Afghaanse vrouwen zijn vrijheid kwijt

KABUL, 7 OKT. In de drukke Mandavi-bazar in het centrum van Kabul zoeken een paar geheel bedekte vrouwen een nieuwe burqa uit, het symbool van de nieuwe islamitische orde in de Afghaanse hoofdstad. De lange spookachtige gewaden met een fijnmazig roostertje voor de ogen, waarin geen vierkante centimeter van het lichaam meer zichtbaar is en waarbij niet valt vast te stellen of men tegenover een tachtigjarige dan wel achttienjarige vrouw staat, hangen slap aan haken.

De mannelijke eigenaar van de winkel vertelt een paar Westerse journalisten tevreden dat zijn omzet meer dan verdrievoudigd is sinds de nieuwe meesters van de stad, de streng-islamitische Talibaan, deze klederdracht een week geleden verplicht stelden. Dan verschijnt er plotseling een jonge bebaarde Talibaan met een kalasjnikov ten tonele. Bits beveelt hij de winkelier: “Jaag die Russen weg uit je winkel. Die hebben hier niets te zoeken zolang er vrouwen rondkijken. Zo meteen gaan ze nog met die vrouwen praten ook.”

Tandenknarsend schikken zowel de vrouwen als de mannen van de tot voor kort naar Afghaanse maatstaven liberale hoofdstad zich naar de nieuwe regels van de Talibaan, die het oer-conservatieve, grotendeels analfabete Afghaanse platteland vertegenwoordigen. Volgens de Talibaan vloeien die regels voort uit respect voor de Koran. Mannen mogen voortaan alleen nog maar een shalwar kameez, het Afghaanse pyjama-achtige gewaad, dragen en moeten een baard hebben en op het hoofd een gebedsmutsje of een tulband.

Veel ingrijpender zijn echter de gevolgen voor de vrouwen van Kabul, vooral die uit de bovenlaag. Voor arme vrouwen die vaak zelf uit de provincie afkomstig zijn, is de overgang minder groot dan voor hen die goed opgeleid zijn en tot vorige week gewend waren hun eigen gang te gaan. Tot nader order mogen vrouwen niet meer buitenshuis werken en meisjes mogen niet meer naar school. Alle cosmetica en aantrekkelijke kleren, vorige maand nog zeer in zwang, zijn voortaan uit den boze. Als de vrouwen al de straat op gaan, dan mag dat nog slechts in de burqa of volkomen ingepakt in doeken.

“Het is vreselijk in zo'n burqa over straat te moeten lopen”, zegt een Afghaanse vrouwelijke arts. “Ik kan bijna niets zien en ben de hele tijd bang te struikelen. Het is vernederend. De Talibaan willen ons volkomen afhankelijk en nutteloos maken. Ik haat hen.” Zij heeft weliswaar bij uitzondering toestemming gekregen van de Talibaan weer aan het werk te gaan als dokter in een kliniekje, maar met angst in het hart zijn zij en haar man, die haar een lift gaf, die ochtend op weg gegaan, zij gehuld in een fonkelnieuwe burqa. “Ik voelde me zeer onzeker”, aldus haar echtgenoot. “Het was alsof ik met een lading munitie in de auto op weg was in plaats van met mijn eigen vrouw.”

Pas na rijp beraad waren beiden bereid in een afgesloten vertrek en onder strikte anonimiteit met een binnengesmokkelde Westerse journalist te praten. Haar echtgenoot had vooraf zorgvuldig geïnspecteerd of de kust veilig was en er niemand rondliep die zijn vrouw en ook hemzelf zou kunnen aangeven bij de Talibaan wegens verboden contacten met een Westerse journalist. Dat de Talibaan daarvan niets willen weten, hebben ze de afgelopen dagen ruimschoots aangetoond. Zo was er vorige week een fanatieke mullah met slechts één been en één oog die een groepje jongere Talibaan woedend in het gezicht sloeg toen hij ze betrapte tijdens een gesprek met een vrouwelijke Westerse journalist. De journaliste beet hij toe dat ze zich weg moest scheren.

“Het is een tragedie voor de vrouwen van Kabul”, meent Sue Emmet van de Britse hulporganisatie Oxfam. Jarenlang hebben ze eerst de kolonistische bezetting moeten verdragen, daarna de eindeloze bombardementen op de stad ten tijde van de verschillende Mujahedeen-facties en nu eindelijk de vrede is hersteld in Kabul, krijgen zij deze klap te verduren.

De bevolking is de Talibaan dankbaar dat ze rust en veiligheid in de stad hebben gebracht, maar die gevoelens werden al gauw overschaduwd door afkeer van de nieuwe regels. “We betalen een hoge prijs voor de vrede”, zegt een mannelijke Afghaanse medewerker van een hulporganisatie. “Eerst dacht ik dat de Talibaan heel goed voor Afghanistan zouden zijn”, zegt een jonge vrouw, die als een der zeer weinigen nog naar haar werk gaat. “Maar nu weet ik wel beter, we hebben onze vrijheid verloren. Die Talibaan misbruiken de naam van de islam. Er was niets mis met ons, we waren ook voor zij kwamen heel goede moslims. Zij verachten de vrouwen alleen maar. Ik denk dat ze hun eigen moeders nog niet eens respecteren.”

De meeste vrouwen in Kabul begeven zich nu nauwelijks meer op straat. Zij zitten zich thuis te vervelen en velen voelen zich als criminelen die onder huisarrest staan. Ook telefonisch contact met andere vrouwen of mannen is vrijwel niet mogelijk. Het telefoonnet in Kabul is heel gebrekkig. Bovendien kan de overgrote meerderheid van het straatarme, door oorlog geteisterde land zich in de verste verte geen telefoon veroorloven.

Vrouwen die zich niet aan de voorschriften houden worden geslagen met een stok of een zweep. Dat overkwam een vrouw die achterop zat bij haar man op de fiets. Een windvlaag lichtte haar burqa een paar centimeter omhoog, zodat haar blote enkel gedeeltelijk zichtbaar werd. Een onvergeeflijke indiscretie, vonden enkele Talibaan die dit toevallig zagen. Na overleg met hun superieuren dienden ze haar enkele zweepslagen toe.

In de vervallen en door de oorlog zwaar beschadigde flatgebouwen van de wijk Mikro Rayon, die nog door de Russen is aangelegd, mogen vrouwen sinds een paar dagen geen was meer ophangen op de balkons. Als ze dat doen stellen ze zich immers bloot aan het oog van voorbijgangers op straat, redeneerden de Talibaan. Wie zich niet aan hun orders houdt, riskeert te worden beschoten. Een vrouw die zich enkele dagen geleden prachtig had laten kappen in verband met een naderende bruiloft, werd bij het verlaten van de kapsalon door een Talibaan betrapt, toen hij een glimp van haar haar zag. Als straf werd de vrouw vervolgens geheel kaalgeschoren.

Soms kan de starre houding van de Talibaan jegens vrouwen tragische gevolgen hebben. Toen een hoogzwangere vrouw in een plaats in de provincie Logar, niet ver Kabul, kort voor haar bevalling in een zorgelijke toestand geraakte, wilde haar echtgenoot haar met spoed naar een ziekenhuis in Kabul overbrengen. De plaatselijke Talibaan kregen hier echter lucht van en oordeelden dat het niet gepast zou zijn voor een vrouw in haar conditie om over straat te gaan. Zij posteeren twee wachtposten bij het huis en de vrouw overleed tenslotte zonder medische hulp aan enkele ernstige complicaties.

Zwaar getroffen zijn ook de vele duizenden oorlogsweduwen van Kabul, die dikwijls geen mannelijke verwanten hebben die hen kunnen helpen. “We weten niet of we onze hulpprojecten voor tienduizend weduwen kunnen voortzetten”, aldus Esther Robinson van Care International. Daar moeten namelijk vrouwelijke arbeidskrachten worden ingeschakeld om de weduwen te bezoeken en het is onzeker of de Talibaan dit zullen toestaan.

Met spanning wacht Kabul nu af of de Talibaan zullen vasthouden aan de strenge nieuwe regels of dat ze de teugels zullen vieren. De Talibaan zelf hebben bij monde van enkele hoge vertegenwoordigers laten weten dat ze zich nog aan het beraden zijn op de situatie. “Wanneer het overal in Afghanistan weer veilig is, zullen meisjes weer onderwijs mogen krijgen”, aldus de voorlopige minister van Buitenlandse Zaken, mullah Mohammed Ghus, gisteren op een persconferentie. In Kabul waren zeventig procent van alle onderwijzers vrouwen en zestig procent van de artsen.

De meeste waarnemers in Kabul zijn niet optimistisch. Zij wijzen er op dat de Talibaan iets soortgelijks zeiden nadat ze de westelijke stad Herat hadden ingenomen. Maar een jaar nadien zijn er in Herat nog altijd vrijwel geen scholen heropend voor meisjes. De vrouwen worden er bovendien nog precies zo streng uit het openbare leven geweerd als in het begin.

Meer optimistische inwoners menen echter dat de Talibaan alleen nu zo streng zijn om hun gezag in de grote vreemde hoofdstad te onderstrepen en daarna minder extreem zullen worden. “Ik hoop en verwacht dat ze wel wat milder zullen worden”, aldus de nog steeds werkende jonge vrouw.