Gekkenhuis FIDE

Het is moeilijk om te reconstrueren hoe de onderhandelingen precies verliepen die tenslotte tot de herverkiezing van Kirsan Iljoemzjinov als president van de wereldschaakbond leidden. De waarnemers ter plekke zijn nog niet bekomen van de terugreis en het zal nog wel even duren voor we hun verslagen kunnen lezen. Een nauwkeurige reconstructie is misschien ook meer iets voor de schaaktijdschriften. Ik schrijf hier alleen wat losse gedachten op die me nu invallen.

Wat is een normale verkiezing? De mensen die een functie ambiëren stellen zich kandidaat binnen de daarvoor vastgestelde termijn, dat wil zeggen een paar maanden voor de stemming. In de tijd van de verkiezingscampagne kan iemand zich terugtrekken omdat hij inziet geen kans te hebben, maar er blijven minstens twee partijen over, waartussen gekozen wordt door de stemgerechtigden. Je zou het minimumeisen kunnen noemen voor een normale verkiezing. De laatste keer dat een verkiezing voor het bestuur van de FIDE aan deze minimumeisen voldeed, was in 1982, toen Campomanes tot president werd gekozen.

Zoals bij veel organisaties kunnen de statuten van de FIDE door de Algemene Vergadering van alle aangesloten bonden veranderd worden, als er een tweederde meerderheid is. Bij de FIDE is een merkwaardige gewoonte ingeslopen. Algemeen wordt aanvaard dat een tweederde meerderheid voldoende is, niet om de statuten te veranderen, maar om ze te negeren. Het is niet zo dat de statuten als volgt veranderd worden: “Men moet zich binnen de vastgestelde termijn officiëel kandidaat stellen, maar iemand die rijk en machtig is kan nog op de dag van de stemming zichzelf en zijn team aanmelden.“ De statuten blijven netjes, alleen worden ze buiten werking gezet als dat opportuun is.

Een tijd geleden schreef ik over een curieuze advertentie die de FIDE plaatste. Er werd een secretaris van het FIDE-bureau in Lausanne gezocht. De sollicitant moest aan zware eisen voldoen: hij moest expert zijn op het gebied van informatica, vloeiend Engels en Chinees spreken (de advertentie was, in het Frans, in een Duitstalig blad geplaatst) en internationaal schaakarbiter zijn. Het schaap met de vijf poten dat gezocht werd bleek Ignatius Leong uit Singapore te zijn. De advertentie, voor Leong op maat gesneden, was geplaatst om te voldoen aan de Zwitserse wet, die eist dat een buitenlander alleen een baan kan krijgen als er eerst een open sollicitatie is geweest. Toen er toevallig geen Zwitser bleek te zijn die precies dezelfde kwaliteiten als Leong had, kon die benoemd worden.

Ik geloof dat ik Leong onrecht heb gedaan door woensdag te schrijven dat hij in eerste instantie zijn stemmen uitbracht in strijd met de wensen van de bonden die hij vertegenwoordigde en dat hij pas later zijn plicht vervulde en daardoor in conflict kwam met Iljoemzjinov. Ik baseerde me op het verslag dat de Amerikaanse wedstrijdleidster Carol Jarecki op de Internetpagina van de Amerikaanse schaakbond liet afdrukken en nu ik dat nog eens nalees, lijkt het ook zo te kunnen worden geïnterpreteerd dat Leong al van het begin af aan tegen de wensen van zijn meester Iljoemzjinov inging. Maar goed, op een gegeven moment voelde Leong zich bedreigd door de lijfwachten van Iljoemzjinov. Hij dook onder, naar later bleek op de hotelkamer van de Amerikaanse afgevaardigde Steve Doyle, waar hij de nacht doorbracht. Een andere vertegenwoordiger van Singapore zocht bescherming op de kamer van de Fransman Kouatly, iemand die een paar dagen eerder nog een medestander van Iljoemzjinov was, maar intussen ook uit de gratie was geraakt. Jarecki wist dit niet en maakte zich ernstige zorgen over het lot van Leong. De volgende ochtend nam Doyle twee mensen van de Amerikaanse ambassade mee naar het FIDE-congres om Leong te beschermen.

Was al die bezorgdheid terecht? Het lijkt me niet. Het is moeilijk voorstelbaar dat Iljoemzjinov een afgevaardigde die tegen hem stemde iets vreselijks aan zou laten doen door zijn gorilla's, terwijl zo'n beetje de hele internationale schaakwereld ter plekke aanwezig was. Veel is mogelijk in FIDE's gekkenhuis, maar dit niet. Hoop ik. Maar waar het om gaat is, dat Leong, Jarecki en Doyle het op dat moment kennelijk denkbaar vonden dat het wel zou gebeuren. In Moskou 1994 uitte Makarov, voorzitter van de Russische schaakbond, bedreigingen tegen afgevaardigden die hem dwars zaten. Een Russische schaakjournalist die hem vroeg of het waar was dat hij zijn meestertitel door valsheid in geschrifte had verkregen, sloeg hij een bloedneus. We zijn zo langzamerhand zo ver dat weliswaar niet het geweld zelf, maar wel het suggereren van de mogelijkheid van geweld een rol gaat spelen bij de schaakverkiezingen.

Doyle werd door Iljoemzjinov gevraagd als penningmeester van het bestuur. Doyle aarzelde. Tenslotte was hij lid van het andere team, dat nou juist de strijd met Iljoemzjinov was aangegaan omdat die geen behoorlijk bestuur voerde. Jarecki, die dagelijks contact met hem had, schreef op 30 september: “Het zou zelfmoord zijn om je bij Iljoemzjinovs groep aan te sluiten na wat er gebeurd is. Er is een goede kans dat Iljoemzjinov toch zal winnen - hij heeft diepe zakken.“ Zakken met geld, wordt bedoeld.

Een dag later blijkt aan het eind van het congres dat Doyle door Iljoemzjinov tot vice-president is benoemd, evenals Makarov. De dagen daarvoor hebben Doyle en Makarov ernstige ruzie gehad. Nu poseren ze voor de fotografen terwijl ze elkaar omhelzen. Jarecki schrijft nu heel anders over Iljoemzjinov: “Iljoemzjinov is ook een heel goede persoonlijkheid - misschien niet bescheiden, maar beleefd, vriendelijk, tegemoetkomend en open. Het algemene gevoel hier is er een van opluchting. De meeste afgevaardigden wilden dat Iljoemzjinov won.“

Let wel, het was nog maar een dag geleden dat ze zich ernstige zorgen maakte over de verdwijning van Leong en dat ze suggereerde dat Iljoemzjinov door omkoping gekozen zou worden. Nu heeft vriend Doyle een functie en is Kirsan Iljoemzjinov ineens 'misschien niet bescheiden, maar...' Ja, van iemand die overal Kirsan-wodka, Kirsan-kaviaar, Kirsan-foto's en Kirsan-boeken uitdeelt en die de straten van zijn hoofdstad Elista heeft volgehangen met Kirsan-plakkaten en het hele land Kalmukkië overstroomt met Kirsan-stripboeken waarin de Kirsan-heldendaden worden uitgetekend, is het verantwoord om te zeggen dat hij misschien niet bescheiden is, dat is waar. En het is waarschijnlijk ook waar dat de meeste afgevaardigden blij zijn met zijn verkiezing.

Behoorlijk bestuur, democratische verhoudingen, vasthouden aan regels en statuten, dat is allemaal wel mooi, maar voor de meerderheid van de schaakwereld toch niet het belangrijkste. Wie kan het meeste geld binnenbrengen, dat is een kwestie die als veel brandender wordt ervaren. In het bestuur van de FIDE zitten nu minstens vier mensen die naar mijn bescheiden mening achter de tralies thuishoren en niet in een bondsbestuur. Ach, er zijn veel slechte mensen in de wereld, dat wisten we allang. Het teleurstellende van het congres in Jerevan is vooral dat er zonneklaar is gebleken dat het in de FIDE niet mogelijk is om een serieuze oppositie tegen mensen als Iljoemzjinov, Campomanes, Makropoulos en Makarov op de been te brengen.

Waar stond het team van Sunye Neto en zijn mannen eigenlijk voor? Voor behoorlijk bestuur, zeiden ze. De geloofwaardigheid was al meteen aangetast doordat ze zich gedwongen voelden om de zeer onbehoorlijke bestuurder Makarov in het team op te nemen. Om het draagvlak te vergroten. En vanaf de eerste dag van het congres begonnen al de onderhandelingen met Iljoemzjinov. Een paar mensen liepen over, een paar trokken zich terug. Aan het eind waren van het oorspronkelijke team alleen nog Sunye Neto en Loewenthal overgebleven. Wie kan zich geroepen voelen om op de partij van de armlastige democraten te stemmen als de democraten zulke slappe benen hebben? Het mag een wonder heten dat Sunye Neto tenslotte nog 44 stemmen kreeg (niet 46, zoals ik woensdag schreef). Van alle afgevaardigden was er maar één die zich van stemming onthield. Ik weet niet wie het was, maar in gedachten groet ik hem of haar als een fatsoenlijk mens met gezond verstand en scherp politiek inzicht.