Grote meerderheid wenst donorschap

ROTTERDAM, 24 SEPT. Zo'n 88 procent van de Nederlanders is van plan zich te laten registreren in het nieuwe donorregistratiesysteem. Nog geen 8 procent daarvan zal bij die registratie aangeven bezwaar te maken tegen het weghalen van organen na te zijn overleden. De overheid wil met het nieuwe systeem het oplopend tekort aan organen binnen enkele jaren opheffen.

De cijfers komen uit een Nipo-enquête, die is gehouden in opdracht van het Centrum voor Gezondheidzorg, Beleid en Recht van de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Daaruit blijkt dat Nederlanders in principe positief staan tegenover de mogelijkheid van orgaandonatie bij leven aan familieleden. De universiteit heeft het onderzoek uitgevoerd in opdracht van de Nierstichting. 83 procent blijkt bereid te zijn een nier af te staan aan de eigen levenspartner. Ogeveer 88 procent wil indien daartoe uitgenodigd een orgaan, dat is altijd een nier, afstaan voor het eigen kind. De onderzoekers constateren daarentegen dat ook de eerste voorkeur uitgaat naar het afstaan van organen na overlijden.

Dit geldt zowel voor de donor als de ontvanger. Deze houding wordt vooral ingegeven door het feit dat er grote moeite bestaat naasten direct om een nier te vragen. Van de ondervraagden heeft 68 procent moeite om de eigen broer of zuster een orgaan te vragen, 50 procent durft het bijna niet aan de partner te vragen en 74 procent wil het eigen kind niet confronteren met deze vraag.