Tories demonstreren hun weerbarstigheid

BOURNEMOUTH, 11 OKT. De Conservatieven gingen het partijcongres in Bournemouth deze week in als aangeslagen bokser. Op de rand van knock-out door stammentwisten en een reeks van schandalen. Ver op punten achter volgens de opiniepeilingen.

Maar ze eindigden het congres als trotse titelverdediger die uitziet naar een nieuwe zege. Bruisend van initiatieven die Labour in de verdediging drongen,interne tegenstellingen voorlopig begravend. Als een straatvechter die zich voelt uitverkoren om te heersen strijdt de partij voor wat ze beschouwt als haar geboorterecht: regeringsmacht.

De week begon voor de Conservatieven zo rampzalig. Labour had zich tijdens een geslaagd partijcongres juist opgeworpen als een zinderende partij voor rijk, modaal en arm, klaar om te regeren. Het schandaal van Conservatieve Lagerhuisleden die zich voor parlementair lobbywerk zouden heben laten betalen, stak onverhoeds de kop weer op, na bijna een jaar uit de kranten te zijn verdwenen. Tot overmaat van ramp kondigde de Conservatieve oud-partijvoorzitter McAlpine aan dat hij zich tot de Referendumpartij had bekeerd.

Dat verraad leek de passende opmaat voor een dodelijke broederstrijd tussen Eurosceptici en Eurofielen binnen de Conservatieven. In de aanloop naar het congres hadden voor- en tegenstanders van verdere Europese integratie elkaar verbaal beklad en bekogeld. Labour droomde al van een congres van collectieve zelfvernietiging.

Maar de partij die Groot-Brittannië sinds 1900 al driekwart eeuw geleid heeft, demonstreerde deze week in naam van de macht haar strijdlust en weerbarstigheid. Dinsdag lanceerde minister van handel Ian Lang zijn plannen om de vakorganisaties nog strakker aan banden te leggen. Minister van Binnenlandse Zaken Michael Howard beloofde nog strengere straffen voor criminelen. Inbrekers raken voortaan niet alleen hun vrijheid maar ook hun rijbewijs kwijt en jeugdige wetsovertreders komen met naam en toenaam in de krant. Luide en langdurige bijval oogstte de bewindsman ook met zijn stimulerende woorden: “Als liefhebbende ouders hun kinderen willen slaan, staat niets hen in de weg.”

Woensdag was het minister van Sociale Zaken Peter Lilley die strengere sancties tegen bijstandssjoemelaars in het vooruitzicht stelde. Gisteren verklaarde minister van Onderwijs Gillian Shephard de oorlog aan rebelse scholieren. Ouders zijn voortaan aansprakelijk voor het wangedrag van hun schoolgaande kroost. En premier Major begon vanmiddag persoonlijk een kruistocht voor de afgeslankte welvaartsstaat.

Met die stroom van aankondigingen, plezierde de regering niet alleen de eigen achterban. Ze demonstreerde ook dat de partij na zeventien jaar nog lang niet is uitgeblust, zoals de oppositiepartijen beweren. Ze profileerde zich als de enige echte partij van recht en orde, vóór privatisering en tegen stakers, vóór belastingverlaging en tegen verkwanseling van de Britse soevereiniteit.

Nadat woensdag eerst minister van Buitenlandse Zaken Malcolm Rifkind en later premier Major het regeringsstandpunt verdedigden om een beslissing over Britse deelneming in de Europese munt pas na de verkiezingen te nemen, begroeven Eurofielen en Eurosceptici tijdelijk de strijdbijl. Als leeuwen hadden de Eurosceptici gestreden om vervanging van de pond door de euro nog voor de verkiezingen uit te sluiten. Vol vuur hadden ze betoogd dat zo'n anti-Europese houding de Conservatieven aan de verkiezingswinst zou helpen. Maar ze erkenden dat ze het gevecht voorlopig hadden verloren. Doorgaan zou politieke zelfmoord zijn.

Het was geen toeval dat juist het meest Eurosceptische kabinetslid, minister van Defensie Michael Portillo, gisteren opriep tot “eenheid, eenheid, eenheid”. En eenheid was wat de partij gisteren voor het eerst in jaren demonstreerde. Vóór het congres hadden Eurosceptici nog onomwonden om het aftreden gevraagd van de pro-Europese minister van Financiën Kenneth Clarke. Hem zagen ze als enige sta-in-de-weg voor een Eurosceptisch regeringsstandpunt. Hem schilderden ze af als Paard van Troje omdat hij de ingrijpende belastingverlagingen blokkeert die zij juist onontbeerlijk achten voor de verkiezingswinst.

Maar de man die de afgelopen dagen in de marge van het congres nog keer op keer belachelijk was gemaakt, kreeg gisteren de langste ovatie van de hele week. Hoewel hij geen duimbreed afweek van zijn standpunten die door een deel van de partij worden verguist. Zijn tegenstanders kwam hij alleen oratorisch tegemoet door te bezweren dat hij natuurlijk tegen een Verenigde Staten van Europa is en vóor belastingverlaging. Maar Groot-Brittannië moet zijn opties ten aanzien van Europa zolang mogelijk openhouden, betoogde Clarke. En belastingverlaging mag het welzijn van de economie niet schaden. “Op onze economische staat van dienst winnen we de verkiezingen”, bulderde Clarke. De 'verrader' werd als 'verlosser' bejubeld. De Conservatieve partij hervond zich deze week.