Vertalen (2)

In zijn 1000 woorden over vertalingen doet Mulder het voorkomen alsof uitgevers machteloos staan tegenover de recente ontwikkelingen: ze zien deze met zorg aan en dringen aan op een selectiever uitgavebeleid. Bij wie, zo vraag je je af. Zonder de subsidies van het Fonds zou volgens Mulder een aantal vertalingen niet verschijnen.

Te vrezen valt echter dat zonder subsidie juist werk dat bij uitstek de moeite van het vertalen waard is, onvertaald blijft. Het Fonds kan hoogstens de markt beïnvloeden als het behalve het normtarief - dat al als voorwaarde voor subsidie wordt gesteld - een geïndexeerd normtarief zou eisen.

De suggestie dat hulpeloze uitgevers worden belaagd door vertalers op zoek naar werk, die allerhande vertalingen aanbieden, raakt kant noch wal. Het is buitengewoon moeilijk een vertaalvoorstel aan een uitgever te slijten; dat lukt soms alleen als er subsidie bijkomt. Let wel: geen subsidie van het Fonds voor de Letteren maar uit het land van herkomst van de betreffende roman. (Te vergelijken met wat het Produktiefonds doet voor de Nederlandse literatuur.)

Uiteindelijk zullen uitgevers zelf hun produktie moeten beperken, áls ze dat nodig vinden. Zo niet, dan kunnen Fonds en vertalers alleen maar kiezen voor kwaliteit, in de hoop dat de markt hen hierin zal volgen.