'In Mexico zet zelfs de president een bivakmuts op als het moet'

Sinds juni van dit jaar is op het platteland van Mexico een nieuwe guerrillabeweging actief. Samen met de Zapatisten van de populaire 'subcommandant' Marcos brengen zij het land dieper in de problemen.

MEXICO-STAD, 11 OKT. Hij telefoneert op twee lijnen tegelijk: vliegticket regelen naar een onbekende plaats in het buitenland, nog even zijn vrouw bellen. “Ik weet niet hoe lang ik wegblijf. Echt, ik moet ophangen. Zoen de kinderen.” Wegwezen moet hij. Zo snel mogelijk het land uit. “Het gaat erom dat je sneller bent dan zij”, zegt Manolo terwijl hij wat spullen uit de la van zijn bureau in een tas propt.

Die nacht is een collega van de journalist Manolo Morales ontvoerd. Het telexbericht ratelde nog geen uur geleden op zijn krant in de Mexicaanse hoofdstad binnen: “Hoofdredacteur van het weekblad Contrapunto in deelstaat Oaxaca ontvoerd”. Vier gewapende mannen. Een bestelbus. Een motorfiets. Het was elf uur 's avonds. Met getrokken pistolen en een machinegeweer dwongen ze hoofdredacteur Razhy González in het busje te stappen. “Het ging razendsnel”, vertelde een ooggetuige. De ontvoerders waren onherkenbaar. Bivakmutsen over hun gezicht. Zwarte kleren zonder insigne. “Het leken wel militairen of politiemensen”, vertelde de getuige over de professionaliteit waarmee de ontvoering werd uitgevoerd.

Op de redactie in Mexico-stad woelt Manolo Morales door zijn haar. Hij twijfelt er niet aan. Ook hij staat nu op de nominatie ontvoerd te worden. Samen met Razhy González en nog zes andere journalisten had hij twee dagen eerder de commandanten van de Mexicaanse guerrillaorganisatie EPR (Revolutionair Volksleger) ergens in de bossen van Oaxaca geïnterviewd. “Dit is een wraakactie”, zegt Morales. Het was de eerste keer dat de mysterieuze organisatie zich van dichtbij liet zien. Nog steeds heeft Manolo rode vlekken bij zijn ogen. Zeven uur is hij geblindoekt door de bergen gevoerd naar de plek waar het interview met de gemaskerde 'commandanten' uiteindelijk plaatsvond.

Wie zou hem nu willen ontvoeren? De EPR zelf lijkt toch onwaarschijnlijk. Is het dan de politie die hier, gemaskerd en al, journalisten kidnapt? Manolo lacht. “Wat dacht je”, zegt hij terwijl hij zijn volle schoudertas dichtduwt. “In Mexico zet als het moet zelfs de president een bivakmuts op.”

Sinds de eerste golf aanslagen van de EPR eind augustus, wordt in Mexico druk gespeculeerd over de oorsprong van deze gewapende groep. De regering had snel een oordeel klaar. De EPR zou heel anders zijn dan de Zapatistas in de zuidelijke deelstaat Chiapas, geleid door de pittoreske 'subcommandante' Marcos met zijn pijp en zijn bivakmuts. De Mexicaanse staat onderhandelt al twee jaar met hem. “Marcos staat aan het hoofd van een politieke beweging met een brede sociale basis”, zei president Ernesto Zedillo tegen een Amerikaanse krant. De EPR daarentegen bestaat volgens hem uit “criminelen en moordenaars” en vergt de “grootst mogelijke inzet van de staat”. Sindsdien heerst het leger in de onrustige deelstaten.

De EPR-aanslagen van 28 augustus kwamen voor heel Mexico onverwachts. Al bijna twee jaar lang hebben de Zapatistas in de bossen van de deelstaat Chiapas geen schot meer gelost. En plotseling worden er in vier deelstaten - waaronder Chiapas - kazernes, politiebureau's en regeringsgebouwen beschoten. Het was het grootste binnenlandse offensief sinds de grote Mexicaanse revolutie van 1910.

Na twee dagen vingen de federale troepen hun eerste 'terrorist'. Een arme boer uit Oaxaca. Met een schotwond in zijn been werd met hem langs de pers geparadeerd. De boer vertelde dat hij één dag training had gehad, voordat hij met een nieuwe AK-47 mitrailleur de strijd in was gestuurd. Een paar dagen later werden opnieuw twee 'terroristen' gepakt. Zij zouden op 28 augustus in de deelstaat Tabasco het radioprogramma 'Op Je Gezondheid' hebben verstoord. De presentator van de staatsradio weet het nog precies. “Ze kwamen de studio binnen met een groen clownsmasker voor en een groene muts op. Een van hen vroeg met veel respect de microfoon te leen, om even een communiqué van de EPR tegen de staat voor te lezen”, vertelt presentator Adonay Jimenez door de telefoon. En wat blijkt een paar dagen later? De veronderstelde terroristen van 'Op Je Gezondheid' zijn lid van de regeringspartij PRI. Niet alleen zitten ze voor die partij in de gemeenteraad, ook blijken ze als campagneleiders te werken voor de gouverneur van Tabasco, waarmee ze recentelijk nog op de foto staan. Er werd ook een brief ontdekt aan een van hen met een uitnodiging voor een privé-onderhoud met president Zedillo.

“Is de EPR opgezet door de regering? Is het een echte guerrillabeweging? Niemand in Mexico die het weet”, zegt professor Rafael Ruiz Harrell terwijl hij met zijn lange vingers een vraagteken zwiert in de lucht. “Maar één ding is zeker”, zegt Ruiz, die tevens vice-president is van een gezaghebbende onafhankelijke mensenrechtencomissie. “Of de autoriteiten het nu zelf op touw hebben gezet of niet. Uiteindelijk is de regering met zijn corrupte bestuurders, en voortdurende intimidatie van de Indiaanse boerenbevolking voor dit geweld verantwoordelijk.”

Ruiz beschrijft hoe eerst de Zapatistas, en nu weer de EPR het opgepoetste beeld verstoren van een democratiserend Mexico. De Noord-Amerikaanse vrijhandelsovereenkomst (NAFTA) uit 1994 zou Mexico op weg helpen naar een plek tussen de rijke democratieën van de wereld. Extra bezorgd kijken de VS nu naar de onrust in de tuin van de zuiderbuur die zij twee jaar geleden nog zo liefdevol aan de borst drukten.

Bijna zeventig jaar lang was Mexico een buffer aan de Amerikaanse zuidgrens. De merkwaardige 'democratische partijdictatuur' van de PRI (Partij van de Geinstitutionaliseerde Revolutie) zorgde ondanks alles voor een grote stabiliteit. Nu elders in Latijns Amerika dictators en vrijheidsstrijders het museum van de geschiedenis in marcheren, blijkt in Mexico opeens de rek eruit. “De guerrillabewegingen op het Mexicaanse platteland bewijzen dat de PRI niet ongestraft de helft van het land kan blijven beroven van elke maatschappelijke ontwikkeling”, zegt Ruiz. Of de EPR nu authentiek is, of in het leven geroepen door de PRI-potentaten. Het bewijst dat het Mexicaanse systeem in zijn voegen kraakt.

Op het kantoor van zijn commissie voor de mensenrechten bezit Ruiz een indrukwekkende lijst. Mishandeling, intimidatie en onteigening van arme boeren. In de staten waar nu de EPR opereert is de terreur het hevigst. Ruiz bladert verder door de dikke dossiers. Moord, verdwijningen. Leger en politie maken zich eraan schuldig, zonder dat iemand ooit wordt gestraft.

In dat opzicht is het niet verwonderlijk dat de 'criminele' en 'terroristische' EPR in Mexico kan bogen op populariteit, meent Ruiz. Meer dan een derde van de Mexicaanse bevolking is vóór geweld als 'middel tot het bestrijden van onrecht', zo blijkt uit een recente enquête van het onafhankelijke dagblad Reforma.

Een vrouw brengt dampende borden met taco's rond. Het drukke eethuis ligt in een van de 79 straten in de hoofdstad die naar de mythische boerenleider Emiliano Zapata uit de Mexicaanse revolutie zijn vernoemd. Op de staatstelevisie springen bolborstige dames rond. Maar op de radio, in de andere hoek van de zaak, klinkt het bericht van de vrijlating van hoofdredacteur Razhy González in Oaxaca. “Ik ben ervan overtuigd dat ik ontvoerd ben door de justitiële politie”, zegt de vermoeide stem van González, die drie dagen lang geblindoekt is ondervraagd. Hijzelf en zijn gezin werden door de ontvoeders met de dood bedreigd.

Een tafeltje verderop ontspint zich een felle discussie. Over de conclusie van González zijn de twee mannen het eens: natuurlijk was de dader de gehate justitiële politie. Geen twijfel. Het is over de guerrilla dat ze van mening verschillen. Die Zapatisten van Marcos moesten maar eens een voorbeeld nemen aan de EPR, meent de man met de stropdas. “Twee jaar onderhandelen en nog geen resultaat. Dan kun je er beter frontaal tegenaan.” Hoofdschuddend schept de ander hete saus in zijn taco. De corrupte politie beschieten vindt hij best. “Maar wat die Indígenos (inheemsen, red.) eigenlijk willen is geld verdienen zonder te werken.” Ik kijk de man eens goed aan. Een smoezelige trui. Daarboven dezelfde hoge jukbeenderen, dezelfde donkerbronzen kleur als de misprezen 'Indigenos'. “Dit land is volstrekt schizofreen, je zult er genieten”, had Manolo Morales gezegd. Gelukkig is hij nu weer terug.

(Om veiligheidsredenen is de naam van de journalist Manolo Morales gefingeerd.)