Crises in Afrika

UNHCR: The state of the world's refugees. In search of solutions. Oxford University Press, 264 blz., ƒ 35,60

Ieuan LL. Griffiths: The African inheritance. Routledge, 216 blz., ƒ 40,95

Sinds 1989 is het aantal vluchtelingen en ontheemden in de wereld bijna verdubbeld, tot 27,5 miljoen. De vluchtelingenorganisatie van de VN, de UNHCR, is daardoor onder grote druk komen te staan. Oude antwoorden, gericht op het oplossen van problemen van vluchtelingen, voldoen niet meer. Het is noodzakelijk geworden om naar de oorzaken van het probleem te kijken.

In The state of the world's refugees probeert de UNHCR de snel groeiende ontheemding nu in een breder perspectief te plaatsen. Opvallend is dat de multilaterale organisatie daarbij over de angst heenstapt om door strijdende groepen van partijdigheid beschuldigd te worden.

Voor het bereiken van haar doelen blijft de organisatie sterk afhankelijk van de politieke wil van de lidstaten. Terecht bekritiseert de UNHCR in dit rapport daarom de grote invloed van de media op beleidmakers. Het live-verslag van de mislukking van operatie Restore Hope in Somalië heeft bijvoorbeeld de wil van de Amerikaanse regering om in humanitaire drama's in te grijpen tot nul gereduceerd, al gaat het boek wat makkelijk voorbij aan de strategische belangen die ook achter de veranderde Amerikaanse houding schuilgaan. Door die afhankelijkheid, en onder druk van een crisis, heeft de aanpak van de vluchtelingenorganisatie vaak een geïmproviseerd karakter. Het instellen van safe havens, het beschermen van voedselkonvooien en het opzetten van oorlogstribunalen zijn daar voorbeelden van. Zulke geïmproviseerde acties kunnen ook ongewenste gevolgen hebben: de gedeeltelijke mislukking van de safe havens in Bosnië illustreert dat. Ook daar gaat het boek, ondanks de zelfkritiek van de UNHCR, te summier op in.

De grotere aandacht die de VN-organisatie heeft voor de oorzaken van vluchtelingenproblemen, richt zich niet alleen op preventieve acties, maar ook op post-conflict peace building: de re-integratie van in hun land teruggekeerde vluchtelingen. Deels gedwongen door de verscherpte asielpolitiek van het Westen en door de ontwrichtende sociaal-economische effecten van de aanwezigheid van grote groepen vluchtelingen in opvanglanden, zoekt de UNHCR samenwerking met de NAVO, de OAE en de Wereldbank om staten weer op te bouwen. De UNHCR speelt in die wederopbouw een sleutelrol, maar staat daardoor ook van verschillende kanten onder druk. Enerzijds moet de samenwerking met (nieuwe) overheden vlotten; anderzijds stellen donorstaten hoge eisen aan de hulp, zoals democratisering en duurzame ontwikkeling.

Dat de werkelijkheid weerbarstig is, blijkt uit de voortdurende crises in Afrika. Daar bevindt zich bijna de helft van het aantal vluchtelingen ter wereld, ruim twaalf miljoen. Een stijging van 400 procent in tien jaar. In The African inheritance plaatst Ieuan Griffith, lector Afrikaanse en Aziatische studies aan de Universiteit van Sussex, de problemen van landen als Liberia, Somalië, Rwanda en Burundi in historisch perspectief. Kolonisatie en dekolonisatie, aldus Griffith, zijn de belangrijkste oorzaken van de hedendaagse malaise op het continent. Bij de deling van Afrika werd door de Europeanen niet gelet op etno-linguïstische grenzen. Zoals Bismarck het formuleerde: het ging erom Afrika open te leggen voor de beschaving in het algemeen en voor de handel in het bijzonder. Na de dekolonisatie ontstonden zo vele kleine en zwakke staten, nog ingericht volgens de wensen van de koloniale machthebbers. Onderlinge handel bleek welhaast onmogelijk, doordat ook de infrastructuur was aangelegd ten bate van de voormalige kolonisator.

De nieuwe grenzen, dwars door bevolkingsgroepen heen, hebben Afrika als het ware gebalkaniseerd en het neo-kolonialisme bevorderd. Terecht merkt Griffith op dat dit Afrika's economische en politieke zwakte op het wereldtoneel in stand houdt, al is hij wel zo eerlijk te erkennen dat niet àlle oorzaken van de huidige moeilijkheden in de koloniale tijd liggen. Vele kleine politieke elites en dictators hebben er ook hun steentje aan bijgedragen. Oplossingen van de vele en complexe problemen waarmee Afrikaanse staten kampen, moeten van de Afrikanen zelf komen, beklemtoont Griffith. De bemoeienis van het Westen mag zijns inziens daarbij niet verder gaan dan het doen van suggesties, op verzoek. Daarnaast moet het westen ernst maken met schuldverlichting, het stoppen van economische exploitatie en het instellen van fondsen in plaats van het verstrekken van leningen.