Sprinter uit ivoren toren

Een particulier die wil beleggen kan nog steeds goed uit de voeten met aandelen, obligaties, opties en een eigen huis. Dat zijn instrumenten die een willig mens, soms met moeite, kan leren begrijpen. Financiële marketeers vinden dat te boerenkoolachtig: 'Ons bedrijf moet zich onderscheiden.

Klanten moeten zien dat we meedenken en niet blijven steken in huis-tuin-en-keuken oplossingen.' Daarom krijgen produktontwikkelaars opdracht om iets te bedenken waar iedereen op af komt, waar (voor de aanbieder) geen risico's aan kleven, waar weinig administratie aan vastzit. 'Spreek het in godsnaam door met Financiën, want Vermeend heeft alles door en hij lacht me te veel', krijgen ze ook nog als waarschuwing mee.

Met zo'n wensenlijst kan een creatieveling geen kant op. En helemaal niet als de verkopers willen dat hun oma van tachtig in Bellingwolde het kan bevatten. Wat doen slimme uitvinders in hun ivoren toren? Die bestuderen een paar Amerikaanse boeken over de financiële jungle en kijken naar succesvolle aanbiedingen van de concurrentie, pikken de opzet, wijzigen die wat en maken een prachtige brochure. Zo ontstaan er golfbewegingen van gelijke produkten: beleggingsfondsen, fondsen die in een ver en warm land bomen verbouwen en een vette winst beloven voor over een jaar of twintig (als de verkopers allang met pensioen zijn), verzekeringen die geen zekerheid bieden, aandelenplannen met geleend geld en zo gaat het maar door. Het bord boerenkool staat niet meer op de kaart, maar is vervangen door een exquis, geraffineerd gerecht uit de ivoren keuken van de chef-kok.

Wat je nu ziet zijn plannen waarvan de opbrengst afhangt van de waarde van een aandelenindex, aangevuld met een bescherming (een click) tegen koersdaling, als de waarde tussentijds boven een vooraf bepaald niveau komt. De AEX-aandelenindex is bijzonder populair in deze index linked bull (omhoog gericht)issues met een double loop back-optie als sleeping bear, om het maar eens in ivoren toren-taal uit te drukken.

Waarom juist de AEX-index, nu die op een record staat, en waarom niet vijf jaar geleden een indexplan? Omdat die financiële wereld voor de consumentenprodukten niet zo alert is als ze ons willen doen geloven. Plannenverkopers wuiven die bezwaren weg en omgeven de AEX-index met een gouden glans waar de hele wereld op afkomt: 'Je moet erin geloven, hij blijft stijgen, met af en toe een dipje. Dit lijkt op de Ajax-gekte van vorig seizoen: Iedereen kocht een seizoenkaart, sponsors verdrongen elkaar om een luie stoel in het nieuwe stadion en zelfs de Japanse pers beschreef de bewegingen van de broertjes De Boer. Helaas. De wereldwijd gevreesde godenzonen zijn weer gewoon zodenzonen, voor wie tegenstanders geen respect meer hebben.

Een nieuw lid van de indexfamilie is de Dutch Publishers Sprinter van de Oost-Europa Bank, die door de koks van de Rabobank uitgekiend is en aan de man wordt gebracht. Ook particulieren mogen inschrijven op deze Special PRotected INdex Tailored Equity Redeemable. Juist vanwege die doelgroep vol financiële analfabeten verwacht je dat een aanbieding helder is: voor- en nadelen, risico's, garanties enzovoort. Ook voor onze oma's in Bellingwolde, want beleggers moeten immers begrijpen wat ze kopen, luidt een belangrijke gulden geldregel. Die eis zal niemand stellen aan produkten waar professionals elkaar mee bestoken.

Wie minimaal ongeveer 1.000 gulden aan de Oost-Europa Bank betaalt (een obligatie koopt), doet in feite dit. Hij leent 559 gulden aan de bank. Die belooft op 4 november 2003 800 gulden terug te betalen. Het positieve verschil van 241 gulden is rente, circa 5,25 procent per jaar, die in één keer wordt uitbetaald en onder de inkomstenbelasting op rente valt.

De koper heeft op dit punt twee voordelen: hij betaalt zijn belasting later en hoeft niet ieder jaar na te denken over een belegging van de ontvangen rente, zoals bij een rentende obligatielening. De bank hoeft niet ieder jaar geld vrij te maken om rente te betalen en kan meestal een lagere rente bedingen.

Waar blijft de rest van de 1.000 gulden? Die circa 441 gulden belegt de bank, met hulp van de Rabobank, in aandelen van de 'Dutch Publishers' Elsevier, Polygram, VNU en Wolters Kluwer. De obligatiehouder is ook automatisch houder van een mandje uitgeversaandelen. Aan het eind van de rit in 2003 kan hij die aandelen overnemen of de waarde in geld ontvangen. Het succes van deze sprinter hangt dus af van de uitgevers, waar de Rabobank veel van verwacht.

De Rabo heeft de koersen van de uitgevers herleid tot een Publishers Index, die Optiebeurs doorlopend berekent, hoewel die beurs niets met dit verhaal te maken heeft. De Sprinter zelf wordt verhandeld op de Effectenbeurs.

Is dit een interessant produkt? Ja, mits de bank voorlichtingsavonden voor klanten en eigen personeel organiseert, want de finesses zijn niet duidelijk.