krijgt ook verzoeken van ouders om de kinderen aan te sporen tot huiswerk. “Ze schuiven een deel van de eigen verantwoordelijkheid af naar school.” Marokkaanse immigranten kunnen vaak de nieuwe, Nederlandse wereld van hun kind niet aan en vragen soms de school om streng op te treden tegen spijbelen, terwijl ze zelf het kind laten begaan.

Sommige leerlingen leren pas op school de vaatdoek en de stofzuiger te hanteren. De leerlingen van de havo-onderbouw moeten voor corvee de eetzaal schoon houden, maar vaak doen de ouders die taken zelf omdat ze conflicten over karweitjes willen mijden. De gezinnen zijn toch maar klein, de afwasmachine is gauw gevuld. Zo komt het dat kinderen die hebben geleerd snel een condoom aan te doen moeite hebben met het verwisselen van een stofzuigerzak.