Akzo verwerpt aanklacht

ROTTERDAM, 8 OKT. Akzo heeft zich niet op oneigenlijke wijze meester gemaakt van andermans oplossing voor de produktie van extreem goedkope zonnecellen. Ook heeft het bedrijf niet de bedoeling om een bestaande samenwerking voor een dergelijke produktie te verbreken.

Dat heeft het concern gisteren meegedeeld in een reactie op een verklaring van directeur P. van der Vleuten van importbedrijf Chip Market Europe. Van der Vleuten meent dat Akzo 'aan de haal' is gegaan met een idee voor de produktie van flexibele zonnecellen dat hij begin dit jaar opdeed bij Iowa Thin Film Technologies in Ames. Dat bedrijfje, nauw verbonden aan de lokale universiteit, ontwikkelt extreem dunne zonnecellen op een plastic ondergrond, de laatste tijd met steun van NASA en het ministerie van energie.Terug in Nederland zocht Van der Vleuten contact met drie universiteiten en de Technisch Physische Dienst van TNO. Patent-onderzoek door TNO leerde dat het concept van Iowa Thin Film maar beperkt geoctrooieerd was. Daardoor ontstonden kansen voor Nederlandse produktie van soortgelijke zonnecellen.

Later is samenwerking gezocht met Akzo Nobel dat zijn polymeertechnologie zou inbrengen. Gezamenlijk is subsidie aangevraagd bij de overheid en tezijnertijd zou TNO-TPD een proeffabriek bouwen.

Maar vorige week ontvingen de partners tot hun verrassing een brief van Akzo waarin deze meedeelde dat op 26 september octrooi was aangevraagd voor 'flexibele zonnecellen op een tijdelijke folie'.

Hoewel ook Van der Vleuten de juiste inhoud van de octrooi-aanvraag (die 18 maanden geheim is) niet kent, meent hij dat Akzo zich daarmee een groepsidee toeëigende. Akzo bestrijdt dat. Het meent dat het zèlf een nieuw produktieproces en produktconcept ontwikkelde. Daarvoor was 'zoals gebruikelijk' octrooi aangevraagd. Maar Akzo Nobel toont zich bereid de nieuwe ontwikkeling in te brengen in het huidige samenwerkingsverband. Het erkent ook de initierende rol van Van der Vleuten en is bereid een zakelijk contractmet hem te sluiten.