Consumentenbond vreest 'gefoezel' met produkt

Het kabinet wil de levensmiddelen- en produktwetgeving vereenvoudigen. De Consumentenbond vindt dat de overheid daarbij té makkelijk afstand neemt van haar verantwoordelijk- heid. De bond betwijfelt of verregaande zelfregulering door het bedrijfsleven de veiligheid en gezondheid van de consument voldoende garandeert.

ROTTERDAM, 1 OKT. De Consumentenbond liet in juli dit jaar weten dat sommige broodleveranciers niet terugschrikken voor wat 'gefoezel'. De broodbakkers leveren op grote schaal brood dat lichter is dan de wet toestaat, ondanks heldere voorschriften over het gewicht van brood, zo bleek uit een test in de Consumentengids.

Nederland kent nu nog een strikte produktwetgeving. Produkten moeten aan kwaliteitsnormen voldoen die de gezondheid en veiligheid van de consument waarborgen. Bovendien bepaalt de wet dat consumenten recht hebben op duidelijke informatie over produkten die zij aanschaffen. De Warenwet bepaalt uit welke ingrediënten een produkt moet bestaan. Zo mag een brood alleen volkorenbrood worden genoemd als het voor de volle honderd procent van volkorenmeel gebakken is, moet vleesbouillon getrokken zijn uit vlees, moet roomijs ten minste negen procent room bevatten en bestaat mayonaise voor tachtig procent uit olie en voor zes procent uit eigeel.

De Consumentenbond is niet per definitie tegen deregulering van produktwetgeving, wanneer dit leidt tot eerlijke concurrentie en een doorzichtige markt. “Maar wij hebben de indruk dat de intentie van de 'jonge Turken' op Economische Zaken nu en dan wat te hijgerig is. Zodat men over een paar jaar kan zeggen: dat hebben we maar mooi op ons conto geschreven”, zegt een woordvoerster van de Consumentenbond. De bond vindt dat de drang van de overheid om te dereguleren te ver dreigt door te schieten. Het is de Consumentenbond een doorn in het oog dat de overheid wettelijke voorschriften voor de samenstelling van voedingsmiddelen wil schrappen. De bond heeft aangekondigd zich krachtig tegen dit plan te verzetten.

Voor vele fabrikanten vormen de gedetailleerde regels een grote ergenis. Fabrikanten moeten bij de fabricage van hun produkten rekening houden met meer dan 25 wetten, die eisen stellen aan zaken als milieu, kwaliteit, veiligheid en de arbeidsomstandigheden waaronder een produkt wordt vervaardigd. Zo hebben fabrikanten te maken met onder meer de Wet Milieubeheer, de Elektriciteitswet, de Bestrijdingsmiddelenwet, de Wegen Verkeerswet, de Wet milieugevaarlijke stoffen en de Wet op de gevaarlijke werktuigen. De regelgeving is uiterst gedetailleerd, ontoegankelijk en vaak bemoeien verschillende ministeries zich met hetzelfde produkt.

De ondernemer die er zeker van wil zijn dat zijn produkt aan alle eisen voldoet, is daar door de veelvoud aan regels en de gedetailleerde wetgeving veel tijd aan kwijt. Minder versnippering en vereenvoudigde wetgeving kan het bedrijfsleven jaarlijks miljoenen guldens schelen.

En de deregulerende overheid komt tegemoet aan de klachten. Als onderdeel van de overheidsoperatie marktwerking, deregulering en wetgevingskwaliteit bekijkt een werkgroep van diverse ministeries de produkt- en levensnmiddelenwetgeving. De werkgroep Produktwetgeving zal gezien de complexe materie circa een jaar nodig hebben om wetswijzigingen te formuleren. Maar in de zogenoemde startnotitie over het project staan al wel enkele voorstellen. Zo denkt de overheid aan één kaderwet, waarbinnen alle benodigde regelgeving is te vinden. Zo zouden de Warenwet, de Wet Milieubeheer en de Elektriciteitwet worden samengevoegd. En bovendien willen de ambtenaren minder regelgeving en meer zelfregulering door het bedrijfsleven zelf. De overheid vindt daarbij wél dat het huidige niveau van becherming van gezondheid en veiligheid voorop moet staan.

De Consumentenbond vindt dat de overheid zo “haar handen in onschuld wast” door een deel van de bewaking van de kwaliteit van produkten aan het bedrijfsleven zelf te delegeren. De vraag is welke gevolgen de hervorming van de produktwetgeving voor de consument zullen hebben. Volgens de huidige Warenwet heeft de consument het recht goed te worden geïnformeerd over de ingrediënten in een produkt, door etikettering en prijsaanduiding. Als deze voorschriften worden afgeschaft en niet meer kunnen worden gecontroleerd, is de consument overgeleverd aan de goede wil van de producent, zo stelt de Consumentenbond. De bond ziet weinig reden om vertrouwen te hebben in fabrikanten. Zo concludeerde de bond deze week op basis van een onderzoek dat vleesfabrikanten massaal water toevoegen aan ham om het vlees 'op te rekken'.

Ook in de vereenvoudiging van de wetgeving ziet de Consumentenbond gevaren. De bond vindt dat de overheid uiterst zorgvuldig moet handelen wanneer bijvoorbeeld de Warenwet, de Wet Milieubeheer en de Elektriciteitswet worden samengevoegd. Het gevaar bestaat dat deze kaderwet zo ruim wordt dat zij haar doel voorbij schiet en veel niet regelt, wat ter bescherming van de consument wel noodzakeijk is. Bedrijven kunnen op die manier gebruik maken van de mazen in de wet. Ook hiervan kan de consument de dupe worden omdat het huidige niveau van bescherming van veiligheid en gezondheid in gevaar kan komen. Een woordvoerster liet weten dat de Consumentbond de vorderingen van de werkgroep Produktwetgeving de komende maanden scherp in de gaten zal houden.