Aparte fondsen voor kunstgebit

DEN HAAG, 5 OKT. Het kabinet is het oneens met de Tweede Kamer over de vergoeding van het kunstgebit. De Kamer wil dat gebitsprotheses weer worden vergoed door het ziekenfonds. Minister Borst (Volksgezondheid) wil het onderbrengen bij extra fondsen van zorgverzekeraars. De minister schrijft dit in een brief die gisteren aan de Tweede Kamer is gezonden.

Sinds 1 januari 1995 is met de uitgebreide tandheelkundige hulp het kunstgebit buiten het pakket van het ziekenfonds terecht gekomen. Uit evaluatie-onderzoek van de Ziekenfondsraad bleek dat zestig procent van de bijna 2,5 miljoen mensen met een kunstgebit zich niet aanvullend heeft verzekerd tegen de kosten van vernieuwing van de prothese.

Bijna één miljoen ziekenfondsverzekerden zijn zestig jaar en ouder waarvan tien procent financieel niet in staat is om een nieuwe prothese aan te schaffen wanneer dat nodig is. Reden waarom de Ziekenfondsraad Borst adviseert het kunstgebit weer op te nemen in het ziekenfonds. Een maatregel die ongeveer 150 miljoen gulden kost.

Het kabinet wil zover niet gaan en heeft besloten met de zorgverzekeraars de mogelijkheden te bespreken de zogenoemde aanvullingsfondsen nieuw leven in te blazen. De meeste ziekenfondsen beschikten tot voor kort over zo'n aanvullingsfonds. Uit deze fondsen werden andere kosten vergoed dan die van het wettelijke pakket. Ook werden uit dit fonds eigen bijdragen voor zorg vergoed. Door een hoge verzekeringsgraad van deze fondsen kunnen de premies laag blijven. Borst verwacht dat de extra premie om het kunstgebit bij deze fondsen onder te brengen enkele guldens per maand zal zijn. De aanvullende verzekeringen voor dentale hulp waar fondspatiënten nu uit kunnen kiezen kosten gemiddeld tien gulden per maand.

Patiënten met zo'n verzekering krijgen de helft vergoed van de aanschaf van een nieuw kunstgebit dat ongeveer vijftienhonderd gulden kost. Toen de gebitsprothese nog in het ziekenfonds zat kostte deze de fondspatiënt ongeveer driehonderd gulden.