'Saampies klussen en gillen in de kerk'

Mijn diensttijd heb ik in Indonesië doorgebracht”, zegt Jan. “Daar kwam ik in aanraking met volleybal. Ik was meteen verkocht. Terug in Nederland ging ik er mee door. Niet alleen als speler, maar later ook als scheidsrechter en op bestuurlijk niveau.

In 1971 ontstond Brevok uit twee andere clubs. Mijn vrouw was bij de fusiebesprekingen betrokken. De volleybalsport is een grote liefde van ons en Brevok, ach Brevok heeft ons hart gestolen.

De club speelt in een ouwe, tot sporthal omgebouwde kerk. Die kerk is ons tweede huis geworden. Saampies brengen we er heel wat uurtjes door. Ik ben al jaren het manusje-van-alles van Brevok. Ik beheer de hal, zorg dat de kleedkamers schoon zijn, dat de temperatuur goed is en de reclameborden op de juiste plek staan. Dat soort dingen. Allemaal vrijwilligerswerk. Liefdewerk. Maar tijdens een wedstrijd sta ik langs de kant, hoor. Dan ben ik een echte fan, gil ik net zo hard als het publiek. Uitwedstrijden bezoeken we ook. Daar krijgen m'n vrouw en ik altijd een uitnodiging voor van voorzitter Derks.''

Corry: “Ik ben gaan volleyballen door Jan. Later kwamen daar bestuursfunctes bij. In de kerk van Brevok heb ik altijd in de kantine gestaan. Tegenwoordig doe ik alleen nog de bar in de bestuurskamer. Maar ik houd me wel bezig met àlle inkopen. Van friet en andere versnaperingen tot schoonmaakartikelen. En als er wedstrijden zijn, sta ook ik langs de lijn.

Toch ben ik de laatste jaren als supporter minder fanatiek geworden. Er zijn veel nieuwe spelers van 'buiten' gekomen en onze eigen jongens spelen niet meer in het eerste. Ik merk het aan m'n stem. Die had ik vroeger na een wedstrijd niet meer! Toch is Brevok een instituut waar we met hart en ziel aan verknocht zijn.