De billenspuiter

Mijn rolstoel kraakt en braakt steeds bouten, moeren en volg-ringetjes. Ik durf er dus niet meer mee te bouncen. Maar ook als ik gewoon rustig rij, hoor ik steeds meer geluiden die er eerst niet waren. Je bent eruit gegroeid, zegt Rineke, mijn fysiotherapeute. Dat wordt dus een nieuwe.

Precies op mijn verjaardag moet ik naar de keuringsarts. Hij zit in een soort houten klapdeurenhok midden in een grijze winkel met corsetten, krukken en donkere stoelen. Gelukkig vraagt hij niet zoals de vorige: “Zo, en kun je helemaal niet lopen?” Nee, hij ziet het meteen. Er komt een aardige meneer met een centimeter, maar de rolstoel die ik wil, staat er helemaal niet. Een met een vijfde wiel? Daar heeft nog niemand hier ooit van gehoord. Bij mijn eigen rolstoelenwinkel wel. We rijden er meteen naartoe. Het ruikt er naar nieuw. Ik voel mij extra jarig. Langs de balie racen twee kleine kinderen op driewielerfietsen. Links staat de witte aangepaste showroom-auto waar je makkelijk zelf je rolstoel in kunt schuiven en rechts is de werkplaats met de keiharde geluiden. Soms mag ik daar kijken, maar vandaag wil ik niet. Vandaag ga ik mijn eerste vijfde wiel uitzoeken, de Click en Clack. Op het revalidatiecentrum heb ik hem met Heleen al een keer geprobeerd. Je rijdt met de klikstoel recht op de klakstang af, wipt met een beugel de voorwielen van je klik omhoog en dan, klik-klak, heb je een soort snelle ligfiets. Als je met twee handen aan de handvaten voor je neus draait, vlieg je over de weg, harder en veel leuker dan een scootertje of een elektrische kar. Ik hoop dat ik hem snel krijg.

De jongen kijkt somber. Hij moet eerst nog gepast en dan besteld worden. Welke kleur vind je mooi? Ik kan niet nadenken want ik moet zo nodig naar de wc.

Hoe gehandicapt je ook bent, de firma Harting Bank verkoopt alle hulpmiddelen. Eindelijk dus een wc waar je met gemak in, op en ook nog uit komt. Ik wil opschieten, buiten is het spannender. Waar zit de doortrekknop?

Er is helemaal geen doortrekknop, er is ook geen koord, geen pedaal, niets, nergens. Misschien op de steunen links of rechts? Nee. Ik zie alleen een groot wit bord met blauwe vakken waarop tekeningetjes staan. Pictogrammen die ik niet meteen begrijp. Ik haal mijn moeder erbij. We kijken goed. “Mooi hoor”, zegt ze, “volgens mij moet je deze hebben.” Ik druk op een soort douche-plaatje. Diep in de wc-pot begint het te brommen. We kijken. Er zoemt een zilverkleurige stang uit het wit. Heftig. Hij draait, het gebrom houdt op. En dan... dan spuit er ineens een alles verblindende hogedruk-straal in mijn gezicht. Ik voel mijn moeder opzij springen, maar ik ben juist in deze winkel omdat ik dat niet kan. Ik graai naar knoppen of toetsen, maar ik zie alleen maar water.

Ik druip af. In de verte hoor ik weer gebrom. En dan het geblaas van een föhn. Mijn moeder wringt mijn t-shirt uit boven de wasbak. Haar haren druppen in haar hals en over haar linkerwang zwemt een zwart oog. We drogen ons af met papieren handdoekjes. Zo'n interessante wc hebben wij nog nooit gehad.

Ik heb voor de donkerblauwe Click en Clack gekozen, maar hij is er nog lang niet. Eén week na onze hogedruk-douche haalde Harting Bank het journaal. Afgebrand, tot op de grond. In de krant stond nog een foto van een zielig verbogen draadmandje op een half gesmolten boodschappenscooter. Als dat druktoetsenbord nou een beetje duidelijker was geweest, had de billenspuiter de zaak nog kunnen blussen.