De triomf van het natscheren

Reeds ver vóór de oude Egyptenaren schoor de geciviliseerde man zijn baard af, met moeite en irritatie, zodat de scheerinnovatie al millennia lang een van de weinige constanten is in de wereldhistorie. Op grottekeningen van 20.000 v. C. staan mannen met èn zonder baard. Men schoor zich met scherpe vuurstenen, vulkanisch glas door de baardharen met schelpen uit te trekken of te verwijderen met een soort klei.

De Egyptenaren hadden stenen en bronzen messen, de Romeinen kenden puimsteen en stalen messen. Het veiligheidsmes werd in 1762 uitgevonden door de Franse barbier Perret. Veel later kwamen de bekende platte, toen nog snel roestende, mesjes voor de man die zichzelf schoor.

Ondanks al die voorgeschiedenis is het verbazingwekkend dat pas de laatste decennia een enorme versnelling hebben gebracht in de scheertechnologie, die nu een mijlpaal bereikt met de introductie van de FX Performer van Wilkinson, een tweelingmesje dat flexibel is en zich buigend aanpast aan de gezichtsvorm. Het is een totnutoe voor onvoorstelbaar gehouden technische natscheertriomf in de strijd tegen de 15.000 haren die gemiddeld per dag 0,375 mm groeien.

Sinds de jaren '30 was het elektrische droogscheerapparaat onontbeerlijk voor de moderne man. Maar het waren toch kalme tijden: het staafje, later verdubbeld tot het 'eitje' van Philips, de brede Remington en de lange Braun muteerden naar schatting slechts om de vijf jaar tot een iets betere versie. De snelheid waarmee nu in de natscheersector steeds weer nieuwe, verbeterde en nog revolutionairder mesjes op de markt komen, wordt slechts geëvenaard door de almaar weer witter en schoner wassende zeeppoeders.

De Nederlandse droogscheersector raakt ook steeds verder achterop: de stijging in de bestedingen van 1993 tot '95 was 9,2 procent tot een bedrag van 11,4 miljoen gulden. In de natscheersector was de stijging 29,5 procent tot een totaal van 85,1 miljoen. Zes op de tien mannen tussen de 18 en 35 scheert zich altijd nat, een op de vier altijd droog, een op de vijf wisselt.

Onderzoek naar mesjes in de rekken van drogist en supermarkt lijkt wel scheerarcheologie. Het in de jaren '50 geïntroduceerde klassieke, maar nu toch wel erg ouderwetse, platte dubbelzijdige roestvrijstalen mesje is nog steeds verkrijgbaar in de vorm van de Gillette Super Silver of de Schick Premium. Ik ken iemand die ze nog met overtuiging gebruikt, maar ik vermoed dat de meeste omzet toch verband houdt met coke-portionering of aanwendingen in de verfspatverwijderindustrie.

De rekken puilen uit van de nieuwste verharde, verplatinumde, verscherpte, veredelde en verdubbelde mesjes van de afgelopen jaren: de G II plus, de Contour, de Contour Plus, de Sensor en de Sensor Excel van Gilette, de Protector van Wilkinson, in Amsterdam naar het voorbeeld van de voetbalvla ook in Ajax-vorm. Ze verschillen wat betreft glij-voorzieningen als lubra-strip, rubber lamellen en aquaglide. Onderin liggen de basics: plastic weggooi-apparaatjes van Bic in diverse soorten. Slechts enkele apparaten zien we niet terug, zoals die met de verdraaibare lange stalen band van Schick. Met welk Schickmesje ook weer schoren die 26 of 68 kappers zich glad?

Nu is er dan de Wilkinson die zich soepel buigt rond kin en kaak. Het werkt goed, al blijft scheren toch corvee. Tot de voorspelbare imitatie en de volgende innovatie heeft Wilkinson een voorsprong op de wereldnatscheermarkt. De toekomst is overigens door het toenemend fundamentalisme niet zonder zorgen: in Afghanistan is zojuist het scheren in elke vorm verboden.