Oud-topman Weweler bitter over 'onnodige' arrestatie

UTRECHT, 21 SEPT. Toen Henk van Asselt (58 jaar) die maandagochtend in juni op zijn kamerpantoffels het politie-bureau in Apeldoorn betrad, beleefde hij het moeilijkste moment van zijn arrestatie.

In een kamertje zag hij door een openstaande deur zijn 34-jarige dochter. “Ze hebben mij enorm veel pijn en verdriet gedaan. Maar veel erger voor mij was nog dat ik aan de overkant zo mijn dochter zag, die niets met de zaak te maken had en ook van niets wist. Als vader zijnde gaan daar je haren wel recht van overeind staan. Dit had Justitie niet mogen doen.”

Van Asselt is president-commissaris van de autoverenfabrikant Weweler, en voorheen directeur van dit in 1924 opgerichte bedrijf. Op maandagochtend 10 juni om 6 uur 's ochtends van zijn bed gelicht door drie agenten van de Apeldoornse politie. Tegelijkertijd werden zijn dochter en zijn schoonzoon G.K. (37 jaar), eigenaar van een reclamebureau, gearresteerd en naar het politiebureau meegenomen voor verhoor. Het drietal werd verdacht van betrokkenheid bij misbruik van voorwetenschap bij de aandelenhandel in het fonds Weweler. Van Asselts dochter mocht 's middags “gelukkig” naar huis, hijzelf en zijn schoonzoon werden uiteindelijk drie dagen vastgehouden.

Het openbaar ministerie (OM) in Amsterdam maakte gisteren bekend dat Van Asselt en zijn dochter niet zullen worden vervolgd. G.K. moet wel voor de rechter verschijnen, op 20 december van dit jaar. Van Asselt die na zijn arrestatie tijdelijk zijn functie neerlegde (“Die beslissing is in goed overleg door beide partijen genomen”) bespreekt volgende week met zijn mede-commissarissen zijn terugkeer als president-commissaris: “Ik ben blij met de beslissing van het OM, maar de zaak had natuurlijk nooit zo ver mogen komen. De arrestaties waren onnodig en overbodig”, zegt van Asselt op een bittere toon.

Het openbaar ministerie is in maart 1995 begonnen met een onderzoek naar misbruik van voorwetenschap rond Weweler, een autoverenfabrikant met 240 medewerkers en een jaaromzet van zo'n 80 miljoen gulden.

Het onderzoek spitst zich toe op enkele transacties met een totale waarde van 80.000 gulden in aandelen Weweler, waarbij de verdachten een winst zouden hebben gemaakt van in totaal 30.000 gulden. De transacties hebben zich eind 1993 voltrokken, kort voordat Weweler de verkoop van de verliesgevende dochter Weweler Distributions had aangekondigd. In tegenstelling tot eerdere verwachtingen leverde die verkoop geen boekverlies op, waardoor Weweler zijn winstverwachting positief bijstelde in een persbericht en de beurskoers opliep.

“Ik heb voor veel hete vuren gestaan in mijn leven en deze arrestatie is geen waterscheiding. Ik ben van nature een rustige man”, zegt Van Asselt. Hij maakt inderdaad een kalme indruk tijdens het gesprek in de namiddag op het advocatenkantoor van Derks, Star Busman, Hanotiau in Utrecht in aanwezigheid van zijn raadsman mr. R. Verbunt. “Wat men mij ook aandoet, ik kan er goed mee omgaan. Ik zal best terugvechten, maar op het juiste moment”, aldus Van Asselt die gisteren al heeft aangekondigd een schadevergoeding te zullen indienen tegen de staat: “Waar gewerkt wordt worden fouten gemaakt, en Justitie heeft een blunder begaan.”

Met de arrestaties van Van Asselt en zijn familieleden zette het openbaar ministerie een nieuwe stap in de bestrijding van de beurscriminaliteit. Waar bijvoorbeeld de ondernemer Van den Nieuwenhuyzen in de HCS-zaak - de enige voorkenniszaak in Nederland die tot de hoogste rechter is uitgevochten - een verblijf in de cel bespaard bleef, werden Van Asselt en zijn schoonzoon enkele dagen vastgehouden op het bureau.

Het voorbeeld van Weweler is inmiddels gevolgd in het lopende onderzoek naar de voorkennis rond BolsWessanen. In deze zaak zijn al vijf arrestaties verricht en sluit het openbaar ministerie meer aanhoudingen niet uit. Onder de verdachten die in deze zaak zijn opgepakt bevindt zich ook een directeur van BolsWessanen.

“Het is duidelijk dat het OM nu een compleet andere tactiek hanteert dan tot voor kort het geval is. Dit is geloof ik meer de Amerikaanse aanpak, maar of dat nou vruchtbaar is, ik denk het niet. Aanpak van justitie was in wezen hetzelfde als nu bij Bolswessanen”, denkt Van Asselt.

Pagina 16: Claim tegen Staat in Weweler-zaak

Op de ochtend van de arrestatie werd de vrouw van Van Asselt wakker van het gebel en gebons op de voordeur. “Toen zij opendeed, zeiden de drie agenten haar: 'We komen uw man halen'. Ik werd later wakker, door de stemmen en het geloop op de trap. Eerst liepen de agenten de kamer van mijn dochter binnen, wat nooit had mogen gebeuren, en toen pas bij mij. Ik heb mijn vrije tijdskleren aangetrokken, heb niet mijn schoenen maar mijn pantoffels aangedaan en ben meegegaan”, zegt Van Asselt.

De schoonzoon die in december moet voorkomen heeft op de beurs gehandeld in aandelen Weweler, volgens justitie op basis van vertrouwelijke informatie. Diens echtgenote zou volgens de oorspronkelijke verdenking van de winsten uit deze wederrechtelijke handel hebben geprofiteerd. Van Asselt zelf werd verdacht van medeplichtigheid, omdat hij vertrouwelijke informatie zou hebben verstrekt aan zijn schoonzoon.

“De verdenking berustte op het feit dat ik president-commissaris was van Weweler en dat ik de schoonvader ben van degeen die gehandeld had in aandelen Weweler”, zegt Van Asselt en voegt eraan toe: “Wat mijn kinderen doen is hun verantwoordelijkheid en daar neem ik nadrukkelijk afstand van. Als mijn kinderen handelen in aandelen, dan mag dat in principe maar uiteraard niet met voorkennis. Voor wat mijn kinderen doen moet je bij hen zijn. Bij mijn schoonzoon, die heeft gehandeld.”

De vraag of hij nu wel of niet vertrouwelijke informatie over Weweler heeft verstrekt aan zijn schoonzoon, beantwoordt Van Asselt niet rechtstreeks: “In zijn algemeenheid: ik geef geen koersgevoelige informatie af aan wie dan ook. Dit antwoord moet voldoende duidelijk zijn.” Hij verklaart zijn terughoudendheid uit het feit dat tegen zijn schoonzoon nog een strafzaak loopt.

Niet bekend

De Economische Controle Dienst (ECD) had Van Asselt al in augustus 1995 ondervraagd met diens naar eigen zeggen “volle medewerking” over de gang van zaken rond de verkoop van de dochteronderneming en het persbericht. Daarna had vernam hij maanden lang niets en had de indruk gekregen dat de zaak was afgedaan. Dit voorjaar ving hij iets op over telefoontjes van Justitie naar medewerkers van Weweler met aankondigingen van een mogelijk verhoor. Die hernieuwde activiteit had volgens Van Asselt te maken met de “nieuwe officieren die het dossier niet hebben gesloten, maar het weer hebben opgerakeld”.

Van Asselt doelt op de officieren van justitie, mr. H. de Graaff en mr. M.J. van Zwieteren, bij het parket in Amsterdam, die begin dit jaar mr. J. Wortel opvolgden als fraude-officier. In opdracht van deze officieren ook werd hij drie dagen en twee nachten vastgehouden en verhoord.

Over de inhoud van de verhoren blijft Van Asselt vaag: “Alle verhoren in de cel waren in principe een herhaling van augustus 1995 en hadden inhoudelijk ook niets meer te betekenen. Waarom Justitie het zo deed, daarin verdiep ik mij niet. Ik weet alleen dat de arrestatie voorbarig en overbodig was.”

Rechter-commissaris Van Dijk van het Amsterdamse parket bleek daarover hetzelfde te denken. Op de derde dag werd Van Asselt voorgeleid aan de rechter-commissaris, die moest beslissen over verlenging van de detentie. Deze vond het blote feit van de familieverwantschap onvoldoende voor een “redelijk vermoeden” van schuld en noemde de arrestatie van Van Asselt “onrechtmatig”. Het hoger beroep van de officier van justitie werd in juli verworpen door de raadskamer.

De uitspraken van de rechters zijn een belangrijk wapen in de schadeclaimprocedure die van Asselt met zijn raadsman Verbunt wil beginnen tegen de staat. “Hoe groot de schade is, kan ik op dit dit moment erg moeilijk kwantificeren, maar de claim zal in ieder geval een bedrag zijn met zeven cijfers vóór de komma”, zegt Van Asselt. Daarin zitten in elk geval de directe kosten, zoals die voor de advocaat, maar ook niet-directe kosten: “Ik had me bijna aangemeld bij een bureau dat commissarissen beschikbaar stelt voor andere bedrijven. Hoe dat nu gaat, weet ik niet.” Naast het commissariaat bij Weweler heeft Van Asselt ook commissariaten bij een winkelinterieurs-bedrijf en een drukkerij.

“Bovendien is mijn eer en goede naam aangetast”, zegt Van Asselt. Hij is vooral gekrenkt door het persbericht over zijn arrestatie: “Iedereen kon makkelijk herleiden dat het ging om de president-commissaris van Weweler. Of de geur van voorkennis om mij heen blijft hangen, zal moeten blijken. Ik wil graag doorgaan en voel dat ik nut kan hebben voor het bedrijfsleven. Ook voor Weweler, want dat is een schitterend bedrijf.”

Met zijn toenmalige collega Otto kocht Van Asselt in de jaren tachtig Weweler via een management buy out van de de Zweedse eigenaar en beiden brachten de onderneming met een mooie winst naar de beurs. “Ik ben bij Weweler al 34 jaar betrokken, heb het bedrijf zien groeien van 50 tot 350 mensen op het hoogtepunt. Ik heb er jaren mijn beste krachten aan gegeven. Dus ik hoop dat de rust gauw terugkeert”.

De “goede familieband” is volgens Van Asselt niet aangetast. Maar of hij in december naar de rechtszaak van zijn schoonzoon weet hij nog niet, want hij vreest de publiciteit een beetje: “Als ik nu mijn gevoel volg zeg ik ja. Ik denk dat ik het laat afhangen van wat mijn schoonzoon ervan vindt. Als hij zegt 'Pa, kom maar rustig', dan ga ik”

    • Karel Berkhout
    • Geert van Asbeck