Iran ziet schaduw VS achter opkomst Talibaan

De Islamitische Republiek Iran beziet de ontwikkelingen in het buurland Afghanistan met de grootst mogelijke bezorgdheid. De machtsovername van de Talibaan in Kabul vormt het begin van een grotere crisis in Afghanistan, zo heeft Teheran gewaarschuwd. “Wat er ook maar in Afghanistan gebeurt, raakt onze nationale veiligheid. Daarom kunnen we er niet onverschillig onder blijven”, aldus minister van buitenlandse zaken Ali Akbar Velayati.

De nieuwe machthebbers in Kabul, de Talibaan, mogen zich dan evenals de leiders in Teheran als een islamitisch regime presenteren, de Iraanse geestelijkheid voelt geen enkele verwantschap met hen. Laat staan dat zij met de Talibaan de kern zouden willen vormen van een fundamentalistisch machtsblok.

Opperste Leider Ali Khamenei brandmerkte de Talibaan deze week als “onislamitisch”. “In Irans nabijheid worden helaas onislamitische en onaanvaardbare daden verricht in naam van de islam door een groep waarvan de bekendheid met de islam twijfelachtig is”, aldus ayatollah Khamenei tot geestelijken in Teheran. De Talibaan waren woedend.

Tot in de conservatiefste hoek in Iran wordt de opstelling van de Talibaan jegens de vrouw verketterd. Meisjesscholen sluiten, werkende vrouwen naar huis sturen, dat is niet Irans idee van een islamitische politiek. Alle vrouwen in Iran zijn verplicht een hoofddoek te dragen, het onderwijs is zoveel mogelijk gescheiden - ter bescherming van hun eer, voeren de autoriteiten aan. Maar tegelijkertijd worden vrouwen aangemoedigd een goede opleiding te volgen en te gaan werken: dit jaar werd zelfs een vrouwelijke sporter naar de Olympische Spelen afgevaardigd.

De Talibaan zijn behalve diep traditioneel ook sunnitisch, in tegenstelling tot de shi'itische Iraniërs. Maar hiermee zouden de in buitenlands-politiek opzicht pragmatische Iraanse leiders in principe prima kunnen leven. Irans internationale relaties worden niet door de geloofsrichting gedicteerd.

Maar Iran is ervan overtuigd dat de Talibaan worden gestuurd door Pakistan (wapens en logistiek) en Saoedi-Arabië (geld), met de Verenigde Staten als kwade genius op de achtergrond die beogen de Islamitische Republiek te destabiliseren. Minister Velayati beschuldigde Washington er deze week in een vraaggesprek met de Iraanse krant Ettelaat onomwonden van de Talibaan te steunen. “Niet alleen veroordeelden de Amerikanen hen niet, maar ze stonden ook achter hen (..) Sommige (Amerikaanse) politici impliceerden dat de bedoeling van de Amerikaanse steun voor die groep is Iran te confronteren.”

Velayati doelde op aankondigingen uit Washington, direct na de machtsovername in Kabul, dat er nu eindelijk een uitzicht werd geboden op beëindiging van de anarchie in Afghanistan. Er werd gezinspeeld op herstel van de diplomatieke aanwezigheid van de VS in Afghanistan. Een woordvoerder van het State Department zei dat de VS “niets afkeurenswaardigs” konden zien in de stappen die de Talibaan tot dan hadden genomen om de islamitische voorschriften door te voeren in de tot dan door hen overgenomen gebieden. Dit, aldus ayatollah Khamenei, “toont duidelijk aan dat de Amerikaanse propaganda op het gebied van de verdediging van de rechten van de mens en van de vrouw totaal leugenachtig is”.

De Iraanse angst is goed verklaarbaar: Washington ziet het islamitische regime in Teheran als steunpilaar van internationaal terrorisme en hamert erop dat de wereld het moet isoleren. De VS hebben vorig jaar eenzijdig een handelsboycot tegen Iran afgekondigd, en dit jaar besloten buitenlandse bedrijven te straffen die in Iran investeren. Tevens is de CIA een bedrag van 20 miljoen dollar toegekend om de Iraanse regering via geheime acties te ondermijnen.

Iran wil rust aan zijn grenzen. Zijn economische toestand is slecht, mede door toedoen van de VS, en dat kan tot gevaarlijke onrust onder de bevolking leiden. Het wil rust in Afghanistan, omdat het dan de ruim 1,5 miljoen Afghaanse vluchtelingen kan terugsturen die de erfenis vormen van de Afghaanse oorlog tegen de Sovjet-bezetting in het land. De Afghanen worden door de Iraanse bevolking diep gehaat, al doen ze het werk waarvoor de Iraniërs niet meer te porren zijn, en het regime wil van hen af.

Maar die rust verwacht het niet onder een alleenheerschappij in Afghanistan door de Talibaan. In plaats daarvan bepleit Teheran een brede regering - waarin het zijn bondgenoten heeft. Iran onderhoudtgoede relaties met de vorige machthebbers in Kabul, president Burhanuddin Rabbani en de zijnen. De Iraanse diplomatie heeft zich ingespannen om in India, China en Rusland steun te vinden voor Rabbani, en tegelijk voortdurend bemiddelingspogingen ondernomen. Vorige maand kondigde Teheran nog een regionale vredesconferentie, in samenwerking met de VN, aan. De Talibaan hebben daarvan tot dusverre nooit iets willen weten.

Als de Talibaan niet inbinden, zal Iran zijn vrienden in Afghanistan zonder twijfel extra steun geven. “We hopen dat zij die niet in vreedzame onderhandelingen geloven, hun opinie zullen wijzigen”, waarschuwde onderminister van buitenlandse zaken Alaeddin Borujerdi, belast met de bemiddeling inzake Afghanistan, vorige week. “Anders zullen zij onder de consequenties moeten lijden.”