Tweeënvijftig kaarten en een vragende joker

Het geheim van de kaarten. Zondag. Radio 4, 16.50-18.00u.

Net als eerdere jaren is het hoorspeluur dat de gemeenschappelijke omroepen op zondagmiddag verzorgen gedurende de maand oktober gereserveerd voor 'de jeugd'. Die jeugd moet wel al een eindje op weg zijn naar volwassenheid en bereid om de hersens flink te laten kraken, want het vierdelig luisterspel is gebaseerd op Het geheim van de kaarten van Jostein Gaarder, de Noor die zoveel filosofie in zijn boeken doet. Gaarder is de auteur van de internationale bestseller De wereld van Sofie, waarin hij een gepopulariseerde inleiding op de geschiedenis van het westerse denken verpakt in een ingenieus geconstrueerd avonturenverhaal.

Het geheim van de kaarten (1990) verscheen één jaar eerder en vormt duidelijk de opmaat voor Sofie's successtory. Twaalfjarige Hans Thomas reist met zijn vader van Noorwegen naar Griekenland, op zoek naar zijn moeder die het gezin in de steek heeft gelaten. Twee raadselachtige figuren spelen de jongen een loep en een minuscuul boekje in handen. Dat verhaalt over een magisch eiland, waar een schipbreukeling tweeënvijftig jaar verblijft in het gezelschap van een tot leven gekomen kaartspel. Alle kaarten sjokken voort langs het door hun kleur en soort bepaalde pad. Alleen de joker neemt niets voor vaststaand aan en stelt zich de existentiële vragen: wie zijn wij en waar komen we vandaan? Langzamerhand wordt duidelijk dat Hans Thomas' eigen levensverhaal benauwende parallellen vertoont met de geschiedenis van de figuren waar de jongen over leest; dat hij er mogelijk zelfs deel van uitmaakt.

Hoewel Gaarder in vergelijking met zijn boek over Sofie meer verhaal dan betoog schreef, is de filosofiedocent ook hier alomtegenwoordig. De vader is een ruwe zeebonk die zich, wanneer de dagelijkse alcoholdampen zijn opgetrokken, op onacademisch niveau bezighoudt met grote levensvragen en dito denkers. De zoon beschikt over de onbevangenheid en creatieve nieuwsgierigheid die bij zijn leeftijd horen.

Het verhaal is strak georganiseerd, volgens de regels van het kaartspel: tweeënvijftig hoofdstukken en een plaatsje in het midden voor de joker. Die 'zit in hetzelfde doosje, maar hoort er niet in thuis'. Niets is toevallig, alles hangt met alles samen, veel is omkeerbaar of de spiegeling van iets anders. Hier en daar dreigt de geschiedenis onder haar eigen betekenisvolheid te bezwijken, maar mysterieus en intrigerend is het allemaal wel en wie niet probeert om direct alles te doorgronden, raakt ongetwijfeld meegesleept.

De radioversie is hier en daar wat ingekort, maar volgt Gaarder veelal letterlijk. Erg hoorspelig klonk het mij niet: er rijdt een auto, er klotst eens een zee, er is nauwelijks muziek en er wordt onecht gelachen dan wel gehuild. Eigenlijk klopt dat precies met de geest van het verhaal. Met emoties heeft het weinig van doen, meer met hogere hersengymnastiek.