Ierland

Van de Ierse schrijver Samuel Beckett is de uitspraak dat hij liever in Frankrijk was in oorlogstijd dan in Ierland gedurende de vrede. Toen hij in 1939 zijn zieke moeder in een voorstad van Dublin bezocht, nam hij bij het bericht dat de oorlog was uitgebroken halsoverkop de boot terug naar Frankrijk. Ierland heeft veel grote schrijvers voortgebracht, maar wat de meesten van hen verbindt is hun haat-liefde verhouding met het geboorteland. Of het nu Beckett is, James Joyce, of Edna O'Brien, ze wonen liever op veilige afstand van het veel bezongen groene eiland dan erop.

Hoe een cultuur te presenteren die voor zich zelf op de vlucht is? Ierland is dit jaar, na de Nederlanden en Oostenrijk, het themaland van de Frankfurter Buchmesse. Geld was geen probleem. Het Ierse bedrijfsleven en de Ierse overheid waren maar al te bereid om een presentatie op 'de Olympische Spelen van de uitgeverswereld' te steunen. Het land is naar hun gevoel in een economische en politieke beslissende fase beland en internationale aandacht zou goed van pas komen. Maar wat zou er gepresenteerd moeten worden? De Ierse uitgeverij moet op dit moment ongeveer de kleinste ter wereld zijn. Zesentwintig merendeels kleine uitgevers produceren voor een binnenlandse markt van vijf miljoen inwoners boeken die zelden hoge oplagen halen. Bij tienduizend verkochte exemplaren spreekt men al van een bestseller.

De oplossing werd gevonden in een aanpassing van het thema. In plaats van Ierland is het in Frankfurt dit keer 'Ierland en zijn diaspora' wat de klok slaat. De term is van de Ierse president Mary Robinson. Niet de Ieren of de Ierse uitgevers en drukkers staan in het middelpunt van de belangstelling, maar iedereen die op de een of andere manier iets Iers heeft. Voor het eerst in de geschiedenis van de beurs is het zwaartepunt-thema geen land of taal (Nederlands), maar een cultuur, een gevoel: Iersheid.

Het blijkt een oplossing die ongekende mogelijkheden biedt. Zou het thema alleen 'Ierland' zijn geweest, dan zou er niet veel meer getoond zijn dan groene hellingen en pubs waar Guinness wordt geschonken. Nu lijkt het wel de presentatie van een imaginair wereldrijk. Wonen er in Noord- en Zuid-Ierland samen nog maar vijf miljoen mensen, over de hele wereld, zo wordt ons duidelijk gemaakt, voelen meer dan zeventig miljoen mensen zich Iers.

En dan is er nog het Ierse zendingswerk dat breed wordt uitgemeten. In een vitrine op het Ierse paviljoen ligt mooi opgebaard het boek Omeros van Derek Walcott te kijk. Een onderschift maakt duidelijk dat de Caraibische Nobelprijswinnaar in zijn jonge jaren les heeft gehad van een Ierse geestelijke die hem met James Joyce in aanraking bracht. Elders prijkt het werk van Rabindranath Tagore. Dankzij de inspanningen van de Ier W.B. Yeats zou hij uiteindelijk de Nobelprijs hebben gekregen.

Zo balanceert de Ierse presentatie in Frankfurt voortdurend tussen bescheidenheid en grootheidswaan. Voor het ronde paviljoen op de binnenplaats laat een vijf meter hoge Gulliver, de schepping van Jonathan Swift, zien dat Ierland met zijn 1400 jaar oude literaire traditie geen minderwaardigheidscomplex heeft. In de nieuw in gebruik genomen achtste hal hebben de 26 Ierse uitgeverijtjes waarvan de meeste nooit eerder in Frankfurt waren een door de overheid gesubsidieerde stand ingericht.

Maar gesprekken met de uitgevers maken duidelijk dat zij zich eerder de lilliputters dan de reuzen van het boekenland voelen. Ierland ligt ook na de onafhankelijkheid van het zuiden nog altijd in de schaduw van Groot-Brittannië. Ierse schrijvers van naam publiceren bij Engelse uitgevers en slechts een enkeling is bereid voor lokaal gebruik af en toe een titel bij een Ierse uitgever onder te brengen. Het in 1979 opgerichte New Island Books dat dit jaar voor de eerste keer in Frankfurt is, heeft tot zijn grote vreugde de verspreide journalistieke stukken van de schrijver Colm Toibin in zijn fonds, The trial of the generals. Maar zijn bekende romans verschijnen alle in Engeland. De boeken van New Island Books worden ook voornamelijk in Ierland zelf verkocht. Tachtig procent van wat er wordt uitgegeven komt het land niet uit. Net als in Vlaanderen, waar eenzelfde soort concurrentie vanuit Nederland wordt gevoeld, leggen de meeste Ierse uitgevers zich de laatste jaren daarom toe op non-fictie: actuele politieke thema's en boeken van en rond Ierse televisiesterren.

Uitgeverij O'Brien uit Victoria Road in Dublin heeft een fonds met onder meer kinderboeken. Daarin worden bij voorkeur Ierse onderwerpen behandeld. Directrice Ide ni Laoghaire: “We proberen de hiaten te vinden die de Engelse uitgevers hebben. Als kind heb ik alleen maar Engelse kinderboeken gelezen omdat er geen Ierse boeken waren. Daar probeer ik nu in te voorzien. Ons fonds is erg Iers gericht.”

O'Brien geeft onder meer het kinderboek boek Under the Hawthorn Tree van Marita Conlon-McKenna uit, over de Ierse hongersnood, dat ook in het Nederlands is vertaald. Een ander kinderboek dat ze initieerde is Julie's story van William Trevor. “Wij bevinden ons in een postkoloniale situatie. Ierland is altijd een arm land geweest. Uitgeven was hier een luxe. Pas in de jaren zeventig zijn de meeste uitgevers die hier staan, begonnen. Nu begint het pas een bedrijfstak te worden.”

In zijn openingstoespraak van de Messe verhief de bekendste Ier van dit ogeblik, Seamus Heaney, het beginsel van de verscheurdheid tot een leidend beginsel van zijn en misschien wel alle literatuur. Hij vertelde over zijn aarzeling een leerstoel aan te nemen in Harvard. Zou hij zijn land niet in de steek laten? Vlak voor hij de beslissing moest nemen had hij een droom. Samen met zijn vrouw was hij in een woestijn waar hij bij het vallen van de nacht een tent bouwde vlakbij een rots. De volgende morgen was de rots weg. Het was een groot schip geweest dat in het Suezkanaal voor anker had gelegen en weer was doorgevaren.

Wat wij aanzagen voor een houvast, aldus Heaney, was verdwenen en we waren weer blootgesteld aan de ontberingen. “Mijn onderbewustzijn liet me weten dat beweging essentieel is voor het leven, eenzaamheid hoort erbij. Alles stroomt.” Het is volgens Heaney geen toeval dat de held van de grote roman van het moderne Ierland, Leopold Bloom, afkomstig is uit de joodse diaspora. Noch is het toeval dat dit boek Ulysses heet, en dat zijn auteur de ballingschap als discipline en lostbestemming koesterde.