Zakenlui kwamen alleen maar kijken in Zuid-Afrika

RICHARDS BAY, 4 OKT. Voor de lunch staan zo'n vijftien gedekte tafels opgesteld onder enkele witte tenten. Aan de ene kant ruist de Indische Oceaan, aan de andere kant vormt het subtropisch bos een bijna ondoordringbare muur van groen.

Vlak voordat de voorzitter van de Kamer van Koophandel van Richards Bay, het uitgestrekte havengebied in de buurt van Durban, wil toasten op de aanwezigheid van 35 ondernemers en 1 minister uit Nederland, springt er een grijs aapje uit het bos. Het grist een gereedliggend broodje van tafel en verdwijnt weer in het woud. Nadat het vrolijk gelach is verstorven, waagt de gastheer het erop: “Smakelijk eten, en hopelijk neemt u volgende keer uw chequeboek mee.”

De handelsmissie die de afgelopen week in het kielzog van koningin Beatrix Zuid-Afrika aandeed, gaat morgen weer met bijna even veel geld naar huis als ze kwam. Alleen ABN AMRO schreef 100 miljoen uit aan kredietfaciliteiten voor de invoer en financiering van Nederlandse kapitaalgoederen in Zuid-Afrika. De ministeries van Economische Zaken en Ontwikkelingssamenwerking gaven een gezamenlijk cadeautje van 3 miljoen aan de Zuid-Afrikaanse overheid voor het trainen van werknemers in de telecommunicatie-industrie. En KPN gaat wellicht deelnemen aan het gedeeltelijk geprivatiseerde Zuid-Afrikaanse telecommunicatiebedrijf. Daarmee zijn de belangrijkste wapenfeiten wel genoemd.

De Nederlandse ondernemers, van uiteenlopende bedrijven als Stork, KPN, SHV Makro en ING, kwamen dan ook niet zozeer om “zaken te doen”, zoals president Mandela maandag in zijn tafelrede aan het staatsbanket had gevraagd, als wel om zich te oriënteren op het nieuwe Zuid-Afrika, zoals minister Wijers zegt. Met de benen wijd en een sigaar in de mond staat de bewindsman op een boot die het hele gezelschap naar een baggervaartuig van Boskalis brengt dat wel al lange tijd in Zuid-Afrika actief is. Ook bij het soepel overspringen naar het andere voertuig, midden in de haven van Richards Bay, houdt Wijers de sigaar onverstoorbaar in zijn mond.

Hij zegt een antwoord gekregen te hebben op de belangrijkste vraag die hem voor de reis naar Zuid-Afrika bezighield: is er genoeg gekwalificeerd zwart leiderschap aanwezig dat politieke stabiliteit kan garanderen nadat de toch niet meer zo jonge Mandela het veld zal hebben geruimd? Ondernemers die niet in termen van vier jaar denken maar zeker twintig jaar, willen zulke dingen graag weten voordat ze belangrijke investeringsbeslissingen nemen. “Mijn antwoord op die vraag is een volmondig ja”, zegt Wijers. “Ik ben buitengewoon onder de indruk van de kwaliteit van de zwarte politici die ik heb ontmoet. Sommigen van hen hebben net als Mandela jaren lang op Robbeneiland vastgezeten, anderen als balling lange jaren in het Westen verkeerd. Het heeft hen niet alleen een bepaalde filosofische kijk op dingen gegeven, maar ook de durf en daadkracht van mensen die toch niets te verliezen hebben.”

VNO/NCW-voorzitter Hans Blankert, die de ondernemersdelegatie aanvoert, vult hem later aan: “Mandela's aanwijzing van zijn kroonprins, vice-president Tabo Mbeki, is heel soepel gegaan. Ik ken partijen waar dat heel wat moeilijker is verlopen”, grijnst de CDA'er.

Een tweede verrassing voor minister en ondernemers was dat de Zuid-Afrikaanse regering bij haar financiële saneringsprogramma voor de komende jaren de criteria uit het verdrag van Maastricht als leidraad bleek te hebben genomen. “Ze kenden de EMU-passages van het Verdrag van Maastricht over terugdringing van het financieringstekort, de staatsschuld en de inflatie bijna uit hun hoofd”, vertelt een topman uit de bankwereld verbaasd. “Doordat je zo'n gemeenschappelijk referentiekader hebt, neemt het vertrouwen toe.”

Wat ambivalenter waren de ondernemers over, hoe kan het ook anders, de vakbeweging. De kritische houding van de zeer machtige Cosatu tegenover de privatiseringen en de eis van meer overheidsuitgaven om de werkloosheid op te vangen, schoten bij Blankert deze week in het verkeerde keelgat. “Gelooft de Cosatu hier werkelijk in of is het slechts retoriek die nodig is voor de achterban?”, vroeg de werkgeversvoorman zich af. Bovendien liggen black empowerment - de eis voor meer zwarte zeggenschap binnen de bedrijven - en de overigens nog niet officiele eis dat ten minste 35 procent van een bedrijf zwarte werknemers moet hebben, Blankert zwaar op de maag.

Positief was hij echter over Cosatu's houding tegen het financieel-economisch saneringsprogramma van de regering van Mandela. “Daarover vroeg ik afgelopen dinsdag aan secretaris-generaal Silowa of hij het met dat beleid eens was. Toen zei hij nee. Vervolgens vroeg ik of hij ermee kon leven en toen zei hij ja, als het maar een verbetering van onderwijs, huisvesting en dat soort dingen met zich meebrengt.” De Cosatu kwam zelfs even in een goed blaadje bij Blankert te staan toen ze, als lid van een soort Zuid-Afrikaanse SER (NEDLAC), het akkoord bleek te kennen dat Nederlandse sociale partners onlangs sloten over de flexibilisering van de arbeid.

Delen van dat akkoord kunnen misschien ook voor Zuid-Afrika relevant zijn, zo kreeg Blankert te horen. “Kennelijk begint ook Zuid-Afrika in de overlegeconomie te geloven”, lacht Blankert.

Afgezien van dit soort huiselijke ontdekkingen, waren er ook kleine verrassingen die het vertrouwen tussen Zuid-Afrika en het Nederlandse bedrijfsleven kunnen versterken. Zo was ook SHV-topman M. de Raad deze week mee met de handelsdelegatie. SHV is verbonden met MAKRO, de winkelketen die in de jaren tachtig doelwit werd van aanslagen van Rara. Nadat een paar winkels waren afgebrand, deed SHV haar vestigingen in Zuid-Afrika van de hand. Sinds kort is het bedrijf echter terug in Zuid-Afrika, zij het met een minderheidsbelang in Woolthru, de keten die de Makro-winkels nu bezit. De Raad vertelt dat er straks niet alleen winkels bijkomen, maar dat hij ook een alleraardigste ontdekking deed tijdens het staatsbanket van maandag: Zinzi Mandela, de jongste dochter van de president, bezit een Makro-pasje.