Bolkestein bijt pers

Van de leiders van de grote politieke partijen steekt VVD-fractievoorzitter Bolkestein de meeste energie in de permanente campagne. De afgelopen week trad hij vijf keer op buiten de Tweede Kamer. Maandagavond luisterde hij een partijbijeenkomst op in het Haagse Perscentrum Nieuwspoort, donderdagavond zat hij samen met GroenLinks-fractievoorzitter Paul Rosenmöller in een avondvullende live tv-uitzending over Greenpeace, en vrijdagmiddag presideerde hij een rondetafeldebat met omroepbonzen.

Zaterdag sprak Bolkestein in het Amsterdamse Rijksmuseum bij het afscheid van de voorzitter van de Vereniging Rembrandt en kort daaraan voorafgaand bezocht hij het hol van de leeuw: de jaarvergadering van de journalistenvakbond (NVJ) in het Haarlemse stadhuis.

Wat was de boodschap aan de Nederlandse pers van de man die korte tijd daarvoor het prooidier was van de actualiteitenrubriek Netwerk, en daarna van cameraploegen, radioreporters en schrijvende journalisten op het eiland Cyprus? Hij sprak er niet over.

De toespraak van Bolkestein was een compilatie van opinies die hij eerder ventileerde en compileerde in zijn essaybundels met als hoofdstelling dat de media door de persconcentraties teveel macht dreigen te krijgen. Dat tegen de achtergrond van de vraag: “Quis custodiet ipsos custodes?” (Wie bewaakt de bewakers?). Andere klachten van Bolkestein gericht tegen met name de Nederlandse pers zijn: oppervlakkigheid, teveel columns, teveel interviews en “een ouwe-jongens-krentebrood atmosfeer”, die ervoor zorgt dat journalisten elkaars werk niet in het openbaar bekritiseren. Het leverde hem een applaus op van de verzamelde journalisten. (FV)