Meer Amerikaans

TRUCKFABRIKANT DAF verliest over enkele weken zijn zelfstandigheid wanneer het bod van de Amerikaanse concurrent Paccar door de aandeelhouders van DAF wordt geaccepteerd. Daarmee komt een einde aan meer dan zestig jaar zelfstandigheid. Voor DAF is de nieuwe constellatie, met een aandeelhouder die succesvol actief is op de wereldtruckmarkt, een complete verandering. President-directeur C. Baan, die drie jaar volhield dat DAF slechts samenwerking op deelterreinen (componenten, zoals assen, motoren) wilde, is akkoord met een totale overname.

De samenwerking over componenten moet DAF blijven nastreven, want Paccar is bovenal een assemblagebedrijf, geen ontwikkelaar/producent van componenten. Paccar lijkt geen echte industriële partner voor DAF, eerder een financiële aandeelhouder met kennis van de truckmarkt, die zijn Europese concurrenten op hun eigen thuismarkt wil aanpakken.

Baan zegt dat het altijd zijn bedoeling was om DAF als merk op de weg te houden. Dat wil Paccar, maar zou elke andere koper ook doen, want in het merk schuilt mede de waarde van DAF. Baan verzette zich vanaf de wederoprichting in 1993 die op het bankroet volgde tegen overname of vergaande samenwerking. Al stond voor toenmalig minister Andriessen van Economische Zaken, die de wederoprichting mede mogelijk maakte, toen al vast dat DAF alleen op termijn geen haalbare kaart was. De opvatting van Andriessen heeft gewonnen.

DE UITKOMST IS geen schande, en in zekere zin zelfs onvermijdelijk. DAF alleen kan de concurrentieslag en de ontwikkeling van nieuwe modellen niet aan. De zelfstandigheid die DAF claimt te krijgen binnen het Amerikaanse Paccar-concern zal van een hele andere orde zijn dan personeel en directie gewend waren. De versnippering van de aandeelhoudersgroep van DAF gaf de directie relatief veel vrijheid, de commissarissen waren in de Nederlandse verhoudingen oppermachtig en op de achtergrond wist men de overheid, die in het verleden enkele malen met financiële steun en opdrachten bijsprong.

Dat zal met Paccar rigoureus veranderen. De zeggenschap van de commissarissen wordt sterk gereduceerd, de directie werkt straks voor een Amerikaans bedrijf dat sinds 1938 geen verlies meer heeft gemaakt en de “verzekeringspolis” van de BV Nederland maakt plaats voor het belang van de aandeelhouder. De verkoop van DAF is voor de overheid na de verkoop van aandelen in KPN en DSM opnieuw een lucratieve privatisering, maar ook een waar zij weinig voor heeft hoeven doen.