Philips tempert verwachtingen dvd

De introductie van de digitale videodisk (dvd) is niet hét medicijn voor de kwakkelende Europese markt voor consumentenelektronica. Zeker niet op korte termijn. Hollywood ligt dwars. Bovendien zal het nog de nodige tijd vergen voordat de consument het nieuwe apparaat omarmt. Want, zo meent Philips-directeur Jan Oosterveld: “De kritische massa is momenteel nog niet groot genoeg.”

Oosterveld kan het weten. Als managing director is hij bij Philips belast met de introductie van de dvd, de nieuwe digitale techniek die beeld, geluid en tekst op één schijf samenbrengt. Een slopende baan die de Philips-manager momenteel wekelijks zo'n zestig tot zeventig uur bezighoudt. Dat is niet vreemd; de voorbereidingen voor de introductie van het veelbelovende medium zijn in volle gang. Japan krijgt de primeur; Matsushita en Toshiba willen hun dvd-hardware nog dit najaar op de thuismarkt introduceren.

Oosterveld blijft er stoïcijns onder. Philips heeft geen haast, onderstreept hij. Terwijl de voornaamse concurrenten over elkaar heen buitelen om hun dvd-speler als eerste te lanceren, wacht het Nederlandse concern rustig af. Zelfs de verrassende mededeling van Matsushita, dat in februari Duitsland aan de beurt is, kan Oosterveld niet benauwen. “Je wilt natuurlijk niet de laatste zijn. Maar of je nu twee of drie maanden later komt, daar liggen wij niet van wakker.”

Dat Matsushita, bekend van onder meer Panasonic, en Toshiba de sprong wel wagen, kan de Japanners volgens de Philips-manager nog wel eens lelijk opbreken. “De kans is groot dat er straks afspraken worden gemaakt waardoor zij hun spelers alsnog drastisch moeten veranderen.”

De afwachtende houding van Philips is geen bluf, verzekert Oosterveld. Hardwarefabrikanten mogen dan inmiddels met de computer- en muziekindustrie op één lijn zitten over de technische modificaties voor het nieuwe systeem, andere belangengroepen liggen nog steeds dwars. Als Philips iets wil voorkomen dan is het wel een tekort aan voorbespeelde disks. Oosterveld, met de mislukte introductie van Philips' eigen videostandaard Video 2000 nog in het achterhoofd: “We weten inmiddels allemaal dat een machine zonder software niet werkt.”

Het Nederlandse concern, naar eigen zeggen de voornaamse patenthouder binnen het vorig jaar opgetuigde dvd-consortium, wil zijn eerste digitale-videodiskspeler waarschijnlijk begin 1997 introduceren. Niet in Europa, maar in de Verenigde Staten. Wegens de grote Engelstalige markt, die de lancering van programmatuur sneller rendabel maakt.

Maar niet alle leveranciers van software zijn even gretig. Met name Hollywood heeft de nodige bedenkingen. De Amerikaanse studio's, verenigd in de Motion Pictures Association of America (MPAA), zijn bang dat hun films op dvd zich al te eenvoudig laten kopiëren, zonder kwaliteitsverlies. Dat zou een klap kunnen betekenen voor de lucratieve koop- en verhuurmarkt. Zij eisen betere bescherming tegen het thuiskopiëren, zowel op technisch als juridisch gebied.

Het dvd-consortium heeft al een een voorstel gelanceerd om misbruik te bemoeilijken via encryptie, een soort sleutel tegen illegale kopiëen. Maar die plannen gaan de grote filmstudio's niet ver genoeg. Momenteel vindt druk overleg plaats over een nieuw compromis. Dat verloopt allerminst soepel. Geen wonder, meent Oosterveld. “Zo'n bijeenkomst heeft alles van een Poolse landdag. Er zitten tachtig mensen aan tafel; allemaal met hun eigen belang.”

De Philips-directeur heeft geen idee wanneer het tot een akkoord komt. Bovendien wacht het consortium dan een nieuwe horde: de juridische protectie op het gebied van copyrights. In de Verenigde Staten is inmiddels een nieuwe wet in de maak die het kopiëren grotendeels moet verbieden. Oosterveld sluit niet uit dat ook die wet vertraging oploopt.

Ondanks alle problemen wil Philips zijn dvd-speler toch in de loop van 1997 in de Verenigde Staten introduceren voor 500 à 800 dollar. Europa, waar het apparaat tussen de 1500 en 1800 gulden zal gaan kosten, volgt later. De schijfjes krijgen een prijskaartje van ongeveer 45 gulden.

Spectaculaire verkoopcijfers in de eerste jaren zitten er volgens de Philips-manager niet in. Het concern mikt op 25 miljoen bezitters van dvd-spelers in het jaar 2000; slechts tien procent van de voorspelde verkoop van op cd-techniek gebaseerde afspeelapparatuur.

De kans dat de digitale videodisk de kwakkelende markt voor consumentenelektronica op korte termijn uit het slop haalt, acht Oosterveld dan ook gering. “Dvd is niet meer dan een belangrijke stap in de ontwikkeling van laseroptische systemen. Zeker geen revolutionair product zoals televisie of video, die de hele industrie op haar kop hebben gezet.”

Ter illustratie herinnert de Philips-directeur aan de lange tijd die nodig was voor de doorbraak van cd-audio. “Na vijf jaar had pas 5 procent van alle Nederlanders zo'n apparaat in bezit. En dan praten we voor onze begrippen over een doorslaand succes. (ANP)