Boonstra: nieuw bestuur

ROTTERDAM, 7 OKT. Philips-president Cor Boonstra wil het komende halfjaar prioriteit geven aan “een nieuw bestuursmodel” voor het elektronicaconcern. Dat blijkt uit een eerste vraaggesprek met hem in Philips Magazine.

Boonstra, sinds deze maand topman van het concern, noemt het opmerkelijk dat de prestaties van Philips-personeel in fabrieken bijzonder goed gemeten worden, terwijl die meetbaarheid op management-niveau heel wat minder duidelijk is. “Er lijkt geen duidelijke omschrijving van verantwoordelijkheden in topmanagementlagen en dan krijg je dus problemen”, constateert hij. De enige oplossing daarvoor is “precies te zeggen wat er wel en niet van je verwacht wordt. Zodat we geen tijd meer hoeven te besteden aan het proberen uit te vinden hoever je kan gaan.”

Tegelijk bepleit de nieuwe Philips-topman een betere oriëntatie op markt en marktontwikkelingen en een reductie van de 'coördinatie-overlast'. “Medewerkers moeten veel meer zelf ter plekke hun verantwoordelijkheid kunnen nemen.” In dat kader past ook Boonstra's wens binnen Philips sneller besluiten te nemen. “Minder interventie van de top, en dat kan als we lager in de organisatie meer zekerheid weten te creëren over wat mensen wel en niet zouden moeten doen.”

Over de effecten van Centurion, de saneringsoperatie waarmee zijn voorganger Jan Timmer Philips voor ineenstorting behoedde, is Boonstra niet tevreden. In Philips Magazine vraagt hij zich openlijk af of alle afdelingen hebben meegedaan. Hij vindt dat het concern “de hele kostenstructuur” opnieuw moet evalueren. “Helaas moeten we constateren dat wij na jaren Centurion nog steeds niet beter presteren dan andere bedrijven.”

Boonstra, Philips' eerste president 'van buitenaf', lijkt van plan enkele heilige huisjes omver te trappen.

Hij wijst op de verwachtingen van de kapitaalverschaffer, de aandeelhouder, “die er uiteindelijk voor zorgt dat we kunnen doen wat we doen en die ik dus voorop stel.” Hij vindt dat Philips sneller moet reageren, “minder emotioneel, meer zakelijk”, en bepleit grotere flexibiliteit .