SER vergadert niet meer in de wandelgangen

DEN HAAG, 21 SEPT. “Eh, voorzitter, is het de bedoeling dat we hierop mogen reageren?” Het is even wennen voor de leden van de Sociaal Economische Raad. Ze mogen voortaan met elkaar in debat en G. van Dalen van de werknemersorganisatie voor middelbaar en hoger personeel MHP heeft per ongeluk de primeur van de eerste interruptie in de SER-geschiedenis.

De aarzelende vraag van Van Dalen was gisteren een van de vele noviteiten die in de Raadzaal van de SER te horen en te zien waren. Het symbool van de overlegeconomie waar elf Kroonleden met evenveel vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan regering en parlement, heeft de weg ingeslagen naar de 21ste eeuw. De SER wil korte metten maken met het jaren vijftig-imago van een vermolmd adviescollege dat in volstrekte geslotenheid soms jaren over een advies deed, waarna dit een hamerstuk was in een slaapverwekkende openbare vergadering. Openheid, snelheid en een 'graag of niet'-mentaliteit zijn de typeringen van de nieuwe wind die door het SER-gebouw gaat.

Het zijn echter miniscule stappen die daar naartoe leiden. Leden spreken voortaan niet meer vanaf hun plaats in de vergadercarré, maar vanachter een sprekersgestoelte, om te voorkomen dat ergens uit de zaal geluid klinkt waarvan niemand weet waar het vandaan komt. Leden die niet van papier lezen en het kort houden genieten de voorkeur van SER-voorzitter Klaas de Vries.

Ook de zaalopstelling is veranderd. Aanvankelijk zaten de twaalf mannen van het dagelijks bestuur op het voorzitterspodium en de overige 33 leden in de zaal. Dat was een mal gezicht toen de SER in april dit jaar werd verkleind en het 'DB' nog maar tegen eenentwintig leden aankeek. “Het leek wel een Politbureau”, vertelt FNV-voorzitter Johan Stekelenburg. Negen leden van het dagelijks bestuur dienden van het podium te vallen en kregen een plaats in de zaal. Een bescheiden verandering waar geen woorden aan vuil moeten worden gemaakt, vindt De Vries, maar die voor enkele DB-leden moeilijk te verteren bleek.

Gemeten naar de bescheiden maat van veranderingen bij de SER is het nieuwe agendapunt 'Actualiteiten' bijna een revolutie. De leden kunnen gewoon in de vergadering zeggen wat ze op het hart hebben, daar hebben ze geen wandelgangen meer voor nodig. Het idee was van werkgeversvoorzitter Blankert. Hij maakte gisteren, de eerste keer dat Actualiteiten op het programma stond, stevig gebruik van de gelegenheid door minister Melkert van Sociale Zaken het onderste uit de zak te geven. De bewindsman, die met zijn adviesaanvragen verantwoordelijk is voor een groot deel van het werk van de SER, heeft deze week advies gevraagd over de toekomst van het sociale stelsel in het algemeen en van de pensioenen en de Werkloosheidswet in het bijzonder. Als de SER hem ongevraagd gaat adviseren over een middelloon-WW (waarbij de premie die iemand krijgt als hij werkloos wordt, gerelateerd is aan zijn gemiddelde inkomen) dan gaat het advies “retour afzender”, zo kondigde Melkert aan. Hoewel de kans klein is dat de SER zo'n advies uitbrengt, schoot de waarschuwing van Melkert alle leden in het verkeerde keelgat.

“Dat bepalen we zelf wel”, zei Blankert. Het is niet de bedoeling dat een minister om advies vraagt en er meteen bij aangeeft hoe dat advies er uit moet zien. “Je vraagt advies aan of niet, maar de SER moet geen Derde Kamer worden.” Voorzitter De Vries deed er nog een schepje bovenop door fijntjes te wijzen op het belang dat Melkert kennelijk in de SER stelt: “Hij legt het advies niet op de vensterbank, maar hij stuurt het terug. Dus hij moet er nog kosten voor maken ook.”

Zoveel gramschap als in de paar minuten van de vergadering van gisteren werd geuit, was meer dan in het 56-jarig bestaan van de SER ooit was voorgekomen. Daar kon FNV-voorzitter Stekelenburg niet bij achterblijven: “Ik ben niet iemand bij wie de wave stopt als hij in het stadion zit, maar zolang er nog een half miljoen mensen aan de kant staan, ga ik de wave niet inzetten of een koffer boven mijn hoofd houden.” De vrolijkheid van premier Kok en minister Zalm van Financiën over de Nederlandse economie was Stekelenburg in het verkeerd keelgat geschoten. Hij maakte meteen maar even bekend dat hij een analyse van een van de SER-commissies wil over de tweedeling in de samenleving en hoe daar een eind aan te maken.

De spontane invallen van Blankert en Stekelenburg (“ik had vanochtend onder de douche wat punten verzonnen”) zorgden voor een voorzichtige ontlading. Heel even was de SER zo belangrijk als de leden vinden dat het zou moeten zijn. Een halve seconde leek het erop of werkgevers en werknemers vanaf de Bezuidenhoutseweg gezamenlijk ten strijde zou trekken tegen het kabinet dat enkele straten verderop zat te vergaderen. Totdat CNV-voorzitter Anton Westerlaken het woord nam en van papier een ouderwets saai SER-betoog hield. Weg was het vuur en de spanning: de leden zakken weer onderuit in hun stoelen, iemand werkt haar agenda nog eens bij en de rest prikt in het gebakje ter gelegenheid van het afscheid van Alexander Rinnooy Kan.