Vertalen (3) Reinjan Mulder wil een 'principiële' discussie voeren over overheidssubsidies aan literaire vertalingen. Kort weergegeven zegt hij: Heeft Nederland echt zoveel literaire vertalingen nodig als er nu op de markt komen? Nee.

Moeten al die vertalingen gesubsidieerd worden? Nee. Aangezien veel vertalingen niet zouden verschijnen zonder subsidie van het Fonds voor de Letteren, dient het Fonds minder vertalingen te subsidiëren. Dan vermindert het aantal literaire vertalingen dat wordt uitgegeven.

Vragen als: Heeft Nederland echt zoveel vertalingen nodig, zijn zuiver retorisch. Degene die ze stelt vindt dat er te veel vertalingen zijn en maakt zich af van de vraag hoeveel precies 'nodig' is.

Het Fonds voor de Letteren heeft geen invloed op het aantal literaire vertalingen dat verschijnt. Het budget 'aanvullende honoraria' is bestemd voor subsidie aan vertalers (niet aan uitgevers) voor boeken die één jaar eerder werden gepubliceerd. Bij het aanvaarden van de vertaalopracht is dus onbekend of de vertaler subsidie zal krijgen.

Het Fonds voor de Letteren werkt als volgt: alleen vertalingen die aan hoge normen voldoen wat betreft de kwaliteit van de oorspronkelijke tekst en van de Nederlandse versie krijgen subsidie. Vanaf 1989 is het budget van het Fonds, ook voor vertalingen, verhoogd.

De basis hiervoor was een rapport over de uiterst lage bedragen die auteurs en vertalers aan de verkoop van hun boeken overhielden. Regering en Kamer besloten dat de subsidie een zodanige aanvulling op het marktinkomen moet leveren dat er sprake is van een redelijke honorering - niet van een fooi. Daarvoor zal de vertaler meer tijd aan zijn werk kunnen besteden, wat de kwaliteit ten goede komt.

Vertalen is moeilijk en tijdrovend. Het Fonds voor de Letteren is de afgelopen periode geconfronteerd met een toename van het aantal uitgegeven literaire vertalingen en van het aantal goede vertalingen. De budgetten zijn sterk onder druk komen te staan, ook omdat het Fonds - onvoorzien - aanvragen van Vlaamse auteurs dient te honoreren. De hogere subsidie van het Fonds was bestemd om een redelijke vergoeding voor kwaliteitswerk te betalen.

De extra druk op het budget voor vertalingen is opgevangen door de subsidies veel langzamer te verhogen dan gepland. Daarnaast zijn er ingrijpende bezuinigingmaatregelen doorgevoerd. De vertalers hebben het offer gebracht dat de ondersteuning die het Fonds voor de Letteren hun biedt achter is gebleven bij wat in 1989 - bij de budgetverruiming - is afgesproken.

Het Fonds is nooit in de rode cijfers geraakt. De omvang van de extra druk is de afgelopen jaren gestabiliseerd. Het Fondsbestuur heeft de overheid gevraagd hiervoor middelen ter beschikking te stellen. Over de overvloed aan (niet alleen vertaalde) literaire titels met een korte levenscyclus en matige verkopen is zeker een interessante discussie te voeren. Misschien zelfs een principiële. Zo kan men zich afvragen of die overvloed wel goed is voor de uitgeverijen en de boekhandel. In een recent onderzoek vond het Sociaal en Cultureel Planbureau dat de overvloed aan titels remmend werkt op de leeslust van het publiek. Ons ontgaat waarom Reinjan Mulder het Fonds voor de Letteren opvoert als oorzaak van deze overvloed.