Lange Mars raket blijkt keer op keer onbetrouwbaar; Chinese ruimtevaart verkeert in diepe crisis

PEKING, 21 SEPT. Het had de kroon op het werk van China's ruimtevaartindustrie moeten worden; de eerste bemande vlucht door de ruimte in het jaar 2000. Maar met de doffe explosie van 's lands nieuwste Lange Mars-3B raket in februari, waarvan afgelopen week de oorzaak bekend werd gemaakt, ging het ambitieuze project volledig in rook op.

Woordvoerder Shu Shaolin van de Chinese ruimtevaart-coöperatie, voegde er destijds aan toe, toen hij bevestigde dat het project zou worden stopgezet, dat de ontploffing en het nieuws dat hij te melden had geenszins met elkaar van doen hadden. Maar medewerkers van Great Wall Industries, het bedrijf dat de raketten bouwt en de lanceringen verzorgt, weten dat het anders zit. “Het duurt op z'n minst twintig jaar voordat we weer zover zijn”, zegt een stafmedewerker van Great Wall Industries, “en dan ben ik nog optimistisch.”

Geldtekort, corruptie en grote zelfoverschatting zijn volgens de medewerker, die tevens secretaris is geweest bij het Chinese ministerie van lucht- en ruimtevaartindustrie, de oorzaak van de crisis waarin het ruimtevaartbedrijf verkeert. “Het succes van de afgelopen veertig jaar is ons noodlottig geworden”, zegt hij. “Als je bedenkt wat wij met een minimum budget allemaal bereikt hebben (sinds 1956 heeft China 800 miljoen gulden uitgegeven) dan verdient het Chinese ruimtevaartprogramma veel respect. Maar we zijn te snel gegaan en verkeren nu in een situatie die ver af staat van hetgeen de Chinese staat aankan. Daardoor is de ruimtevaartindustrie onstabiel geworden en is verdere ontwikkeling uitgesloten. Ongelukken zijn dan nog slechts een kwestie van tijd.”

Eind 1992, twee jaar nadat China zich openstelde voor de commerciële ruimtevaart, begonnen de problemen. Toen verloor de Chinese basis Xichang in de West-Chinese provincie Sichuan, enkele uren na lancering van een Lange Mars-2E raket, contact met de Australische satelliet die daarin werd vervoerd. De Chinese autoriteiten gaven de schuld aan de Amerikaanse producent van de satelliet, Hughes - nota bene de drijvende kracht achter China's entree op de internationale markt. Maar het Chinese onderzoek wat daarop volgde werd nooit vrijgegeven.

Drie jaar later, begin 1995 was het opnieuw raak, maar nu met een fatale afloop. De drager van de Chinees-Hongkongse satelliet Apstar-2, een raket van hetzelfde type als in 1992, explodeerde even na de lancering en veroorzaakte daarmee de dood van zes mensen. Opnieuw was Hughes, als producent van de satelliet, bij het ongeluk betrokken.

De ontploffing in februari, waarbij de Amerikaanse satelliet Intelsat 708 verloren raakte, richtte nog meer schade aan. De Lange Mars raket stortte neer op een dorp op anderhalve kilometer afstand van de lanceerbasis en kostte tientalle mensen het leven.

“Premier Li Peng kwam na de ramp op bezoek bij Great Wall Industries”, vertelt de stafmedewerker, “om alle werknemers een hart onder de riem te steken. Eén of twee ongelukken zouden acceptabel zijn, zo meldde hij. Maar daarmee moest het wel afgelopen zijn. Zijn bemoedigende woorden hebben niet mogen baten, want in augustus ging het weer mis.” Chinasat-7 werd niet in de juiste baan om de aarde gebracht omdat de derde trap van het nieuwste Lange Mars model het liet afweten. “Intern hebben alle personeelsleden van Great Wall Industries de opdracht gekregen zich stil te houden. Iedereen weet inmiddels dat de toekomst van ons bedrijf heel somber is.”

Buitenlandse consumenten hebben dat inmiddels ook begrepen. “Het Chinese percentage van geslaagde lanceringen is vijftig procent”, aldus één van hen. “Bij elk van de overige vier commerciële raketmachten is dat negentig procent.” Direct na het ongeluk in februari zegden vier buitenlandse consumenten, waaronder het internationale consortium Intelsat, hun contracten met China op. Nota bene Asiasat uit Hongkong, deels in handen van de Chinese regering, week uit naar Baikonur in Kazachstan, waar de satelliet van het bedrijf op een zware Russische Proton raket de ruimte in geschoten zal worden.

De beslissing van Asiasat was veelbetekenend. Nog voor het jaar 2000 zullen ongeveer 35 communicatiesatellieten in het luchtruim boven Azië geplaatst worden en China is de grootste afnemer. Maar Asiasat heeft blijkens haar beslissing alle vertrouwen in de door het Chinese leger gedomineerde ruimtevaartindustrie verloren.

Het Chinese ruimtevaartprogramma kampt inmiddels met een groot aantal problemen waarvoor het een oplossing dient te zoeken. Eén van de voornaamste is dat China's marktpositie door het hoge percentage miskleunen, en de daarmee gepaard gaande stijging van de verzekeringspremies, sterk is verzwakt. Wat enkele jaren gelden nog een uiterst aantrekkelijke overeenkomst leek, lanceringen met Chinese raketten lagen met 45 miljoen dollar bijna 50 procent onder de marktprijs, is nu een dure aangelegenheid geworden die desondanks samen gaat met veel risico's. Satellieten die worden vervoerd door Chinese raketten worden na het ongeluk in februari verzekerd voor ongeveer 180 miljoen dollar, bijna tien procent meer dan elders.

Bovendien zijn Chinese raketten lang niet zo krachtig als buitenlandse modellen. De tot dusver geflopte Lange Mars 3B, die in staat behoort te zijn 4.8 ton te vervoeren, was een verbetering ten opzichte van de veel lichtere Lange Mars 2E, die slechts 2,2 ton kan vervoeren. Maar Russische Proton raketten voldoen met een laadvermogen van 20 ton veel meer aan de behoefte van de toekomst. Het onvermogen een zwaardere raket te bouwen, draagt ertoe bij dat China zijn marktaandeel dreigt te verliezen.

“We kampen altijd met geldproblemen”, klaagt de medewerker van Great Wall Industries. “En dat komt omdat we niet serieus worden genomen door het Chinese leiderschap.” De medewerker gelooft dat de centrale overheid de ruimtevaartindustrie alleen gebruikt als internationaal pressiemiddel “zonder zich af te vragen of die kostbare troef wel wat voorstelt.” Zo blijft slechts een derde van de winst die de commerciële ruimtevaart maakt, in handen van het ministerie van lucht- en ruimtevaartindustrie, de rest “verdwijnt in de zakken van het Volksbevrijdingsleger.”

De stafmedewerker zegt te weten dat de markt van Great Wall Industries wordt verpest door één van China's grootste ondernemingen in de wapenhandel, PolyTechnologies. Het bedrijf, waarvan een schoonzoon van China's opperste leider in ruste Deng Xiaoping aan het hoofd heeft gestaan en dat eerder dit jaar in opspraak is geweest in verband met de vermeende betrokkenheid bij de smokkel van wapens naar de Verenigde Staten, zou in opdracht van het Chinese leger raketten hebben gekocht bij Great Wall Industries en die vervolgens ver onder de marktprijs hebben doorverkocht aan derden. “Het is een corrupte bende die de ontwikkeling van de Chinese ruimtevaartindustrie in de weg staat”, aldus de voormalige secretaris van het ministerie.

De tegenslagen en ongunstige voorwaarden zijn volgens de stafmedewerker niet alleen te wijten aan de situatie in China zelf. “Voor een groot land als China is de opbouw van de ruimtevaartindustrie van groot belang. Als de leiders van dit land willen dat China sterk en machtig wordt dan hangt dat tevens van de groei van deze industrietak af. Maar dat is een ontwikkeling die in de weg wordt gezeten door de Verenigde Staten.”

De medewerker van Great Wall Industries, en velen met hem in China, gelooft dat de VS met alle middelen trachten te voorkomen dat China te machtig wordt. “Een concreet voorbeeld daarvan is dat de VS onvoldoende informatie verstrekken over de bouw van hun satellieten. Voor ons is dat van belang om commercieel gunstige koppelsystemen op onze raketten te bouwen. De VS weten dat.” Om die reden, zo gelooft menigeen in Peking, valt China weinig te verwijten.

Buitenlandse consumenten, verzekeraars en satellietproducenten vinden dat de Chinese ruimtevaartindustrie meer openheid dient te verschaffen. Een speciaal daartoe opgericht internationaal comité dat de veiligheidsprocedures tijdens lancering dient te controleren, opmerkelijk genoeg een initiatief van China zelf, heeft geklaagd over onvoldoende toegang tot wezenlijke informatie. En de Amerikaanse satelliet producent Hughes, ligt nog altijd met China overhoop omdat rapporten aangaande het ongeluk eind 1992 nooit zijn vrijgegeven.

Maar alle tegenslagen ten spijt, zo meent een buitenlandse marktanalist in Peking, zullen niet-Chinese consumenten geïnteresseerd blijven in het Chinese ruimtevaart programma. “De markt is uiterst krap, en overal elders moet lang vooruit gereserveerd worden. Het is gewoon een kwestie van vraag en aanbod”, aldus de analist. Ook de aanwezigheid van Hughes schept ondanks alle strubbelingen vertrouwen. “Hughes gelooft dat ze haar satellietmarkt kan veiligstellen met gebruik van de Chinese raketten. Die strategie zal voorlopig niet veranderen.”

“We hebben slechts de zorgen die gepast zijn bij een relatief riskante onderneming als de ruimtevaartindustrie”, aldus een buitenlandse satellietproducent. “Maar uiteindelijk geldt hier hetzelfde als voor veel andere buitenlandse onderneming in China; men is bereid veel geld te verliezen omdat op de lange duur zal blijken dat de investering nodig is geweest om hier een voet tussen de deur te krijgen.”