Affaire-Bolkestein is dieptepunt voor Paars

DEN HAAG, 30 SEPT. De hectische persconferentie op Schiphol zaterdag liep tegen zijn eind, toen VVD-leider Bolkestein, gebronsd teruggekeerd van een week Cyprus, verzuchtte: “Ik kan het allemaal niet meer volgen.” Die opmerking was symbolisch voor een week publieke stampei over de vermeende belangenverstrengeling van de fractievoorzitter.

Alle ophef begon met het tv-programma Netwerk, dat vorige week suggereerde dat Bolkestein als betaald commissaris van het farmaciebedrijf Merck, Sharpe en Dohme zich regelmatig beijverde voor de particuliere belangen van dat bedrijf bij D66-minister Borst (Volksgezondheid). Er was sprake van privé-briefjes naar het privé-adres van de minister, een oud-klasgenoot van de VVD-leider. Als circumstantial evidence voor particuliere belangenbehartiging werd nog eens herinnerd aan het feit dat MSD hoofdsponsor was van een congres van de Liberale Internationale dit voorjaar in Noordwijk, waar Bolkestein werd geïnstalleerd als voorzitter.

Na deze uitzending ontwikkelde de 'affaire Bolkestein' zich tot een klassieke Nederlandse politieke rel. In de Kamer stelden de kleine oppositiepartijen GroenLinks en SP ogenblikkelijk vragen aan de betrokken minister Borst, terwijl zij de handelwijze van Bolkestein alvast afkeurden. De regeringsfracties PvdA en D66 gaven de coalitiepartner VVD vorige week dinsdag ook een cold shoulder. PvdA-fractievoorzitter Wallage formuleerde een “algemene norm”: Kamerleden die optreden als commissaris voor een bedrijf mogen de belangen van dat bedrijf niet bevorderen bij de overheid. En zijn D66-collega Wolffensperger meent dat het tijd is voor het opstellen van een “gedragscode”. Beide partijen moeten sinds het totstandkomen van het 'paarse' kabinet van PvdA, VVD en D66 in 1994 met lede ogen toezien hoe de VVD 'scoort' in de kiezersgunst.

De VVD-fractie betrok van de weeromstuit een egelstelling rond de geplaagde partijleider door met nadruk herhaaldelijk te verklaren dat “alle 31 leden van de fractie” vinden dat Bolkestein niets onoorbaars gedaan heeft.

Het CDA hield als grootste oppositiepartij aanvankelijk het kruit droog, door bij monde van fractievoorzitter Heerma te pleiten voor “hoor en wederhoor”. Over een ding was iedereen het roerend eens: er moet een debat over komen.

Andere karakteristieken van de oud-Hollandse politiek rel zijn ook aanwezig: zo langzamerhand is de hele samenleving betrokken bij de kwestie. Opinie-onderzoeken, ingezonden brievenrubrieken, commentaren van kranten, commentaren van deskundigen, de actualiteitenrubrieken op radio en televisie: het gaat allemaal over de nevenfunctie van Bolkestein. Kenmerkend is ook dat het debat niet gaat over fundamentele verschillen van mening over bijvoorbeeld ideologische of inhoudelijke standpunten. De moraal staat centraal. Was het optreden van Bolkestein ethisch verantwoord? Ook afgeleide zaken zoals de attitude van Bolkestein kregen veel aandacht. Was het niet hooghartig van de VVD-leider om zich een week lang te blijven ophouden op Cyprus, terwijl politiek Nederland op antwoord wachtte?

Zaterdag keerde Bolkestein terug en gaf een verklaring die in de kern het patroon volgde dat iedereen verwachtte: zijn optreden was niet onoorbaar want hij had zijn verantwoordelijkheden steeds strikt gescheiden gehouden. De 'algemene norm' van Wallage was Bolkestein volstrekt onbekend. Hij had zich slechts gehouden aan de wet: commissarissen moeten zich inzetten voor de belangen van het bedrijf waarvoor zij werken.

De stand van zaken aan de vooravond van het debat over het optreden van Bolkestein is dat VVD en PvdA op ramkoers liggen. Bolkestein heeft gezegd dat hij er niet over piekert zijn commissariaat bij het “uitstekend bedrijf” MSD neer te leggen. Wallage heeft zijn “algemene norm”.

CDA-senator Glasz, specialist op het gebied van commissarissen-ethiek, zei gisteren dat hij niet twijfelde aan de “goede trouw” van Bolkestein. Maar zelfs als je te goeder trouw bent kun je de fout in gaan, zo zei hij. Inderdaad kan Bolkestein wel blijven volhouden dat het voor hemzelf volstrekt duidelijk was wanneer hij optrad als commissaris voor een deelbelang en wanneer niet. Maar het gaat erom of dat voor zijn gesprekspartners duidelijk was. Het gaat bij de kwestie-Bolkestein eerder om rolverwarring dan om belangenverstrengeling.

Voorlopig laat die vraag Bolkestein “siberisch”, zoals hij zaterdag zei. Hoe het debat deze week in de Kamer ook verloopt, op voorhand is duidelijk dat de temperatuur in de paarse coalitie gedaald is tot een siberisch dieptepunt. De VVD is val van staatssecretaris Linschoten, vlak voor de zomer, nog niet vergeten. En ook de aanval van Wallage op Bolkestein tijdens de Algemene Beschouwingen ligt nog vers in het geheugen. De sprekers in het Kamerdebat zullen er rekening mee moeten houden dat al te grote politieke averij van de VVD-leider gevolgen heeft voor het voorbestaan van Paars.