Slimme constructie voor overname van scheepswerven; Joep omzeilt Cuba-sancties VS

SCHIPHOL, 26 SEPT.De Nederlandse ondernemer Joep van den Nieuwenhuyzen heeft een opmerkelijke constructie getroffen om de omstreden Amerikaanse Helms-Burton-wet te kunnen omzeilen bij zijn pogingen het 50 procent staatsbelang in de Curaçaose Dokmaatschappij Holding NV over te nemen, de houdstermaatschappij van de grootste scheepsreparatiewerven op Curaçao en Cuba.

Van den Nieuwenhuyzen koopt namelijk niet zelf het staatsbelang in CDM Holding, maar laat de acquisitie over aan een club van bevriende beleggers op de Nederlandse Antillen die zich speciaal voor deze gelegenheid hebben verenigd in de CDM Investment Group. Van den Nieuwenhuyzen heeft daarbij de optie om het staatsbelang in CDM Holding op zijn beurt van CDM Investment Group over te nemen als voor hem het gevaar is geweken van de Helms-Burton-wet. Van den Nieuwenhuyzen denkt dat de CDM Investment Group nog voor het einde van het jaar het contract tekent met de Curaçaose autoriteiten die over de privatisering van de CDM Holding gaan. “Er is immers onlangs een akkoord bereikt over de principes van de overname van het staatsbelang van 50 procent in CDM Holding.”

Van den Nieuwenhuyzen heeft er bovendien alle vertrouwen in dat hijzelf het belang in CDM Holding binnen de vastgestelde termijn van vijf jaar van CDM Investment Group kan overnemen, want die Helms-Burton-wet heeft volgens hem niet de eeuwigheid en zou in principe al begin volgend jaar, na de Amerikaanse verkiezingen, van de baan kunnen zijn. Hoeveel geld met de acquisitie van het 1700 man tellende CDM Holding is gemoeid, wil Van den Nieuwenhuyzen niet zeggen.

De Helms-Burton-wet maakt het Amerikaanse ondernemers van Cubaanse afkomst mogelijk in de VS bedrijven te dagvaarden die naar hun oordeel in Cuba profijt trekken van hun voormalige bezittingen die na de communistische revolutie van 1959 zijn geconfisqueerd door het bewind van de Cubaanse leider Fidel Castro. De gedagvaarde bedrijven lopen daarbij het risico dat hun Amerikaanse bezittingen worden geconfisqueerd of dat hun de toegang tot de VS wordt ontzegd.

De Helms-Burtonwet, genoemd naar de Amerikaanse congresleden Jesse Helms en Dan Burton, werd in maart van dit jaar door het Amerikaanse Congres geloodst, nadat de Cubaanse luchtmacht twee kleine Amerikaanse burgervliegtuigen neerschoot die het Cubaanse luchtruim schonden.

Van den Nieuwenhuyzen bevestigde al enkele maanden geleden dat CDM Holding voorkomt op de 'Roll of Shame', de lijst die Amerikaanse Cubanen hebben opgesteld van bedrijven die in verband met de Helms-Burton-wet gestraft zouden moeten worden. De CDM-werf op Cuba staat namelijk voor een klein gedeelte op grond die tijdens de Cubaanse revolutie door de regering Fidel Castro is onteigend.

Pagina 21: Wet in VS verstoorde plannen Afgelopen maart lekte uit dat Van den Nieuwenhuyzen met de privatiseringscommissie van de Curaçaose overheid onderhandelde over de aankoop van het 50 procents belang dat de Antilliaanse overheid heeft in de CDM Holding NV. CDM Holding omvat behalve de werven op Curaçao en Cuba ook kleinere toeleverings- en onderhoudsbedrijven.

Van den Nieuwenhuyzen had toen nog de bedoeling om met zijn eigen RDM Holding, houdstermaatschappij van de gelijknamige onderzeebotenbouwer in Rotterdam, het overheidsbelang in CDM Holding over te nemen. Hij zei te hopen de overname in de zomer te kunnen afronden.

De Helms-Burton-wet gooide echter roet in het eten. Na een intensieve studie door een aantal advocaten is Van den Nieuwenhuyzen tot de conclusie gekomen dat de risico's voor hemzelf en voor zijn RDM te groot zijn als de RDM het staatsbelang in CDM zou overnemen. “We hebben te veel belangen in de VS om het gevaar te kunnen lopen dat ze ons de toegang tot de VS ontzeggen.”

Omdat Van den Nieuwenhuyzen toch dolgraag het staatsbelang in CDM Holding verwerft (“veruit de grootste reparatiewerven in de regio, langs zeer druk bevaren routes, met acceptabele loonniveaus”), heeft hij nu de constructie bedacht dat niet hijzelf of RDM Holding de zaak overneemt, maar de bevriende club van beleggers verenigd in CDM Investment Group.

Welke bevriende beleggers achter CDM Holding schuil gaan wil Van den Nieuwenhuyzen niet zeggen. “Er zitten een aantal bij die in verband met de Helms-Burton-wet liever niet hebben dat hun naam bekend wordt. Want ook zij vrezen repercussies.” Wie de directeur is van CDM Investment Group wil hij evenmin kwijt.

Van den Nieuwenhuyzen is voor zover bekend de tweede Nederlandse investeerder die zich onder druk van de Helms-Burton-wet gedwongen ziet zijn plannen op Cuba aan te passen. Eerder al bevestigde de ING-bank dat ze zich onder Amerikaanse pressie terugtrekt uit de financiering van de suikeroogst. ING had op Cuba twee provinciale suikerproducenten in totaal 30 miljoen dollar geleend.

De Curaçaose Dokmaatschappij was in de jaren '70 nog eigendom van de Nederlandse bedrijven RSV, Nederhorst en Wilton Fijenoord. Nadat de recessie van de jaren zeventig op Curaçao had toegeslagen, werd de werf verliesgevend en deden de ondernemingen de werf in 1983 voor één gulden van de hand aan de overheid.

CDM Holding is nu nog voor de helft eigendom van de Antilliaanse overheid en voor de andere helft van een niet nader genoemde Lichtensteinse vennootschap. Wie achter deze vennootschap steekt kan Van den Nieuwenhuyzen niet zeggen.