HAAT EN LIEFDE OP DE SCHAPENWEI

Nederland voetbalt vanavond tegen Wales, een elftal met voornamelijk spelers uit de Engelse competitie. Ook in Wales wordt gevoetbald. Maar op rugbyvelden en schapenweiden is geen behoorlijke combinatie mogelijk. Alleen in Barry heerst een moderne voetbalcultuur. Daar speelt de enige profclub van de League of Wales. Daar leren profs de plaatselijke jeugd voetballen. Een omstreden club met Europese toekomst.

Hoog boven Cardiff, mijlen verwijderd van de grote wereld, omringd door uitgeputte kolenmijnen en onverstoorbare schapen, schreeuwen oude mannen moord en brand wanneer ze voetballers zien jagen op bal en tegenstanders. The Cowboys, worden ze genoemd, de voetballers van Ebbw Vale. Ze hebben deze avond hun mouwen opgestroopt en trekken in het plaatselijke rugbystadion ten strijde tegen the Dragons, zoals de bijnaam van de voetballers van Barry Town luidt. Grote kerels zijn het, die van Vale, groot genoeg om de breekbare jongens uit Barry met hun brute kracht schrik aan te jagen.

Scheidsrechter Vic Reed uit Merthyr Tydfil heeft zich voorgenomen de jongens op het veld te laten uitrazen. Want kan hij anders in deze strijd der giganten van de League of Wales? De oude mannen op de tribune kunnen niet langer aanzien wat de machteloze scheidsrechter uitricht. “Is that what the bible teaches you? Injustice”, schreeuwt een man die waarschijnlijk al grootvader is met een rauw geworden stem. “I'll cut your fuckin' balls off, you bloody ref.” Hij is allerminst de enige supporter die zich deze avond in Ebbw Vale te buiten gaat aan verbaal geweld. Er zijn van die momenten waarop een mens zich omdraait en zich afvraagt waar deze onbeschaafde opwinding haar oorzaak vindt.

Chris Aust, de manager van Barry Town, had voorspeld dat zich in Ebbw Vale bloederige taferelen zouden afspelen. Bij de thuisclub voetballen namelijk acht voormalige spelers van Barry Town en ook de trainer was vorig jaar nog in dienst bij de club uit de kustplaats. “Bovendien draagt iedereen in Wales Barry een kwaad hart toe. Haat en afgunst”, zei Aust. “Wij zijn de enige club in the League of Wales met fulltime profs, wij zijn de kampioenen, wij zijn ambitieus, wij hebben geld, wij hebben het mooiste stadion en het beste veld, wij zijn de besten. En zoals dat in Wales gaat: van de beste gaat zijn kop eraf. Er is hier geen respect voor kampioenen.”

Ebbw Vale en Barry Town delen de punten en de spelers vallen elkaar broederlijk om de hals. Geen haat meer, geen geweld meer. Vergeten is dat twee Barry-spelers met zware verwondingen het veld moesten ruimen. De robuuste verdediger Ian French strompelde al na een kwartier naar de kleedkamer na een meedogenloze schop op zijn scheenbeen. En zijn vervanger Dave Norman kreeg een elleboog in zijn gezicht en moest met een bloedende hoofdwond de strijd staken. In het clubhuis stonden ze na afloop weer te zuipen en te zingen met hun rivalen dat het een aard had. Alleen de oude mannen in hun voetbalshirt schreeuwden nog agressief. Dat het vroeger allemaal beter en vooral harder was geweest.

Paula O'Halloran had zich na afloop over haar jongens ontfermd. In de kleedkamer aaide ze moederlijk de ongelukkige Dave Norman over zijn hoofd. Mrs. O'Halloran is voorzitter van Barry Town. “De enige vrouwelijke voorzitter van een voetbalclub in Groot-Brittannië”, zegt ze met gepaste trots. “Barry Town is my pride and joy. Ik ben al ruim veertig lid van de club. Dat was mijn man ook. Maar helaas is hij vorig jaar overleden. Hij was voorzitter en hij wilde dat ik het van hem zou overnemen. Barry Town was zijn droom.” Ze is bij elke wedstrijd van Barry Town aanwezig, zoals ook deze avond in het kille Ebbv Vale. “Heeft u ook zo genoten van de wedstrijd”, vraagt ze. “Ik ben trots op mijn jongens.”

Vier jaar geleden besloot de voetbalbond van Wales met een nationale competitie te beginnen. Wilden clubs uit Wales deel kunnen nemen aan de verschillende Europese bekertoernooien, dan diende men van de Europese voetbalbond zijn eigen kampioenschap te organiseren. De League of Wales telt nu 21 clubs, waarvan alleen Barry Town fulltime professionals heeft. Drie Welsh clubs, Swansea, Cardiff en Wrexham, spelen nog in de Engelse competitie, waar ze in de derde divisie uitkomen. Voorlopig voelt dit trio er nog weinig voor de League of Wales te spelen. Maar volgens secretaris David Collins van Welsh FA hebben de drie in de onderste regionen van Engeland nauwelijks nog een reden van bestaan. “Het is maar een kwestie van tijd. Nu zijn ze nog eigenwijs. Maar Cardiff trekt nauwelijks toeschouwers en heeft minder geld dan bijvoorbeeld Barry Town. Er is geen toekomst voor de drie in Engeland.”

Collins vertelt in het kleine bondskantoor tegenover het nationale voetbal- en rugbystadion Arms Park dat de League of Wales sinds vorig jaar een contract heeft met BBC Wales en met de nationale zender S4C, onderdeel van Channel 4, over uitzendrechten. Het geld wordt gedeponeerd in een fonds ter ontwikkeling en bevordering van het voetbal in Wales. “Het is natuurlijk moeilijk concurreren met rugby in Wales”, erkent Collins. “Voetbal heeft veel meer beoefenaren dan rugby. Maar de media vinden rugby interessanter. Het rugby in Wales geniet internationale faam. Maar zodra Welsh voetballers zich weer zoals in de jaren vijftig kunnen meten met grote landen, werpen de media zich weer op voetbal. Rugby speelt zich af in Zuid-Wales, waar de meeste media zijn gevestigd. Voetbal is over heel Wales verspreid. Ik schat dat we zo'n 75.000 voetballers tellen en zo'n 30.000 rugbyers.”

Toeschouwers trekken de voetbalwedstrijden in Wales nauwelijks, in tegenstelling tot de rugbywedstrijden. De 'Engelse' profclubs Swansea, Cardiff en Wrexham kunnen op hooguit een paar duizend mensen rekenen. De clubs uit de League of Wales zijn al blij wanneer er meer dan honderdvijftig komen. In Ebbw Vale waren woensdagavond 589 toeschouwers aanwezig - een record voor Ebbw Vale. Barry Town mag zich soms verheugen op duizend of zoals vorige week in de UEFA-Cupwedstrijd tegen het Schotse Aberdeen op zesduizend toeschouwers. Het stadion in Barry, Jenner Park, heeft de laatste maanden een gedaanteverwisseling ondergaan, kosten anderhalf miljoen gulden. Twee overdekte tribunes zijn erbij gebouwd. En rond het veld ligt een nieuwe kunststof atletiekbaan. Momenteel is men druk doende een nieuw clubhuis te bouwen, met een luxueuze lounge voor spelers, bestuur en sponsors.

In het oude clubhuis zetelt Chris Aust, de manager en rechterhand van voorzitter O'Halloran. Een man met ambitie. “Vier jaar geleden zei ik dat we binnen vijf jaar Europees voetbal zouden spelen. Nou, we hebben twee voorrondes van de UEFA-Cup overleefd en zijn vervolgens ongelukkig uitgeschakeld door Aberdeen. Iedereen in Schotland spreekt nu met respect over Barry Town. Alleen in Wales worden we niet gewaardeerd. We zijn de rijke club en dat zet kwaad bloed. Over tien jaar spelen we Champions League, dat weet ik zeker. En dan zullen ze in Wales wel anders over Barry Town praten.”

Aust en Sandra, de telefoniste-receptioniste, zijn de enige fulltime personeelsleden van de club, naast de achttien voetbalprofs. Een belangrijk deel van de financiële rijkdom is afkomstig van de familie O'Halloran. Maar daarnaast wordt de club gesteund door de gemeente Barry, een havenstad van 50.000 inwoners vijftien kilometer ten zuiden van Cardiff, en door de provincie Vale of Glamorgan. Barry kent veel werkloze havenarbeiders sinds de naburige kolenmijnen zijn uitgeput. Naar een idee van wijlen voorzitter O'Halloran worden werklozen in de gelegenheid gesteld zich bezig te houden met begeleiding en voetbaltraining van de plaatselijke jeugd.

Opvallend is dat alle achttien voetbalprofs verplicht zijn twee uur per dag op de lagere scholen van Barry kinderen tussen 7 en 11 jaar voetbaltraining te geven. Ruim drieduizend kinderen verdeeld over zestien scholen krijgen zo voetbalonderricht. Dit systeem van jeugdopleiding slaat zo goed aan, zegt Aust, dat binnenkort op 58 scholen (16.000 kinderen) in de provincie voetballes wordt gegeven. Daarvoor zullen dan weer werklozen worden aangesteld. “De volgende stap is dan de kinderen die ouder zijn dan elf jaar op te vangen. Want we mogen ze natuurlijk uit onze handen laten glippen. We moeten de talenten wel behouden”, weet Aust.

Momenteel telt de spelersgroep slechts één autochtone voetballer. De overigen zijn afkomstig uit heel Wales of zelfs uit Engeland. “Barry Town is een profclub. Dus we kopen spelers overal vandaan. Hollanders zijn hier ook welkom. Want we betalen goed en we zijn een sfeervolle club”, zegt Aust en hij wijst naar buiten waar een paar spelers met kinderen aan het voetballen zijn. De manager meent dat de club met zijn 'unieke' systeem bijdraagt aan de opvoeding van de plaatselijke jeugd. “Wales kent nauwelijks gymnastiekleraren. Veertien voetballers van ons hebben een trainersdiploma. Die jongens kunnen de kinderen hier in Barry weer discipline, respect en teamgeest bijbrengen. Dankzij de club kunnen de oude waarden in ere worden hersteld. Noem Barry Town maar een opvoedende voetbalclub.”

De manager kan zich niet voorstellen wat profclubs als Swansea, Cardiff en Wrexham nog in de Engelse derde divisie zoeken. “Ze denken toch niet dat ze ooit het gat zullen dichten met clubs uit de Premier League zoals Manchester United, Arsenal en Newcastle. Dat gat wordt steeds groter door de inkomsten die de grote clubs uit de tv-rechten van Sky genieten. Wij van Barry Town zijn elk jaar verzekerd van Europees voetbal. Vier clubs uit de League of Wales mogen in een Europees toernooi uitkomen. Dat is een kans van een op vijf, want er zijn 21 clubs in Wales. Swansea en Cardiff lachen nu om ons. Maar dat zal gauw voorbij zijn en dan komen ze smeken of ze mee mogen spelen.”

Manager Tony Wilcox van Cwmbran Town geeft toe jaloers te zijn op zijn collega in Barry. “Vorig jaar speelden we in de Europa Cup voor bekerwinnaars. Dat was een fantastische belevenis met zeker vierduizend toeschouwers. Maar in de competitiewedstrijden van Cwmbran komen er nog geen honderdvijftig mensen kijken. Cwmbran is een grote stad in Wales met 40.000 inwoners. Maar de mensen die van voetbal houden gaan naar Manchester. De supportersclub van United in Cwambra telt meer leden dan Cwmbran. We hebben geen geld en geen sponsor. Elke uitwedstrijd kost ons 700 gulden om de spelersbus te huren. Dat is erg duur voor ons.”

Geld om het stadion te onderhouden en het gras te verzorgen heeft Cwmbran nauwelijks, verontschuldigt Wilcox zich. Chris Aust kan het bevestigen. “We spelen tegen clubs waar normaal gerugbyd wordt. Bent u wel eens in Llansantffraid geweest? Dat ligt 150 mijl verder in het noorden. Vorig seizoen speelden ze Europees voetbal als bekerwinnaar. Dat dorp heeft duizend inwoners. Als er gevoetbald moet worden, moeten ze er eerst de schapen vanaf halen. Daar kun je niet op voetballen. Dat is de bal ver weg schoppen en er achteraan jagen. Barry Town heeft goede voetballers, maar op die rugbyvelden met dat lange gras en op die schapenweiden komen ze niet aan combineren toe. Alleen ons veld is prachtig. Kijk maar, ze zijn het net weer aan het maaien.”

's Avonds betreedt Chris Aust het veld van Ebbw Vale met Paula O'Halloran aan zijn arm. Hij zet als een voetballer zijn hak in het gras en trekt zijn neus op alsof het stinkt. Voor de doelen staan de spelers zich op te warmen. De passes die ze elkaar geven komen niet aan. De bal hobbelt alle kanten op. Wanneer de gebrekkige lichtinstallatie is ontstoken kan de jacht op de bal beginnen. “Verwacht hier vanavond geen acties als die van Ryan Giggs”, zegt Aust met cynische ondertoon. Op de tribune weerklinken oerkreten. “Come on boys, cut their balls off. We're not here for cricket. And you Reed, you bloody ref, go to hell.”