Verlies in België dreigt door 'swaps'

BRUSSEL, 4 OKT. De Belgische overheid dreigt 34 miljard frank (1,8 miljard gulden) te verliezen door wat de oppositiepartij “speculeren met belastinggelden” noemt en de minister van financiën “actief schuldbeheer”.

In de periode 1989 tot 1992 is de overheid voor 54 miljard frank financiële verplichtingen aangegaan door middel van zogenoemde 'swaps', waarbij leningen in een sterke munt met lage rente worden omgezet in leningen in een zwakke munt met hoge rente. Op korte termijn levert dit winst, maar op de vervaldag moeten de 'swaps' worden terugbetaald in de oorspronkelijke harde valuta. De Belgische regering rekende er op dat de zwakke munten in waarde zouden stijgen, maar ze zijn juist gedevalueerd en de transacties dreigen daarmee uit te lopen op een miljardenverlies.

Derivaten - financiële produkten die zijn afgeleid van effecten, valuta's en goederen - zijn oorspronkelijk ontwikkeld om lange termijn-risico's af te dekken, maar worden door professionele partijen ook gebruikt om te speculeren op marktontwikkelingen. Het gebruik door niet-commerciële instellingen van derivaten, waaronder ook 'swaps' vallen, is omstreden. De Californische goudkust Orange County ging enkele jaren terug failliet door een miljardenverlies op rentecontracten. In Nederland kostten rentecontracten enkele woningbouwverenigingen veel geld.

De Belgische 'swaps' kwamen aan het licht tijdens het debat over de begroting voor 1997, deze week in het parlement. De liberale oppositieleider Herman de Croo citeerde uit brieven van het Rekenhof, waarin kritiek wordt geleverd op het “speculatieve optreden” van de overheid. Het Rekenhof maakt melding van een “zwarte kas” van 19 miljard frank, die moet dienen om “op occulte wijze de te verwachten toekomstige verliezen te dekken”. De Croo leverde ook kritiek omdat de regering de Kamer niet had ingelicht over de 'swaps'.

Minister van financiën Philippe Maystadt, die ook in de gewraakte periode verantwoordelijk was voor financiën, verdedigde zich gisteren in de Kamer met het argument dat risico's inherent zijn aan actief schuldbeheer en dat de gevolgen nauwelijks merkbaar zullen zijn op de begroting. Hij noemde de onrust voorbarig omdat de vervaldagen van de transacties liggen tussen 1997 en 2002. Maystadt betoogde dat het actief schuldbeheer wel staat vermeld in jaarverslagen.