'Kamer kan alleen eisen dat nevenfuncties openbaar zijn'

Door het optreden van VVD-fractieleider Bolkestein als commissaris van het farmaceutische bedrijf Merck, Sharp & Dohme is een discussie losgebrand over nevenfuncties van Kamerleden. De Leidse hoogleraar parlementaire geschiedenis en voormalig senator prof. dr. J.Th.J. van den Berg vindt een gedragscode 'onzin'.

DEN HAAG, 25 SEPT.Van den Berg is gedecideerd in zijn afwijzing van een gedragscode. “Fracties hebben hun eigen verantwoordelijkheid. De ene partij kan niet bepalen wat de ander wel of niet mag.”

De hoogleraar aan de Rijksuniversiteit te Leiden was de afgelopen vier jaar lid van de Eerste Kamer voor de PvdA, waarvan het laatste jaar als fractievoorzitter. Vorige maand trad Van den Berg in dienst als hoofddirecteur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Een functie die volgens de voormalig PvdA-senator niet langer te koppelen was aan het Kamerlidmaatschap. “Nee, dan was ik mezelf steeds tegengekomen. De VNG bemoeit zich met alle sectoren in de samenleving. De politieke effectiviteit komt in het geding als je dan zelf het woord voert. Dat is geen moreel argument, maar een politieke afweging.”

Is het wenselijk dat Kamerleden nevenfuncties vervullen? “In de jaren zeventig mocht er niets, maar inmiddels is de Kamer al jaren zover dat nevenfucties heel gewoon zijn. Een baan naast het Kamerlidmaatschap is goed voor het opdoen van kennis van zaken. Betaald of onbetaald maakt dan niet uit. Het maakt in principe ook niets uit of het gaat om de belangen van een industrie, een muziekverening of een of ander gezelschap. Ik vond dat al wat langer, maar wanneer ik dat vroeger zei werd ik gezien als een halve dorpsidioot. Ik verkondigde destijds de stelling: 'Je handen kunnen wel schoon zijn, maar ook leeg.' Politieke ideologieën zijn per slot van rekening ook conglomeraten van groepen kiezers. Sociaal-democraten spreken bijvoorbeeld namens het algemeen belang. Er is altijd sprake van een verwevenheid met bepaalde belangen en de samenleving. Maar we doen altijd een beetje of het opkomen voor belangen niet netjes zou zijn.”

Bestaat er bij het vervullen van bijbanen een verschil tussen de Tweede Kamer en de Eerste Kamer?

“Dat verschil is lange tijd gemaakt. Ooit was het vervullen van het Tweede-Kamerlidmaatschap een fulltime bezigheid. Vanaf de jaren tachtig is dat eigenlijk anders geworden. Van lieverlee is het een soort parttime functie geworden, waar je iets naast kunt doen.”

Zou er een bepaalde richtlijn moeten komen voor het vervullen van een nevenfunctie bij het Kamerlidmaatschap?

“De enige richtlijn die de Kamer in zijn geheel kan opleggen is dat het openbaar moet zijn welke nevenfuncties worden vervuld. Bovendien heerst de gewoonte dat iemand geen woordvoerder in de Kamer is, wanneer degene ook belanghebbende is. Als dat wel het geval is zou je dat er eigenlijk bij moeten zeggen, net zoals in Groot-Brittannië verplicht is. Maar ik merk dat dat hier niet door elke fractie zo goed wordt gehanteerd.”

De Tweede Kamer wil nu praten over de mogelijkheid om een soort gedragscode in te stellen. Zou een dergelijke code ongewenste belangenverstrengelingen kunnen voorkomen?

“Nee, dat denk ik niet. Ik denk dan: wat een onzin. Iedereen trekt nu blijkbaar grenzen, maar ze doen dat zonder aan te geven welke dat zijn. Wat wel of niet toegestaan zou moeten zijn heeft te maken met de politieke invalshoek van de partij. GroenLinks zal daar anders over denken dan bijvoorbeeld de VVD. Er moet een duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen de Kamer als instituut en de verschillende individuen daarin. De ene fractie kan toch niet gaan zeggen wat de andere wel of niet mag doen? De fracties moeten zelf bepalen wat wel en niet mag. Vervolgens moet de betrokkene daarin zelf een afweging maken. Er is nu soms sprake van enige vorm van hypocrisie. Als iemand van de 'collega's' in de problemen komt rekenen leden van andere partijen het niet tot hun eerste belang om voor diegene op te komen.”