Studie: geen band misdaad en horeca

ROTTERDAM, 26 SEPT. Er bestaan geen aanwijzingen dat de georganiseerde misdaad de horeca in haar greep krijgt. Berichten van die strekking borrelen op uit een 'echoput', waarin politiemensen, journalisten en wetenschappers elkaar napraten.

Dit stellen de onderzoekers B. Hoogenboom en P. Hoogenboom-Statema van de Rotterdamse Erasmus Universiteit in het onderzoek Foute kroeg, horeca en criminaliteit in Rotterdam. Dit 'fenomeen-onderzoek' is verricht in opdracht van de Regionale Recherche Dienst (RRD) van Rotterdam. In Friesland, Gelderland-Midden en Amsterdam-Amstelland lopen soortgelijke onderzoeken.

Deze conclusies staan lijnrecht tegenover de bevindingen van criminoloog prof. dr. C. Fijnaut, die de parlementaire commissie opsporingsmethoden meldde dat georganiseerde criminelen in Den Haag, Rotterdam en Amsterdam op grote schaal en soms met gewelddadige methoden noodlijdende horeca opkopen. Fijnaut en zijn collega's wordt een “oppervlakkige analyse” verweten. Ze zouden zich baseren op drie rapporten uit 1993, die geen van allen de toets der kritiek doorstaan. Zo herhalen ze een “stereotyp beeld”, waarin de horeca bedreigd wordt door drugsdealers, speelautomatenhandelaren en ondernemers met criminele antecedenten. Deze groepen zouden de horeca misbruiken om zwart geld wit te wassen en afzetkanalen te scheppen voor drugs. Automatenhandelaars zouden ondernemers via knevelcontracten dwingen speelautomaten te plaatsen.

Volgens de onderzoekers staat in de Rotterdamse horeca slechts vast dat stelselmatig belasting- en premiefraude wordt bedreven. Automatenhandelaren bedrijven belastingfraude door een deel van hun winst buiten de boeken te houden, maar 'wurgcontracten' zijn een mythe. Georganiseerde afpersingspraktijken zijn slechts aangetroffen in Turkse en Chinese kringen. Ook worden in Rotterdam horeca-panden aangekocht met geld waarvan de herkomst onbekend is door het lage niveau van het financieel rechercheren.

Voorzitter G. van der Veen van de Koninklijke Horecabond Nederland noemt het onderzoek “amateuristisch”. Hem verwijten de onderzoekers paniek over de georganiseerde misdaad nodeloos te hebben aangewakkerd.