Dood van een slaaf

Fred D'Aguiar: De Langste Herinnering. Vertaald uit het Engels door Erika Peeters. De Geus, 156 blz. ƒ 32,90. Engelse editie: The Longest Memory. Chattus and Windham, 138 blz. ƒ 23,95

De Langste Herinnering is een bedrieglijk dun boekje. De in Guyana geboren, in Londen wonende jonge dichter D'Aguiar kreeg voor dit proza-debuut de Engelse Whitbread-prijs. In vijftien korte hoofdstukken komen tien personages aan het woord. Ze vertellen hun herinneringen rond de dood van een jonge opstandige slaaf op een plantage in Virginia in het begin van de negentiende eeuw. De vader van de jongen, een stokoude Uncle Tom die nog in Afrika geboren is, de moeder, de eigenaar van de plantage, diens slimme, avontuurlijke dochter, de planters uit de buurt, zelfs een commentator van The Virginian. Zoals hun verstrengelde levens leidden tot de dood van de jongen, zo vormen hun afzonderlijke verhalen samen de reconstructie in deze uiterst beknopte roman.

De centrale vraag is klassiek: hoe te overleven met onderdrukkers. Vader en zoon staan voor de aloude tegenstelling tussen aanpassing en verzet. De oude man heeft door gehoorzaamheid en pragmatische onderdanigheid een dragelijk bestaan opgebouwd op de plantage, de jongen weigert te buigen. D'Aguiar scherpt het dilemma verder aan wanneer hij de jongen van de plantage weg laat lopen, een vogelvrije toekomst in het vroeg negentiende-eeuwse zuiden tegemoet. De jongen denkt slechts verder te kunnen als hij zich bevrijdt; de oude man gelooft dat zijn zoon pas kan overleven als hij knakt. Hij heeft een lesje nodig, denkt de oude man, en hij overweegt zijn schuilplaats bekend te maken aan de meester, zodat die hem terug naar de plantage kan halen voordat hem ergere dingen overkomen. Redt hij zijn jongen door hem te verraden?

'Tenzij/ Je nu vertrouwd raakt/ Met ieder toevluchtsoord dat tracht/ Zich voor Atlantis uit te geven, hoe/ Zul je dan ooit het echte kunnen herkennen?', citeert D'Aguiar Auden in zijn motto. Hij lijkt diens gedicht op te vatten als een opdracht om tegenover de verbijsterende geschiedenis van de zwarte slavernij de overtuigingen, de rechtvaardigingen, de beweegredenen van alle betrokkenen te doorgronden. In De Langste Herinnering maakt hij de lezer vertrouwd met de pragmatische overlevingsdrang van de oude man, het humanisme van de eigenaar, het opportunistische christendom van de omringende planters, de trots van de jongen, de drang naar avontuur en liefde van de dochter.

D'Aguiar schreef over een complex thema als slavernij een verbluffend compact boekje. Maar elke regel van zijn proza komt tot leven: hij schrijft ingehouden, beeldend, ritmisch, bezwerend. Elke stem die hij oproept, wordt een personage met een visie die zijn gedrag niet alleen aannemelijk maakt maar ook in zekere zin rechtvaardigt. Dat het gedrag van al deze mensen samen leidt tot de volstrekt onaanvaardbare dood van de jonge zoon is onafwendbaar en blijft tegelijkertijd onbegrijpelijk.