'Singapore is streng, maar geen politiestaat'; Premier Goh op bezoek om Europa beter te leren kennen

Premier Goh Chok Tong van Singapore begint woensdag aan een driedaags bezoek aan Nederland. Hij zal onder meer ontmoetingen hebben met premier Kok en koningin Beatrix.

SINGAPORE, 8 OKT. Bijna zes jaar is hij inmiddels minister-president van Singapore, maar voor een groot deel van de Westerse wereld staat Goh Chok Tong nog steeds in de schaduw van zijn vermaarde voorganger Lee Kuan Yew. In de kwart eeuw dat de nu 72-jarige Lee zijn land leidde, creëerde hij in Singapore een economisch wonder. Het land groeide uit tot een efficiënt, strak georganiseerd centrum voor handel, produktie en financiën in het Verre Oosten. Toen alles stevig stond, mocht Goh de leiding van Lee overnemen.

“Ik heb vanaf het begin heel duidelijk tegen het volk gezegd: alstublieft, vergelijk mij niet met mijn voorganger. Zijn schoenen zijn zo groot, de mijne zo klein. Het is voor mij veel comfortabeler in mijn eigen schoenen te blijven lopen”, zegt Goh. “Mijn persoonlijkheid en stijl verschillen erg van die van Lee Kuan Yew.”

Ze zien elkaar vrijwel dagelijks, Goh en Lee, partijgenoten van de People's Action Party (PAP) die Singapore, sinds het land zich losmaakte van Maleisië in 1965, onafgebroken heeft geleid. Beiden houden kantoor in Istana Singapura, het voormalig onderkomen van de Britse gouverneur. De majestueuze koloniale villa ligt op een groene heuvel, omringd door een kleine privé golfbaan, midden in het drukke centrum van de stadstaat. Toen Goh Chok Tong premier werd, bood Lee hem zijn werkkamer aan, maar Goh wilde dat zijn voorganger in zijn eigen kamer bleef zitten. Dat was nu eenmaal de kamer van Lee Kuan Yew, die sinds zijn aftreden de ere-titel 'senior-minister' draagt. Goh ging een etage hoger zitten.

In plaats van de lift neemt de 55-jarige Goh elke ochtend de 87 treden tellende trap naar zijn werkplek. “Dat is een goede oefening om fit te blijven”, zo citeert Singapore's Straits Times de premier deze morgen op de voorpagina, verwijzend naar een nieuwe overheidscampagne waarin de regering Singaporezen aanspoort meer aan sport te doen. “Gelukkig hebben we nog steeds een bevolking die luistert naar de regering”, vertelt Goh terwijl hij in zijn kantoor Chinese thee drinkt uit een kleine porceleinen beker. “We geven als overheid een algemene richting aan voor het gedrag van onze mensen.”

De lokale pers speelt een grote rol in het overbrengen van die boodschap. De engelstalige Straits Times is de belangrijkste spreekbuis van de regering. “Het is de taak van de Singaporese pers de regering te helpen in de opvoeding en ontwikkeling van de bevolking. Er zijn zoveel dingen die de mensen niet weten. De media kunnen helpen die zaken op een aantrekkelijke manier onder de aandacht van het volk te brengen”, meent Goh. “Dat betekent dat de Singaporese journalisten dus niet het Westerse model volgen waar je gerespecteerd wordt als je de gevestigde orde aanvalt.”

De paternalistische houding van de overheid naar de ruim drie miljoen Singaporezen is een terugkerend element in verhalen over het land in de Westerse pers. Lovende artikelen over de indrukwekkende economische ontwikkeling van het land, worden afgewisseld met kritische bespiegelingen over het autoritaire regime waarin Singapore veelal wordt afgeschilderd als politieke dictatuur waar 'Big Brother Government is watching You'. “Ons imago kan beter. Er bestaat hier geen politieke dictatuur en het beeld van een autoritaire staat is erg overdreven”, meent Goh. “We zijn als regering inderdaad een stuk strenger en gedisciplineerder vergeleken met andere landen. Maar er is erg veel ruimte voor de mensen hier om dingen te doen. Singapore is geen politiestaat.”

In de ogen van de Singaporese regering schetst de Westerse pers regelmatig een misleidend of fout beeld van het land. Dat leidde de afgelopen jaren tot incidenten waarbij de circulatie van een aantal Engelstalige dagbladen en tijdschriften werd teruggeschroefd. In sommige gevallen werden de vermeende boosdoeners - auteur, hoofdredactie en uitgever - voor de rechter gesleept en kregen zij hoge boetes opgelegd. Vorig jaar nog veroordeelde een Singaporese rechter de Amerikaanse International Herald Tribune tot een boete van ruim een miljoen gulden wegens belediging van drie prominente Singaporese politici, onder wie Goh Chok Tong.

“We zijn heel duidelijk naar buitenlanders die hier wonen of werken en naar alle journalisten die dit land bezoeken: bemoei je niet met onze lokale politiek!” zegt Goh. “Onze politiek is bedoeld voor onze mensen.” Op zijn beurt wil Goh zich ook niet inmengen in de Nederlandse politiek. “Neem de drugs. We voeren wat dat betreft een volledig andere politiek dan Nederland. Ik respecteer het Nederlandse beleid, hoewel ik het er niet mee eens ben. Maar ik vraag de Nederlanders ook ons recht te respecteren om op onze manier met het drugsprobleem om te gaan”, zegt Goh.

Nederland bouwde de afgelopen jaren in Singapore een dubieuze reputatie op wat betreft drugs. Kort na elkaar werden een Nederlandse vrouw (Maria Krol) en een man (Johannes van Damme) opgepakt wegens drugssmokkel. Krol werd vrijgesproken, Van Damme niet. Hij was in 1994 de eerste Westerling die in Singapore werd opgehangen. “Ik ben bereid in Nederland nogmaals uit te leggen waarom wij de doodstraf hebben voor drugssmokkel. Wij beschouwen dat als een zonde. Als we er niets aan doen, vernietigen die smokkelaars duizenden mensenlevens. Singapore is in veel opzichten een doorvoerhaven en we zitten vlakbij de Gouden Driehoek, het centrum van drugsproduktie in Azië. Als wij geen streng beleid voeren hier, kan Singapore het centrum van drugsdoorvoer worden. Dat willen we niet en we achten het onze plicht mensenlevens te redden.”

Er is Goh Chok Tong veel aan gelegen dat het Westen Singapore, en ook de rest van Azië, beter gaat begrijpen. De Singaporese premier was een van de initiatoren van de eerste ontmoeting van Aziatische en Europese regeringsleiders eerder dit jaar in Bangkok. Deze Asia Europe Meeting (ASEM) moet een tweejaarlijks terugkerende top worden en is bedoeld om de onderlinge verstandhouding en samenwerking te versterken. Zijn bezoek aan Nederland ziet Goh ook als een bijdrage aan dat doel. “Ik wil Europa weer een stukje beter leren kennen, nu door er door Nederlandse ogen naar te kijken. De toekomst van Europa heeft onze zorg van Azië. We beginnen als Aziaten de denkwijzen en de culturen van Europa te begrijpen en we willen leren van de sterke kanten van Europa. Maar we kijken ook naar de zwakke kanten, zoals de welvaartstaten. Die komen voort uit een grootmoedig streven, maar nu blijkt dat het systeem niet helemaal goed werkt. Aziaten willen voorkomen dezelfde foute paden te bewandelen die Europeanen hebben bewandeld.”

Goh wil dat Azië en Europa zich in hun onderlinge ontdekkingsreis voorlopig concentreren op economische kwesties. “We vinden dat Europa langzaam is met de erkenning van het groeipotentieel in Azië. Door de val van de Berlijnse Muur en de moeizame Europese integratie zijn er weinig tijd en mogelijkheid om buiten Europa te kijken. Daardoor mist Europa mogelijkheden in Azië. De Europese regeringsleiders begrijpen onze zorg en via ASEM hopen we een grotere Europese aanwezigheid in Azië te bewerkstelligen.”

Een spectaculaire stijging van de Aziatische investeringen in Europa ziet de Singaporese premier de komende jaren niet. “Daar is de economische groei in Azië voorlopig te aantrekkelijk voor.” Europa zal derhalve naar Azië moeten komen, want daar liggen de kansen. Ook voor het Nederlandse bedrijfsleven. “De vraag naar milieutechnologie zal de komende jaren in Azië steeds verder stijgen. Singapore wil op dat gebied samenwerken met Nederland”, zegt Goh, die op zijn reis vergezeld wordt door een kleine economische missie van Singaporese zakenlieden.