Verkiezingen leiden tot crisis in Armenië

JEREVAN, 25 SEPT. De zondag gehouden presidentsverkiezingen hebben in Armenië een politieke crisis ontketend. De spanning is sterk toegenomen als gevolg van de weigering van de verslagen kandidaat Vazgen Manoekian om de uitslag van de verkiezingen te erkennen.

Gisteren betrokken elitesoldaten van het Armeense leger stellingen bij strategisch belangrijke gebouwen in de hoofdstad Jerevan. Rond het paleis van president Levon Ter-Petrosian, die de presidentsverkiezingen heeft gewonnen, waren tweehonderd soldaten met waterkanonnen samengetrokken. Elders hielden 40.000 tot 50.000 aanhangers van de voormalige premier Manoekian een rumoerige demonstratie, waarbij ze de uitslag van de verkiezingen aanvochten.

Bij de verkiezingen kreeg Ter-Petrosian volgens de Armeense televisie 52,08 procent van de stemmen en zijn rivaal Manoekian 41,26 procent. Die uitslag, meldde de televisie, is definitief.

Dat is echter niet bevestigd door de Centrale Kiescommissie. De leden van die commissie verlieten gisteren zonder opgaaf van redenen hun kantoor in het parlementsgebouw en verdwenen, zonder de officiële einduitslag te melden; een aangekondigde persconferentie werd afgezegd.

Daar komt bij dat de voorsprong van Ter-Petrosian gisteren steeds verder slonk naarmate meer stemmen werden geteld. Gisterochtend stond hij nog op 56 procent van de stemmen, tegen 36 procent voor Manoekian. Volgens Manoekian zijn niet alle stemmen geteld en heeft Ter-Petrosian niet de vijftig procent van de stemmen gekregen die hij nodig had om in de eerste ronde te winnen. Hij eiste gisteren een tweede ronde.

Bovendien beweert Manoekian dat bij de verkiezingen op grote schaal is gefraudeerd, een beschuldiging die in grote lijnen wordt onderschreven door veel internationale waarnemers. Zij hebben gemeld dat soldaten groepsgewijs opdracht kregen voor Ter-Petrosian te stemmen en dat veel niet-ingeschreven kiezers mochten stemmen, mogelijk meer dan eens. Bovendien werd volgens de waarnemers in strijd met de wet in veel stembureau's door soldaten toezicht gehouden op het stemmen. In zeker een stembureau werden onder de ogen van waarnemers de stembussen gestolen door - zoals later bleek - medewerkers van de campagnestaf van de president.

In het formele eindrapport van de waarnemers werd echter niet aan de geldigheid van de verkiezingen getwijfeld omdat geen sprake zou zijn geweest van “systematische” pogingen ze te vervalsen. In privécommentaren vochten diverse waarnemers die conclusie overigens aan. (Reuter, AFP)