SLUIPENDE ZIEKTE

Aan het einde van de jaren zeventig bemerkten Zweedse onderzoekers dat onder werknemers die voortijdig waren gepensioneerd door neurologische en psychiatrische klachten zich een onevenredig groot aantal mensen bevond dat tijdens het werk aan organische oplosmiddelen was blootgesteld. Ze konden dit epidemiologische verband niet hard maken, evenmin als andere onderzoekers.

Intussen bestaat wel overeenstemming over het feit dat overmatige blootstelling aan oplosmiddelen als thinner, tolueen, hexaan en andere verfverdunners schadelijk kan zijn voor de gezondheid. In eerste instantie geven deze oplosmiddelen een dronken of vrolijk gevoel en grote vermoeidheid. Sluipenderwijs worden de verschijnselen ernstiger en blijvender: traagheid, vergeetachtigheid, concentratieverlies, hoofdpijn, somberheid, spierpijn, agressiviteit en tekenen van dementie. Dan spreekt men van het organisch psychosyndroom (OPS).

Deze beroepsziekte kan al vele slachtoffers hebben gevergd, want oplosmiddelen worden niet alleen gebruikt door schilders, maar ook door autospuiters, drukkers, stoffeerders, classificeerders en werknemers in de land- en tuinbouw. De vakbonden pleiten er daarom voor de produktie en het gebruik van oplosmiddelhoudende stoffen sterk terug te dringen en over te gaan op oplosmiddelarme verf, bijvoorbeeld op basis van acrylaat.

Voor de betrokkene zelf is er maar één oplossing: zo snel mogelijk een ander beroep kiezen. Als het zenuwstelsel eenmaal is beschadigd, is er geen redden meer aan. De diagnostiek van OPS is niet eenvoudig doordat de ziekte sluipend optreedt. De diagnose vergt zeer specialistische deskundigheid. Informatie bij het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten, (020) 5 66 53 87. Patiënten en familieleden van lijders aan OPS hebben de Vereniging Organo-Psycho-Syndroom opgericht, (0320) 24 35 20.