'Er is hier geen spoor van joodse geschiedenis'; Groot-Mufti Akrama Sabri over religie en politiek

JERUZALEM, 21 SEPT. Akrama Sabri, de door Yasser Arafat benoemde Groot-Mufti van Jeruzalem, ontvangt zijn bezoekers met een innemende glimlach. “Ik verwelkom U in Jeruzalem, hoofdstad van de hele wereld. Want Jeruzalem is als een kip die al haar kuikens onder haar vleugels verzamelt.”

Ik heb begrepen dat er weer problemen zijn met Israel of met het gemeentebestuur van Jeruzalem over ongeautoriseerde bouwwerkzaamheden in de Aqsa-moskee? “Er zouden geen problemen zijn tussen de joden en de moslims als de joden niet overal hun neus in zouden steken - vooral waar het onze religie betreft. De Aqsa-moskee behoort alleen de islam toe, de joden hebben hier niets te zoeken. Zij denken dat dit gebied vóór de komst van de islam aan de joden behoorde, maar dat is niet waar. Ik begrijp niet waarom ze nu weer problemen maken. Wij hebben hier niets nieuws gebouwd; het enige wat wij doen is de vloer en de muren repareren.”

De Klaagmuur is dus niet van de joden? “Deze muur, die bekend staat als de Buraq-muur, is moslim-bezit. Tot die conclusie kwam een internationale commissie in 1929. En de Volkerenbond bevestigde in 1931 dat de muur deel uitmaakt van het heilige Aqsa-gebied en dus islamitisch bezit is, maar dat de joden er éénmaal per week mochten bidden. Na 1931 hebben de joden de Buraq-muur een nieuwe naam gegeven. Later begonnen ze met opgravingen, maar ze hebben niets gevonden. Alles hier stamt uit de periode van de Omayaden, de Mamluken en de Seljuken. Er is hier geen spoor van joodse geschiedenis. In heel Jeruzalem is er geen enkele steen uit de joodse tijd. Wat zij zeggen, klopt niet.”

Heeft Jordanië toestemming gegeven voor de verbouwingen hier? “De Waqf (de organisatie die zorg draagt voor alle islamitische zaken - red.) vraagt niemand iets. Zij kan sinds de Britse mandaatsperiode doen wat zij wil. Een paar jaar geleden werd het dak van de Rotskoepelmoskee hersteld en toen maakten de Israeliërs geen enkel bezwaar. Nu proberen zij de islam tegen te houden en verhinderen zij de moslims hier te bidden.”

Is de Aqsa-moskee van de Palestijnen, de Jordaniërs of van de moslims? “De moskee is islamitisch bezit, maar de regering is nu Palestijns. De Groot-Mufti geeft de opdrachten en de sjeiks onder hem volgen die op. De Aqsa-moskee is voor alle moslims precies zoals Mekka en Medina. Er is geen verschil tussen wat president Arafat en wat de mufti zegt, omdat Al-Aqsa in Palestina ligt. Als Al-Aqsa in Egypte zou zijn, zouden de Egyptenaren die beheren.”

De Waqf in Jeruzalem wordt nog steeds betaald door Jordanië, maar U bent door president Arafat aangesteld en wordt door hem betaald. Levert dat geen problemen op? “Nee, geen enkel probleem, als de joden zich er maar niet mee bemoeien en geen problemen maken. Palestijnen en Jordaniërs begrijpen elkaar. Ik ben inderdaad door president Arafat benoemd en wordt door hem betaald als Groot-Mufti van alle moslims in Palestina, tussen de rivier de Jordaan en de Middellandse Zee, dus ook van de Israelische Palestijnen. Ik zie mijzelf als een soort islamitische patriarch of als de paus van de Palestijnen.”

Maar Jordanië heeft toch iemand anders tot Groot-Mufti benoemd? “Hij is een goede vriend van mij. Maar hij is alleen belast met de leiding over de islamitische rechtbanken.”

Er is daarover dus geen enkel conflict? “Dat was een jaar geleden (lacht) en dat ben ik helemaal vergeten. Wij hebben mufti's op de Westelijke Jordaanoever, maar ik ben de Groot-Mufti van heel Palestina.”

Zoals Arafat de president is van heel Palestina? “Het ambt van Groot-Mufti is een religieuze plicht, het is geen politiek ambt. Religieuze zaken zijn belangrijker dan de politiek en zij overschrijden grenzen. Wie staat boven mij? Ik ben benoemd door de Palestijnse regering, maar de president kent de religieuze regels natuurlijk niet zoals ik.”

Als ik u goed begrijp, bent u dus ook de Groot-Mufti van de Israelische Arabieren. Dat lijkt mij een politieke beslissing. “Het gaat alleen over religieuze zaken, die ver van de politiek staan. De moslims in Israel wilden deze band omdat zij de geboden van de islam volgen en hier in Al-Aqsa komen bidden. Elke week spreek ik over de islam, en dat doe ik voor alle moslims, waar ze ook vandaan komen. Met de mensen uit Haifa of Tel Aviv. De moslims buiten Palestina kan ik niet zo goed bereiken, maar heel Palestina is hetzelfde. Dat heeft met politiek niets te maken. Mijn preken zijn religieus.”

Maar U geeft toch ook preken met een politieke inhoud? Bij voorbeeld toen U onlangs in de Aqsa-moskee de Amerikaanse aanval op Irak aanviel? “Ik ben het niet eens met de leiders van Irak. Ik voel alleen maar mee met de Iraakse natie. Ik ben tegen Amerika omdat zij de moslims in Irak pijn doen. De Koran zegt dat alle moslims als één persoon zijn in deze wereld. Als U denkt dat dit politiek is, moet U dat weten, maar het is alleen de islamitische godsdienst. U heeft nog drie minuten.”

Als U alleen maar praat over religie wanneer U Amerika aanvalt, dat de Iraakse moslims pijn doet, waarom is hier in de Aqsa-moskee nog nooit gepredikt tegen de onderdrukking van de moslims in Kashmir door de Indiase overheid? Zijn die moslims niet van belang? “Ik doe mijn plicht op religieus gebied, en ik begeef mij niet op politiek terrein. U bent zeker geen moslim dat u deze vragen stelt?”