Huwelijksdrama rond huistiran

Voorstelling: Kleine Teun, door De Mexicaanse Hond. Tekst, regie, muziek en decor: Alex van Warmerdam. Spel: Kees Hulst, Annet Malherbe, Ariane Schluter; licht: Stefan Dijkman. Gezien: 21/9 Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 30/11; inl 023-5328450.

In het begin heeft Brand nog praatjes. Tegen zijn echtgenote gromt hij: 'Ik waarschuw je, vrouw!' En zijn privé-onderwijzeres krijgt van hem de opdracht: 'Straf me!' Maar aan het eind van de voorstelling Kleine Teun is de klierige huistiran veranderd in een verslagen man.

Acteur Kees Hulst geeft Brand een geknepen-knauwende stem en een motoriek die even onhandig is als opgewonden. Onweerstaanbaar geestig is dit keuterboertje in zijn zwarte zondagse pak, dit jennende, dreinende kind dat zich verbeeldt de vrouwen onder de duim te hebben terwijl zij de man juist domineren.

Hoewel, uiteindelijk lukt het ook hen niet meer de situatie onder controle te houden; hun manipulaties gaan een eigen leven leiden en keren zich tegen iedereen. En tussen de optimistische start en het destructieve slot in voltrekt zich een knetterend huwelijksdrama: aangemoedigd door zijn echtgenote Keet vrijt Brand met lerares Lena, waarna beide dames in een meeslepende machtsstrijd verwikkeld raken.

Alex van Warmerdam schreef voor de drie personages een heerlijk oubollige tekst, een mengsel van knoestige levenswijsheden en aan sprookjes ontleende bezweringsformules. Als een boze fee sist Keet haar man en diens minnares toe: 'Jullie liefde is fris; gaan rotten moet-ie'. Haar wens gaat niet in vervulling. Annet Malherbe zet Keet neer als een imposant, vlezig wijf, terwijl de onderwijzeres van Ariane Schluter een timide kreng is dat zo haar eigen trucjes heeft om in het vreemde huis de lakens uit te delen.

Het zijn karikaturen, jazeker, en Van Warmerdam, tevens de regisseur, laat hen dollen als in een ouderwetse klucht. De drie slaan met de deuren, trekken zich kreunend terug op de plee, botsen hollend tegen elkaar op enzovoorts. Het decor oogt oerhollands. De huiskamer heeft een alkoof en streepjesbehang, en door een raam met pronte gordijntjes kijken we uit op een erf. Changementen vinden plaats in de vorm van kneuterige donkerslagen en de scènes zelf zijn steeds kort en pakkend. We verzwijgen de plot, op verzoek van de makers, anders bederven wij de pret.

Want daar lijkt het Van Warmerdam en de zijnen immers om te gaan: om het publiek te vermaken, met een kinderlijke tekst die toch de problemen van volwassen mensen aansnijdt, met een vooroorlogs huiskamerdecor en een verhaal dat toch in het heden speelt, met bazige figuren die hun leven toch niet de baas zijn en ervaren acteurs die toch een beetje houterig spelen. Die ongerijmdheden tillen Kleine Teun boven het niveau van de platte komedie uit, ook al schurkt De Mexicaanse Hond dit keer dicht tegen de conventies van het realistische drama aan. Meer absurdisme, zoals in Van Warmerdams film De jurk, is leuker, maar gelachen hebben we evengoed.