Alpiniste aan het Brusselse Hilton

Lisa. Regie: Jan Keymeulen. Met: Veerle Dobbelaere, Antonie Kamerling. In drie theaters.

Concertpianisten horen bij melodrama's. Er bestaat een lange traditie van onmogelijke liefdes en ongeneeslijke ziekten, die ook in beeld begeleid worden door Beethoven, Chopin of Brahms, vertolkt door jonge, knappe virtuozen met slechts oog en oor voor hun muziek. Lisa, het speelfilm- en scenariodebuut van de Belgische televisieregisseur Jan Keymeulen, komt dus niet helemaal uit de lucht vallen, al speelt het personage van Antonie Kamerling, zelfs tijdens een prestigieus Brussels pianoconcours geen klassieken, maar originele filmmuziek van componist Wim Mertens (The Belly of an Architect).

Zijn tegenspeelster Veerle Dobbelaere (het bosmeisje in De Noorderlingen) komt wel tamelijk onverwacht binnenvallen door het raam van Kamerlings hotelsuite. Zij is een in de liefde teleurgestelde alpiniste, die het leed van zich af klautert op het Brusselse Hiltonhotel, en door omstandigheden pardoes een vluchtroute nodig heeft.

Het is liefde op het eerste gezicht, die stand zal houden onder de tegenslagen van Kamerlings professionele ambitie en moederbinding, alsmede Dobbelaere's ontdekking dat ze seropositief is. De ontknoping vindt, onder dankzegging aan de Zwitserse coproducent, plaats tegen de wand van de Matterhorn.

Had Keymeulen affiniteit gehad met de tradities van het pulpgenre, dan zou het stramien van Lisa tot een cultfilm hebben kunnen leiden. Helaas neemt hij het gegeven bloedserieus; het lijkt wel of hij zelf niet in de gaten heeft dat zijn materiaal uit edelkitsch bestaat.