Kampen vol conflicten na 'modernisering' stadhuis

In het gemeentehuis van Kampen gaat veel mis. Maar volgens de burgemeester wordt er te veel gelet op de fouten.

KAMPEN, 21 SEPT. Het rommelt in Kampen. Een twee jaar geleden ingezette reorganisatie heeft ondanks alle inspanningen niet het moderne, frisse gemeentelijk apparaat opgeleverd dat ervan verwacht werd. Maar de burgemeester vindt dat het allemaal nog wel meevalt.

Op 1 januari 1994 begon Kampen met de reorganisatie van het gemeentelijk apparaat. De oude structuur voldeed niet meer aan de eisen van de tijd, vonden velen in de stad aan de IJssel. Het moest anders. Er diende een managementteam te komen met vier managers, die met echte produktbegrotingen de gehele organisatie zouden gaan besturen. En zo geschiedde. Maar gaandeweg kwam de gemeente er achter dat een en ander toch niet helemaal goed functioneerde. Zij besloot tot een onderzoek door een extern bureau, het organisatie-adviesbureau Mede uit Houten.

Het bureau legde na een groot aantal gesprekken met alle partijen een beerput van kritiek open. Zo is er onvrede over de manier van werken in de gemeente, is er haat en nijd tussen ambtenaren en wordt er nauwelijks open gecommuniceerd. De wethouders menen bovendien dat de burgemeester onvoldoende leiding geeft aan het college. Het college zelf is niet te spreken over de ambtelijke ondersteuning. Het stuurt regelmatig kwalitatief onvoldoende bevonden, ambtelijke adviezen terug. Ook is het college ontevreden over het functioneren van het managementteam en neemt het de uitvoerende taken over: “Hierdoor kan eenieder gemaakte afspraken op zijn eigen manier invullen, hetgeen tot machtsposities, irritatie en wederzijdse verwijten leidt bij zowel het ambtelijk apparaat als het college”, aldus Mede. En zo gaat het in het rapport bladzijdenlang door. Burgemeester H. Kleemans (CDA), die zegt dat hij eigenlijk bezwaren had tegen een onderzoek door een extern bureau, vindt het jammer dat Mede “de juiste toon niet heeft gevonden”. “Het bureau heeft veel te weinig rekening gehouden met de politieke constellatie. Ze kunnen wel zeggen dat er in het college collegiaal moet worden samengewerkt, maar dan begrijpen ze niet hoe dat gaat. Er zijn vier wethouders van vier verschillende partijen, die zijn het nu eenmaal niet altijd met elkaar eens, ook al is er nog zo veel onderlinge waardering.”

Spijt heeft de burgemeester niet van de inschakeling van Mede, al valt in zijn woorden te beluisteren dat hij liever een bureau had gehad dat tot andere conclusies was gekomen. “We hebben ze ingehuurd als alleswetende, maar we zullen zelf zeker nog de nodige nuances aanbrengen. Daar ontbreekt het aan in het rapport. Het is hier geen grote chaos. We willen veranderen, en wilden op een rijtje zetten wat er allemaal nog niet in orde was. Ik vind het groots en geweldig dat we in een democratie leven, waar je zoiets naar buiten kunt brengen.”

De kritiek van de wethouders op zijn functioneren, vindt Kleemans niet zo'n probleem. “Ik trek het me op een positieve manier aan. We zullen er zeker over praten.”

Ook gemeentesecretaris O. Pol zegt niet zwaar onder de indruk te zijn van de kritiek in het rapport. “Mede heeft dingen geconstateerd die we zelf ook al wisten. Namelijk dat er hier en daar dingen verbeterd moeten worden, maar dat er toch vooral dingen goed zijn. Bovendien gebeuren de meeste dingen die worden genoemd in elke organisatie.”