Isolatoren (2)

Het was een prachtige verzameling van isolatoren uit alle windstreken en perioden, maar voor mij was de isolatordievenzaag toch het interessantste van het geheel. (*) Je leest wel eens zo'n hartbrekend berichtje van tien regels, onder de kop Bejaarde op dievenpad.

Het gaat dan bijvoorbeeld over een 75-jarige man die in een postkantoor zich uit de voeten probeerde te maken met een stempeltje dat hij in een onbewaakt ogenblik van gene zijde van het loket had gegrepen. De beambte had alarm geslagen, de dief was gepakt en had bekend een verzamelaar van poststempels te zijn. 'Na een flinke schrobbering op het bureau te hebben ontvangen, werd de bejaarde heengezonden. Het stempeltje moest hij achterlaten.' Einde bericht.

Hoe kom je tot verzamelen? Misschien zit in ieder mens een verzamelaar verborgen, en dan is de vraag: hoe komt die eruit? Ik geef een simpel voorbeeld. Destijds had je kinderen die al vroeg met sigarenbandjes begonnen. Toeval. Ze hadden een opa die sigaren rookt en die het bandje cadeau deed. Een buurman rookte ook sigaren, van een ander merk. Zo raakte het kind in het bezit van twee bandjes. Twee is het begin van iedere verzameling. Het kind begon op sigarenrokers te letten, kreeg er een neus voor. Zo groeide de verzameling. Er is zelfs een liedje over gemaakt dat begint met de regels: Geef me een sigarenbandje, 'k heb er al zoveel gespaard. Daar zit een logica in van het soort dat mij altijd is ontgaan. Àls je er al zoveel hebt gespaard, waarom wil je er dan nog meer hebben? Dat is het geheim van de verzamelaar. Daar gaat het om: juist dan, als hij er al 'zoveel heeft gespaard', wil hij er meer, tot hij alle sigarenbandjes van de wereld in zijn steeds dikker wordende sigarenbandjesboeken heeft geplakt. In beginsel (veronderstel ik) is het met de sigarenbandjes niet anders dan met vliegtuigpropellers, postincunabelen, suikerzakjes en andere voorwerpen die tot dezelfde soort horen.

'Hoe ben je ertoe gekomen, juist isolatoren te gaan verzamelen?' vroeg ik mijn oude vriend.

'Ik liep langs een droge rivierbedding en daar zag ik een mooi ding liggen. Ik wist niet meteen wat het was maar ik heb het eruit gehaald, herkend, meegenomen en thuis op de schoorsteen gezet.'

'Zodat je het iedere dag zag en ervan kon genieten.'

'Ja, zo was het. Iedere dag keek ik ernaar, met een zeker welbehagen.'

'En toen?'

'Toen schoot me te binnen dat ik ergens nog een opslagplaats van oude elektriciteitsspullen wist. Daar ben ik heengegaan. Ik kon er gewoon binnenlopen, er was niemand. Er lagen ook isolatoren, van drie modellen. Die heb ik meegenomen en naast de eerste op de schoorsteen gezet.'

'Vond je die ook mooi?'

'Ja, prachtig. En toen zag ik de merktekens. Die waren heel verschillend. En toen ben ik naar die opslagplaats teruggegaan, wel twee, drie keer en ik heb alles meegenomen.'

'Mooi en lelijk?'

'Alles!'

'En toen begreep je dat je verzamelaar was geworden.'

'Zo is het.'

'Vind je het dan niet moeilijk, de mooiste eruit te kiezen? Er is er toch altijd één die het allermooist is?'

'Nee. Bij elkaar zijn ze het allermooist.' Hij vertelde me alles over de isolatoren die hij al had, die hij nog wilde hebben, en de andere, de onbekende die hij om te beginnen tot iedere prijs wilde ontdekken om zich er dan natuurlijk na verloop van tijd meester van te maken, het liefst langs de oirbare weg maar als het niet anders kon, dan maar kwaadschiks met zijn isolatordievenzaag.

Toevallig kon ik hem ook iets vertellen. Ik had inmiddels een brief gekregen van iemand die een omvangrijke collectie blikken speelgoedtreinen uit de periode 1890-1940 heeft. Geen trein zonder station. Zo heeft Märklin meer dan vijftig stations gemaakt die, met de nauwkeurigheid waardoor het merk zich onderscheidt, in de eerste perioden ook van masten met isolatoren zijn voorzien. Er zijn zelfs, zag ik op de kopie van de Hauptkatalog von 1904 aparte dubbele masten met dertien isolatoren te koop geweest. Het jongetje van acht dat het toen allemaal heeft nageteld, is nu honderd, en zijn speelgoed voor de verzamelaar een klein vermogen waard.

Dat vind ik, soms te hooi en te gras iets verzamelend maar het altijd weer vergetend, de melancholie van de verzameling: de dingen die een doel dienden, worden in vitrines bevroren. Het is goed dat er verzameld wordt maar zelden zie je beter dat en hoe de tijd voorbij gaat.

(*) Vorige week heb ik hier verteld over een man die zich 'een ander mens' veranderd voelde nadat hij verzamelaar was geworden; in dit geval van isolatoren, de porceleinen 'potten' aan oude telegraaf- en elektriciteitspalen. Hij had een gereedschap ontwikkeld - een cirkelzaagje met zaklantaren en vangnet aan een lange stok, om 's nachts niet meer gebruikte isolatoren van hun staak te kunnen zagen.