Nederlandse tennisploeg in de problemen na knieblessure van kopman; Lichaam laat Krajicek weer in de steek

HAARLEM, 21 SEPT. Richard Krajicek zakte diep door zijn knieën om het breekpunt te maken. De prachtige dropvolley viel dood achter het net, maar de pijn schoot in zijn knie. Dezelfde pijn als bij het tennistoernooi van Rotterdam in februari vorig jaar. De pijn die hem in 1994 vijf maanden langs de kant hield. “Ik maakte het breekpunt, maar ik kon niet blij zijn”, zei Krajicek na afloop.

Vechtend tegen de teleurstelling en de angst bleef Krajicek nog acht games op de baan staan. Hij won de derde set, hij kon nog serveren en retourneren. Maar iedere stap bleek er een te veel. “Stoppen”, zei hij tegen bondscoach Stanley Franker toen hij in de vierde set met 4-1 achter stond.

Door de opgave van Krajicek staat het Nederlandse Davis-Cupteam na de eerste dag met 1-1 gelijk tegen Nieuw Zeeland. Jan Siemerink had eerder op de dag in vijf sets gewonnen van Brett Steven. Vandaag is het dubbelspel, morgen volgen twee enkelspelen. Het is hoogst onwaarschijnlijk dat Krajicek nog speelt. De winnaar van het duel speelt volgend jaar in de wereldgroep met de beste zestien landen.

De eerste wedstrijd van Krajicek als Wimbledon-kampioen in eigen land werd een drama, een nederlaag tegen Alistair Hunt, de nummer 294 van de wereld. Hij verloor de eerste set in de tie-break, maar kreeg daarna greep op zijn tegenstander. Hij won de tweede set met 6-3 en brak in de derde set naar 4-3. Pas tijdens de rustpauze bij 5-4, toen Krajicek de toegestane drie minuten blessurebehandeling nam, werd duidelijk dat zijn lichaam hem voor de zoveelste maal in zijn loopbaan in de steek had gelaten. “Ik zette af en opeens voelde ik het”, vertelde Krajicek een uur na zijn aftocht op de persconferentie.

“Ik ken mijn lichaam inmiddels zo goed, dat ik meteen wist wat het betekende. Mijn knie blokkeerde. Er komt zoveel spanning op je knie te staan dat de pees onder de knieschijf, de patela-pees, een klap krijgt. Het doet heel veel pijn. Je kan niet meer op je been kan staan. Het was een vergelijkbare blessure als in Rotterdam, alleen een minder erge vorm. Toen duurde het een half uur voor ik mijn knie kon buigen. Nu kon ik na de eerste dertig seconden weer op mijn been staan. Maar ik kon niet meer afzetten, ik kon niets doen. Met een break achter in de vierde set had het geen zin meer om door te gaan. Ik was kansloos.”

Krajicek heeft een lange geschiedenis van blessures. Zijn 1.96 meter lange lijf is kwetsbaar. De hoge belasting van wedstrijdspanning en toptennis vraagt veel van zijn pezen en gewrichten. De eerste keer dat hij de halve finale haalde van een grand-slamtoernooi, in 1992 in Australië, kon hij niet spelen omdat zijn schouder overbelast was. Eind 1993 besloot hij niet meer te tennissen tot zijn overbelaste kniepezen hersteld waren. Dat kostte hem vijf maanden.

Zijn knieën speelden vorig jaar weer op in Rotterdam, toen hij zich verstapte tijdens het winnende punt in de finale tegen Paul Haarhuis. Hij schreeuwde het uit en zakte met zijn handen voor zijn ogen in een stoel langs de baan. De 'napijn' duurde destijds twaalf dagen. Dezelfde kwaal keerde drie maanden later terug, op gravel in Hamburg. Dit jaar kreeg hij in januari blessures in Australië, eerst zijn arm en elleboog en op de Australian Open schoot het in zijn rug tijdens een wedstrijd in de derde ronde. Hij moest opgeven.

Misschien was het wel de angst voor blessures die hem parten speelde, vertelde hij destijds in Australië. Misschien is hij opgezadeld met een kwetsbaar lijf door incomplete training in zijn juniorentijd - veel techniek, niet genoeg conditie. Ook dit keer had hij geen sluitende verklaring. Misschien had hij eerst te weinig en daarna te hard getraind. Sinds zijn nederlaag tegen Edberg op de US Open had hij drie weken niets gedaan - beetje vakantie in New York en thuis in Monaco en een examen voor zijn golfvaardigheidsbewijs in Nederland. Pas afgelopen weekeinde had hij het racket weer ter hand genomen.

Krajicek was diep teleurgesteld. “Als ik mijn wedstrijd had gewonnen en vervolgens niet meer zou kunnen spelen, had ik tenminste genoeg gedaan voor het Nederlandse team om de wedstrijd te winnen. Bij een 2-0 voorsprong moet je nog één van de drie wedstrijden winnen, dat lukt wel. Nu moeten we nog twee van de drie wedstrijden winnen.”

Nederland dankt het aan Jan Siemerink dat het team nog een kans maakt in het promotie-degradatieduel. Nederland verloor in januari in de eerste ronde van het Davis-Cuptoernooi met 3-2 van India en moet Nieuw Zeeland verslaan om volgend jaar weer in de wereldgroep te spelen. Siemerink revancheerde zich gisteren voor zijn nederlagen in India tegen Bhupathi en Paes. Hij versloeg de Nieuw-Zeelandse kopman Steven in drieëneenhalf uur met met 6-7 (4-7), 7-6 (7-2), 6-3, 3-6 en 6-2.

Siemerink speelt vandaag waarschijnlijk het dubbelspel met Sjeng Schalken, die zijn debuut maakt. Paul Haarhuis (huwelijksreis) en Jacco Eltingh (toernooi in China) hebben afgezegd. Siemerink en Schalken hebben nog nooit eerder samen gespeeld. Maar ze hadden de afgelopen week wel samen geoefend. Er was door bondscoach Franker rekening gehouden met de mogelijkheid dat Krajicek zaterdag te stijf zou zijn om te spelen.