Kunstenaar veroordeeld na misbruik naaktmodel

GRONINGEN, 27 SEPT. Een 47-jarige beeldend kunstenaar uit Uithuizen is gisteren door de rechtbank in Groningen conform de eis veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf, waarvan de helft voorwaardelijk, voor seksueel misbruik van vier naaktmodellen. De rechtbank achtte bewezen dat hij twee van de jonge vrouwen heeft verkracht en de andere vrouwen heeft aangerand en gedwongen tot seksuele handelingen.

De slachtoffers, in leeftijd variërend van 19 tot en met 23 jaar, studeerden aan de kunstacademie Minerva in Groningen en poseerden in de jaren 1992, 1993 en 1994 voor de kunstenaar.

Volgens de rechtbank zorgde de kunstenaar er voor dat de modellen afhankelijk van hem werden. “Door ze onzeker te maken, te belonen, door ze af te keuren en dan te waarderen. Daardoor ontstond een dreigende en afhankelijke sfeer.” De kunstenaar, die grote bekendheid geniet in Groningen, heeft misbruik van zijn positie gemaakt, aldus de rechtbank. De kunstenaar ontkent de vrouwen seksueel te hebben misbruikt. Met een van hen zegt hij drie maanden een relatie te hebben gehad. “Wat er is gebeurd zijn functionele dingen. Ik heb hen wel gemasseerd, om ze in ontspanning te brengen”, aldus de kunstenaar twee weken geleden op de zitting. Van dwang is volgens hem geen sprake geweest. “Daar zijn mijn tekeningen en beelden het bewijs van. Onder dwang kan geen kunst ontstaan.” Officier van justitie M.C. Weel noemde hem “een zelfingenomen kunstenaar die in de zestiger jaren is blijven hangen. Zijn werkelijkheid is de enige juiste”.

De kunstenaar gaat tegen het vonnis in hoger beroep. Volgens advocaat H. Anker gaat de rechtbank ten onrechte voorbij aan een rapport van de Limburgse hoogleraar rechtspsychologie H. Crombag. Doordat de vrouwen voor de aangifte veelvuldig contact met elkaar hebben gehad kan er volgens Crombag sprake zijn geweest van 'collaborative storytelling', een cumulatief proces van wederzijdse versterking van denkbeelden.

Anker hekelt het feit dat de politie dit contact heeft toegestaan en een van de vrouwen zelfs met de anderen in contact heeft gebracht. De rechtbank is van oordeel dat van ongewenste beïnvloeding geen sprake is geweest. De vrouwen hadden volgens de rechtbank geen motief om onjuiste verklaringen af te leggen. Bovendien betroffen de verklaringen alleen andere gedragingen. De kunstenaar moet de vier slachtoffers ieder vijftienhonderd gulden smartengeld betalen.