Kaartje

De vlam die de brandstof overleefde is terug in Nederland. Weggelokt van zijn groene heuvel in Goldau, met uitzicht op de Zuger See. Geroepen om het tamme schoolklasje van Oranje voor eens en voor altijd passie in de liezen te blazen. Johan Neeskens naast Guus Hiddink: voetbal wordt weer oorlog.

Dat zal vandaag in Wales reeds te horen zijn. Neeskens is een man van zware, vierkante klanken geworden. Het ronde geronk van Guus wordt vanavond doormidden gekliefd door de echo van vallende boomstammen. Verzwitserd Duits is de taal van het hakblok par excellence. Als Jordi, Seedorf, Cocu en Van der Sar daar niet van schrikken dan wordt alles hopeloos.

Liever doodgaan dan verliezen, met deze boodschap is Johan Neeskens onder de rookpluimen van de Hoogovens ter wereld gekomen. Zo leefde en voetbalde het idool van de Noordhollandse meisjes zich al op jonge leeftijd tot legende. Neeskens was de Lebed van Ajax en het Nederlands elftal in de jaren zeventig: parmantig, onverschrokken, dromend in continue zelfvergroting. Zonder gebroken neus, gescheurde enkel en een lichte schedelfractuur vond hij voetballen maar een raar spelletje. Niks aan. Pas als hij draaierig dreigde te worden van de inwendige bloedingen en kneuzingen kreeg de middenvelder er zin in. Dan begon hij te jagen, te kappen en te draaien, dan ontstond overzicht. Terwijl Vasovic en Krol zijn rondvliegende ledematen bijeenraapten liet Neeskens zien wat een streep in de voet is.

De grootste heroïek van Johan Neeskens is dat hij alles heeft overleefd. Ik denk dat Hiddink vooral daarom op hem is gevallen. De bondscoach identificeert zich het liefst met degene die het net niet heeft gehaald. Alle prestaties die een grote mate van vergeefsheid in zich hebben en uiteindelijk ook tot niets leiden, provoceren een geweldige vereenzelviging bij Guus. Als hij niet zo verlegen was en als de media hun plaats kenden, zou hij het Nederlands elftal nu nog rond Vanenburg bouwen. Hiddink staat niet in dienst van Oranje, hij staat in dienst van het leven. Met Neeskens naast hem op de bank is de zachte flank van de coach een beetje meer gepantserd. Het spuug- en ijzerdraadgehalte van Oranje's technische staf ligt nu wat hoger.

Kiezen voor het Nederlands elftal is tegenwoordig kiezen voor burgeroorlog. Dat kun je alleen van narren en dwazen verwachten en die gelukzaligheid doet Neeskens geen recht. De middenvelder was, aan de hand van zijn gezaghebbende vrouw Marlis, een bedaagde rentenier geworden. Hij coachte nog een amateurclubje om in conditie te blijven, niet voor het mytische spektakel van winnen en promoveren. Het leven was af, in zijn Zwitsers bergdorpje vol verheven rust, waar hij door iedereen werd begroet als een seigneur. Dit laatste kan hij in Nederland in ieder geval vergeten.

Oranje als offer? Zo metafysisch zit Johan nu ook weer niet in elkaar. Hij is wel een goed mens, maar alleen voor degenen die hem nabij zijn. Toen hij in zijn nadagen nog voor Groningen speelde, heeft hij wel geleerd dat het verraad van het volk en de wreedheid van de massa onbeheersbare driften zijn. Neeskens is letterlijk weggevlucht uit Nederland. En in Zeist gaat het er niet beschaafder aan toe dan in Groningen. Vooral niet.

Revanche, dat moet het zijn. Ooit zei hij me: “Zwitserse boeren gaan zorgvuldiger met hun vee om dan Ajax met zijn oud-spelers. Als ik zie wat de clubs in Frankrijk allemaal doen voor hun oud-spelers dan staat me het water in de mond. Die jongens hebben nog hun vaste plaats op de tribune, dicht in de buurt van de president.”

In Barcelona, Manchester, Parijs of Turijn, overal ligt voor Neeskens het pasje klaar. Zo niet bij Ajax. Van zijn hautaine moederclub heeft hij, sinds zijn vertrek uit De Meer nooit nog een wedstrijdkaartje gekregen, niet voor hemzelf en niet voor zijn zoon. Die hondse arrogantie heeft Neeskens tot in de ziel gekwetst. Nu hij assistent van Hiddink is geworden moet hij Van Os en Van Praag niet meer om een kaartje bedelen. Het zal in een enveloppe thuis worden bezorgd. Als de oud-speler zich dan verlaagt tot een bezoekje aan de Arena zullen de Ajax-boeren hem tijdens de rust champagne aanbieden en een flodderig toastje kaviaar. Op dat moment kan Johan Neeskens de andere kant opkijken. Souverein, hoog over de hoofden van de Amsterdamse kermisbazen heen.