'Reuzendoder' KPN lid van exclusief gezelschap

ROTTERDAM, 5 OKT. Post- en telecombedrijf KPN is deze week voor 2,7 miljard gulden aangeschoven bij een van de meest exclusieve clubs in Nederland: die van de 'reuzendoders'. Bedrijven die voor een miljard gulden of meer een buitenlandse overname doen.

Het prijskaartje voor het Australische vervoerbedrijf TNT brengt KPN in het gezelschap van ondernemingen als Unilever (laatste miljarden deal: de Canadese schoonmaakmiddelenfabrikant Diversey), Ahold (2,9 miljard gulden voor de Amerikaanse supermarktketen Stop & Shop), Wolters Kluwer (2,9 miljard gulden voor de Amerikaanse uitgever CCH) en ING (1,6 miljard gulden voor de Britse bank Barings). De club is klein (nog geen tien leden) en jong. De laatste twee jaar is het ledental verdubbeld. De groei van het gezelschap weerspiegelt de trend op de internationale fusie- en overnamemarkt van de laatste jaren: koortsachtige activiteit en steeds grotere transacties.

KPN kan het bedrag voor de overname van TNT zonder problemen op tafel leggen. Het concern trok eerder dit jaar al 1,3 miljard gulden op de kapitaalmarkt door de uitgifte van obligaties, effecten die de beleggers een vaste rente geven. De reguliere activiteiten van KPN (ruim 19 miljard gulden omzet, ruim 90.000 werknemers) leveren enorme hoeveelheden contanten op die weer geïnvesteerd kunnen worden. De netto kasstroom uit operationele activiteiten bedroeg vorig jaar iets meer dan 6 miljard gulden. En voor de overname van TNT sluit KPN nog een aparte banklening af van 2,25 miljard gulden.

De geldstroom is de afgelopen twee jaar in toenemende mate gebruikt om (deelnemingen in) buitenlandse bedrijven te kopen. Zo kocht KPN aandelen in telefoonbedrijven in onder meer Tjechië en Ierland en enkele kabelmaatschappijen. In 1994 heeft KPN zijn boekhoudmethodes gewijzigd, zodat transacties in financieel opzicht gemakkelijker te verteren zijn. Het concern wijzigde, officieel met het oog op de beursnotering van de aandelen op Wall Street, met ingang van 1994 de manier waarop de overnamesom van bedrijven in de bedrijfsbalans wordt verwerkt. Bij overnames is het gebruikelijk om een premie te betalen boven de zichtbare waarde van de bezittingen. Deze premie, de zogeheten goodwill, weerspiegelt voordelen als een sterke marktpositie, een (semi)monopolie of uitstekende toekomstverwachtingen.

De norm onder Nederlandse bedrijven is dat deze betaalde goodwill ten laste wordt gebracht van het eigen vermogen. Dat betekent in de praktijk dat elke majeure overname een bres slaat in het eigen kapitaal. Dat maakt bankiers en andere financiers nerveus, omdat de financiële buffer van het bedrijf voor tegenslagen kleiner wordt. Deze overweging voert de druk op ondernemingen op om deze bres te dichten door nieuwe aandelen te plaatsen bij beleggers. Zij eisen op hun beurt in ruil voor hun extra bijdrage stijgende winsten. Maar zelfs als dat lukt willen zij niet jaarlijks lastig worden gevallen door kapitaalslurpers.

KPN doet het net als enkele andere reuzendoders, zoals Wolters Kluwer, sinds 1994 op zijn Amerikaans: de betaalde goodwill premie wordt op de bedrijfsbalans gezet als een bezitting en in 40 jaar tijd stukje bij beetje van de winst afgetrokken. Dat drukt de winst wel wat, maar maakt, zoals bij de overname van TNT, aandelenemissies ter waarde van miljarden guldens overbodig.

Dat vinden beleggers wel zo plezierig. Deze tegemoetkomende houding tegenover de beleggersgemeenschap illustreert de voortgaande transformatie van KPN van een ambtelijke organisatie (tot 1989) naar een verzelfstandigd bedrijf in staatshanden (tot 1994) en een geprivatiseerde onderneming (de overheid heeft nu nog een minderheidsbelang van 45 procent).

De volgende fase is dat KPN zijn activiteiten op een Angelsaksische manier transparanter maakt. Het concern heeft verschillende activiteiten (vastgoed, autolease, beveiliging) die bij gespecialiseerde bedrijven beter tot hun recht komen. De overname opent ook nog andere, potentieel nog profijtelijker perspectieven. De aankoop van TNT maakt de twee grootste activiteiten van KPN, post en telecommunicatie, vrijwel even groot in omzet (13 à 14 miljard gulden). De positie van het postbedrijf als een ondergeschoven kindje is daarmee voorbij, al is het rendement op telecom-activiteiten duidelijk hoger dan die op post en vervoer.

Na de overname moet het achterblijvende rendement van TNT de komende jaren door verkoop van verliesgevende nevenactiviteiten en de financiële kracht van KPN kunnen worden opgekrikt. De nieuwe activiteit post en vervoer heeft een kritische massa, die nieuwe perspectieven opent. Tussen post/vervoer en telecommunicatie zit volgens de meeste analisten weinig zakelijk verband. De combinatie is historisch te verklaren, maar daarbij houdt het wel op. In een zelfstandig postbedrijf, dat aan de beurs genoteerd is, hadden de internationale beleggers die een beursintroductie kunnen maken of breken tot nu toe echter weinig fiducie: te klein, te lokaal.

Nu PTT Post door de overname van TNT een fors internationaal bedrijf wordt, komen de kaarten anders te liggen. Een aparte beursnotering wordt over twee jaar een optie. Daarmee kan KPN de waarde die in het post- en vervoerbedrijf zit beter zichtbaar maken aan beleggers en daarmee de beurskoers opkrikken. Internationaal zijn zulke aparte beursnoteringen een trend waar bankiers hoge verwachtingen van hebben. Grote Nederlandse bedrijven, zoals Philips en KNP BT, hebben eerder al dochters naar de effectenbeurs gebracht om beleggers te laten zien welke juweeltjes zij nog in huis hadden.